Een nieuwe partij links van de SP.a: Versterkt dit de strijd voor iets anders dan de kapitalistische barbarij?

Printvriendelijke versieSend by email

Sinds enige tijd verschijnen er niet alleen in de ultra-linkse milieus (van de trotskistische partijen tot de stalinisten van de PvdA), maar zelfs in de burgerlijke media pleidooien over de noodzaak van een “volkspartij links van de SP.a/PS of de Groenen.” In deze logica zijn er verschillende initiatieven gelanceerd om een dynamiek op gang te brengen die zou moeten leiden tot de opkomst van een dergelijke partij.

Bovendien heeft de bourgeoisie ook een zekere aandacht besteed aan het 'verkiezingssucces' van de 'ex-stalinistische' PvdA, die het aantal van zijn gemeenteraadsleden heeft verdrievoudigd. Zij heeft in het bijzonder haar nieuwe oriëntatie naar een ‘links populisme’ naar Nederlandse voorbeeld verwelkomd. Nochtans komt die heroriëntatie een beetje laat. De stalinistische en maoïstische stempel staat er nog zo duidelijk op gedrukt dat deze nieuwe bocht van de PvdA verre van evident is.

De wedloop naar de stichting van een nieuwe partij links van de SP.a is nu volop gestart onder het waakzame oog van de bourgeoisie. In dit perspectief hebben de LSP en de SAP campagne gevoerd voor een reeks oproepen voor een 'andere politiek' (CAP = Comité voor een Andere Politiek) en een 'ander links' (UAG = une autre gauche).  Hun argumentatie gaat als volgt: “De arbeidersklasse heeft nood aan een partij die haar belangen verdedigt, die een andere stem laat horen in de debatten, die de bevolking kan informeren en mobiliseren, en die weigert zich te plooien naar de neo-liberale logica die er op gericht is om af te rekenen met al wat onze grootouders en ouders door strijd verworven hebben. Het is mogelijk! In Duitsland heeft een nieuwe formatie, de Linkspartei, pas nog 8,7% behaald bij de laatste parlementsverkiezingen. In de beweging tegen de hervormingen van Schröder, hebben syndicalisten van verschillende vakbonden zich verenigd met andere activisten in een campagne voor de nieuwe partij. Dit heeft geleid tot de oprichting van de WASG, die zich samen de PDS aangeboden heeft bij de verkiezingen onder de naam Linkspartei” (Website van de LSP/MAS). Voor deze fans van een ‘ander links’ was zaterdag 28 Oktober een grote dag, want toen is er in Brussel een ‘Comité voor een Andere Politiek’ (CAP) opgericht rond een reeks van persoonlijkheden van de socialistische en syndica-listische linkerzijde (zoals de ex-volksvertegenwoordiger Sleeckx en de vroegere baas van de socialistische vakbond Debunne) en men heeft meteen beslist om deel te nemen aan volgende parlementsverkiezingen.

En voor de arbeiders? Is deze nieuwe partij, is dit ‘ander links’, deze ‘andere politiek’ werkelijk een bijdrage tot hun strijd?

Een “andere politiek” in de schoot van de burgerlijke staat en zijn parlement?

De overduidelijke anti-arbeiderspolitiek van de socialistische partijen SP.a/PS, die al 18 jaar in de regering zitten, net zoals de corruptie en de schandalen die hen geregeld teisteren, maken dat vele elementen  die op zoek zijn naar een alternatief tegenover de barbarij van het wegrottende kapitalisme zich van hen afkeren. Daarmee geconfronteerd kan het logisch lijken om die mensen op te roepen tot het opbouwen van een 'echte linkse partij' om hun belangen te verdedigen in het vertegenwoordigingssysteem van de burgerlijke staat, van de gemeente of van het nationale parlement. Maar het is niet de eerste keer dat een partij zich opwerpt als manifestatie van een 'ander links' en oproept om voor haar te stemmen met de belofte van een 'andere politiek': van verschillende ‘communistische’ partijen tot de PDS in Duitsland of de ‘Arbeiders partij’ van Lula in Brazilië, hebben deze partijen 'links van de SP.a/PS' dat allemaal beloofd. Het heeft hen niet gehinderd om, van ‘president’ Lula tot de ‘ex-communisten’ in Frankrijk of in Duitsland, een politiek van versterking van het nationale kapitaal te voeren en te ondersteunen. Evenzo in Italië, waar de Partito de Rifundazione Comunista tot de sociaal-liberale coalitie van Romano Prodi toegetreden is en bevestigt dat het bereid is tot ‘regeren’, dat wil zeggen om de nodige maatregelen te nemen om de concurrentiekracht van het nationale kapitaal te versterken.

Voor de revolutionairen was het verraad van de socialistische partijen, en later dat van de ‘communistische’ of ‘arbeiderspartijen’ geen toeval, geen ongelukje of een gevolg van slechte leiders. Het is het resultaat van de evolutie zelf van het kapitalistische systeem en van zijn huidige fase. In de huidige fase van zijn verval, van de wereldcrisis, van de chaos en de veralgemeende oorlogen, is het geheel van de burgerlijke staten geëvolueerd naar een systeem waarin de partijen niet langer de uitdrukking zijn van de strijd tussen burgerlijke fracties om de controle over de staat, maar waarin het geheel van de partijen het uitvloeisel zijn van de belangen van het nationale kapitaal en meewerken aan de verdediging ervan in de machtsstrijd tussen de imperialistische rovers op internationaal vlak.

Geloven dat in een dergelijke context, die geheel onder controle staat van de burgerlijke staat, zich een partij zou kunnen ontwikkelen die opkomt voor de belangen van de uitgebuiten in het kader van het parlementaire verkiezingssysteem, en zelfs de macht zou kunnen veroveren, betekent zichzelf sprookjes vertellen, zich in slaap wiegen met illusies.

In het begin van de twintigsteeeuw hebben de opportunistische fracties in de schoot van de Sociaal-Democratie, verblind door de exponentiële groei van het kapitalisme en de indrukwekkende ontwikkeling van hun eigen krachten, de illusie verspreid van een geleidelijke overgang naar het socialisme via een overname van de controle over de burgerlijke staat door middel van de hefboom van de verkiezingen. Honderd jaar later, na twee wereldoorlogen, verschrikkelijke economische crises en een groeiende chaos en barbarij over de hele planeet, kan het naar voren brengen van een dergelijke opvatting slechts worden beschouwd als een onbeschaamde misleiding die de bedoeling heeft om de arbeiders op te sluiten in een suicidaire koers.

Een “andere links” om bij te dragen tot de bewustwording van de arbeiders?

Wanneer er twijfels worden geuit over het nut van een dergelijke partij in het kader van het parlementaire systeem, krijgen we van de ultralinksen als antwoord in het oor gefluisterd: “Wij laten ons niet bedotten. Wij weten dat deze nieuwe partij niet de revolutionaire partij zal zijn, dat deze of gene politieke- of vakbondsleider nog verraad zal plegen, maar deze negatieve ervaring is een onontkoombare fase voor de arbeiders om te leren wie de werkelijke revolutionairen zijn” (MAS, Voor een nieuwe arbeiderspartij, 06.04.06) Deze aanpak stemt volop overeen met de manipulatorische visie van de klassenstrijd, die eigen is aan trotskistische groepen, die vinden dat de arbeidersklasse een schaapachtige massa is die men in de ene of andere richting kan leiden. Laten geloven dat het opsluiten van de arbeiders in een reformistische logica en een perspectief van zelfmoordacties de bewustwording zou stimuleren, getuigt van cynisme zonder grenzen. In plaats van te steunen op de ervaring van haar eigen kracht en organisatie die de arbeidersklasse kan verwerven in de strijd, stelt de LSP/MAS als perspectief voor de bewustwording… de individuele ervaring van ‘elke arbeider apart’. De democratische misleiding verandert ‘elke arbeider apart’ in een ‘burger’ die alleen in het stemhokje staat, met de illusie dat zijn stembriefje invloed gaat hebben op zijn sociale levensvoorwaarden. De ultralinkse aanpak beweert dat men moet vertrekken van de illusies van de arbeiders om ze mee te slepen in een negatieve ervaring opdat zij bewust zouden worden. Beweren dat het bewustzijn ontstaat uit verwarring, uit de misleiding en de ontmoediging, getuigt van het meest verachtelijke cynisme en maakt het ondertussen mogelijk om de arbeidersklasse op te sluiten in de democratische campagnes van de bourgeoisie.

Een nieuwe arbeiderspartij om de belangen van de heersende klasse te redden

Wanneer de arbeidersklasse er geen enkel belang bij heeft om op te komen voor de oprichting van een nieuwe linkse partij, hoe is het dan met de bourgeoisie gesteld? Geconfronteerd met het ongeloofwaardig worden van de ‘klassieke’ linkse partijen, heeft ze er ongetwijfeld belang bij dat nieuwe, meer geloofwaardige krachten de fakkel overnemen: krachten die niet ongeloofwaardig zijn door het uitoefenen van de macht maar die de arbeidersklasse, via hun radicale taal en imago, naar dezelfde valstrikken van het parlementarisme en de illusie van de strijd voor hervormingen binnen de burgerlijke staatsstructuren leiden.

Vanuit dit gezichtspunt leveren organisaties als de LSP, SAP of de PvdA, daadwerkelijk puik werk af… ten dienste van de bourgeoisie. Voor deze organisaties zou het inderdaad voor de arbeiders een prioriteit moeten zijn om zich in te zetten om een partij die ‘linkser’ is dan de SP.a/PS naar het burgerlijk parlement te sturen. Het eerste doel is dan ook om actief aan de verkiezingen deel te nemen, een programma uit te werken voor systeemhervormingen, persoonlijkheden op de voorgrond plaatsen zoals Sleeckx en Debunne, die burgerlijke politici zijn, vakbondsleiders die zich altijd hebben opgesteld voor de verdediging van de belangen van de staat en tegen de arbeidersklasse. Kortom, om met radicale taal politieke praktijken en programma’s te bemantelen die burgerlijk zijn. De referentiepunten van deze nieuwe arbeiderspartij zijn eveneens overschotten van stalinistische partijen zoals de PDS in Duitsland (ex-communistische partij in de ex-DDR), de WASG van Lafontaine (ex-leider van de SPD), Rifondazione (overblijfsel van de ex-Communistische Partij van Italië), de Socialistische Partij in Nederland (een ex-maoïstische partij die zich tot het linkse populisme heeft bekeerd). Om het nog maar niet te hebben over de PT van Lula in Brazilië en de oude en nieuwe ultralinkse iconen van Latijns-Amerika, zoals Castro, Morales of Chavez. Ziedaar de referenties die de arbeiders moeten overtuigen om eindelijk eens vertegenwoordigers naar het parlement te sturen die komaf zouden maken met de bezuinigingspolitiek.

Het doel van deze campagnes voor een ‘echt links’ komt in werkelijkheid helemaal niet neer op het bieden van een perspectief aan de strijd van de arbeidersklasse, maar in tegendeel op het afleiden van het ongenoegen dat steeds meer tot uiting komt in doodlopende acties. Om zo de bewustwording en het nadenken in de schoot van het proletariaat omtrent de perspectieven en strijdmiddelen tegenover de groeiende barbarij van de burgerlijke maatschappij te vermijden. De druk van de crisis en de soberheid overal in Europa stimuleert de hervatting van de strijdbaarheid van de arbeidersklasse, die zich overal ter wereld met steeds meer kracht begint af te tekenen. In België heeft de strijd tegen het ‘generatiepact’ eind 2005 eveneens een begin laten zien van strijdbaarheid. En de bourgeoisie heeft begrepen dat deze hervatting van de strijdbaarheid, ook al is ze er in geslaagd om de arbeiders een nederlaag in de maag te splitsen (de wet is doorgevoerd) tevens vergezeld gaat van een begin van bewustwording over het feit dat de nederlaag het resultaat is van de vakbondssabotage. Het doel van de campagne rond een ‘ander links’ is dus om de onvrede en dit begin van bewustwording om te leiden naar het terrein van de verkiezingen. Daar speelt de propaganda voor een nieuwe arbeiderspartij op in. Ze probeert de illusies in de meest strijdbare vakbonden te doen herleven en in de mogelijkheid om de zaak van de arbeiders in het parlement of in de gemeenteraad te verdedigen. De bourgeoisie bereidt zich voor op een nieuwe periode van confrontatie tussen de klassen die bevestigd wordt door de mobilisatie van de jongere generaties van proletariërs tegen de CPE (startbanencontract) in Frankrijk. Daarin kwamen immers de nieuwe kenmerken van de arbeidersstrijd tot uiting, zoals de solidariteit in de strijd en het in handen nemen ervan door de Algemene Vergaderingen (zie Internationalisme, nr. 326, De beweging tegen de CPE: een rijke ervaring voor de komende strijd).

“De arbeiders de verwarring en de misleiding insturen opdat ze duidelijk inzicht zouden verwerven”: dat is nu een van de meest cynische doelen van de campagne rond de “echte linkse partij”. Het illustreert perfect de vuile rol de deze ‘revolutionairen’, die de trotskisten of de PvdA beweren te zijn, in werkelijkheid spelen: de elementen die op zoek zijn naar een werkelijk alternatief tegen het kapitalisme terugleiden naar de verdediging van de democratie en de strijd voor hervormingen, om bij hen elke dynamiek van bewustwording te vernietigen.

Betekent dat nu voor ons dat een politieke organisatie nutteloos is? Wel in tegendeel, wij bevestigen dat een revolutionaire politieke organisatie onmisbaar is, maar in geen geval de arbeidersklasse mag lanceren op het zelfmoordspoor van het reformisme, en nog minder om zich in te zetten op het burgerlijke terrein van de gekozen vertegenwoordiging in de organen van de kapitalistische staat. In tegendeel haar rol bestaat er in de historische ervaring van de klassengevechten te verdedigen en in de voorhoede van haar bewustwording te zijn, juist door zonder toegevingen alle illusies te bestrijden in de democratie, in de vakbonden, in links in het algemeen. Het behoort tot haar verantwoordelijkheid om de meest markante ervaringen van de strijd te veralgemenen, de ervaringen die de dynamiek van de politisering van de nieuwe generaties van proletariërs onderstrepen, zoals de strijd tegen de CPE, of andere gevechten, de stakingen van de Metro in New York, bij Mercedes-Benz in Duitsland, die van de metaalarbeiders in Vigo in Spanje, waarin overal de kenmerken opdoken van proletarische solidariteit, de Algemene Vergaderingen net als de eis tot directe onderhandelingen met de tegenstander, zonder vakbondsbemiddeling (zie Internationalisme, nr. 326). En daar waar het mogelijk is, komt de IKS tussen als een revolutionaire organisatie, zonder het oppeppen van enige illusie. De arbeidersklasse heeft er behoefte aan om haar zwakheden te leren kennen als troeven om zich voor te bereiden op de komende strijd, want alleen de waarheid is revolutionair.

J. & J. / 01.11.2006

Territoriale situatie: