Na de verkiezingen in Nederland: Zowel rechtse als linkse hervormingen betekenen besparingen

Printvriendelijke versieSend by email

De vijfde landelijke verkiezingen in Nederland in tien jaar zijn uitgedraaid op een groot succes voor de .... ganse Nederlandse bourgeoisie. Dank zij een doorgedreven campagne slaagde zij er enerzijds in om het “eerlijke verhaal” van het samen offers brengen om uit de crisis te geraken ingang te doen vinden bij de bevolking en anderzijds ook om het nationalistische chauvinisme  tegen de “profiteurs uit het Zuiden” aan te scherpen. Wat de resultaten betreft, mondt dit uit niet enkel op een geslaagd indijken van de populistische partijen, die tot controleerbare proporties herleid werden, maar vooral tot een gevoelige versterking van de twee partijen die burgerlijk-rechts en burgerlijk-links bij uitstek vertegenwoordigen : de VVD en de PvdA.

Het “eerlijke verhaal” van de onontkoombare besparingen

Op basis van de leuze ‘het eerlijke verhaal vertellen’ hebben alle partijen een oorverdovend media-offensief gelanceerd, waarbij er iedere dag herhaald werd dat ‘we’ alleen gezamenlijk uit deze crisis komen: “sterker en socialer” (PvdA), “samen kunnen we meer” (CDA). De inzet van de campagne was om de uitgebuite lagen in de maatschappij, en in het bijzonder de arbeidersklasse, voor de valse keuze te plaatsen tussen veel of nog meer dan veel te bezuinigingen.

Geconfronteerd met de ernstige economisch-financiële problemen proberen de burgerlijke ideologen ons wijs te maken dat er oplossingen mogelijk zijn. Daarvoor zouden we echter wel bereid moeten zijn de komende jaren pijnlijke ingrepen te aanvaarden, zoals in de gezondheidszorg, in de werkloosheidsuitkering, de pensioenen, enzovoort. Dat valt volgens de politici, van zowel rechts als links, niet te vermijden. Alle partijen hebben hun verkiezingsprogramma’s door het CPB laten doorberekenen en daaruit blijkt overduidelijk dat alle partijen nagenoeg staan op één lijn staan. Er bestaat nauwelijks verschil tussen de plannen van de verschillende partijen en ze komen er niet omheen ‘het eerlijke verhaal vertellen’.

Nog meer bezuinigen was dan ook het enige uitgangspunt, waarin alle verkiezingsdebatten tussen de politici plaatsvonden. Een andere mogelijke weg is in haar ogen uitgesloten. Op een vraag van een journalist "Moeten we niet eens nadenken over de manier waarop we dit alles hebben ingericht?” antwoordde Buma Haersma, lijsttrekker van de CDA: “Ja, als we dat gaan aansnijden, dan wordt het allemaal te ingewikkeld (…) Dus kunnen we het maar beter hebben over concrete maatregelen die concrete gevolgen voor concrete programma’s hebben.” (1)

Waarom is dit zo ? Heel eenvoudig: omdat door de ernstige verergering van de wereldwijde economische crisis, sedert 2007, alle regeringen dezelfde bezuinigingspolitiek moeten voeren. Daarbij bestaat geen verschil tussen rechts of links, behalve misschien in de taal die ze gebruiken of de kleur van het papier waarin ze de zogenaamde hervormingen verpakken.

Euro-scepticisme als een lokmiddel voor het nationalisme

De bourgeoisie in Nederland kent maar één ‘oplossing’: de opvoering van de moordende concurrentie met de economieën van de andere landen, ook ten opzichte van die van de andere landen binnen Europese Unie zoals Italië, België, Finland, enzovoort. Europa is als een horde wolven die elkaar te lijf gaan om de laatste resten te bemachtigen van de kadavers, zoals Griekenland, die ze steeds nadrukkelijker op haar roofpad dreigt achter te laten. Dat is de enige manier die de kapitalistenklasse in Nederland ziet om de nationale belangen van haar economie te verzekeren.

Op dit vlak is ze wel altijd zorgvuldig te werk gegaan, want ze kan er natuurlijk niet openlijk voor uitkomen dat ze een systeem probeert te doen voortleven, dat bestaat op basis van een moordende concurrentie met andere nationale kapitalen. In de huidige periode, van ongekende harde aanvallen in een reeks van Europese landen, wordt het echter steeds moeilijk om dit verborgen te houden. Naarmate de crisis zich verdiept en de aanvallen zich veralgemenen, zal ze steeds meer problemen hebben om haar werkelijke aard voor haar klassevijand te verbergen.

Om te voorkomen de concurrentie op leven en dood tussen de naties door de klasse van werkers doorzien wordt, trekt de heersende klasse in Nederland nu vooral een mist op van het chauvinisme, in de vorm van een anti-Europese campagne. Alle partijen in Nederland zijn verenigd in deze zelfde 'euro-sceptische' campagne. "Nergens anders in Europa is de eurohaat zo intens en zo wijdverbreid is als in Nederland.. Nedergif, noemt een hooggeplaatste EU-ambtenaar het. En we (Europa) appreciëren het nog minder dan de nederwiet" . (De Volkskant, 2012-08-04)

Het meest opmerkelijke bewijs van het wantrouwen van de Nederlandse heersende klasse in Europa was de houding van Minister-president Rutte op de laatste Eurotop, eind juni in Brussel. Toen hij zijn handtekening moest zetten onder het akkoord over 'Europees bankentoezicht en noodsteun' bleef Rutte lange tijd weifelen. Hij verklaarde zijn talmende houding met: "ik kan niet tegen de wensen van de Tweede Kamer ingaan." (Idem) Uiteindelijk werd hij, middels een uitval van de Cypriotische president Demetris Christofias, door Merkel op zijn plaats gezet en zette hij alsnog zijn handtekening.

“Dat de verkiezingen over Europa gingen, was in alle Europese hoofdsteden genoegzaam bekend. Alsook het feit dat nergens anders in de EU de eurohaat zo intens en zo wijdverbreid is als in Nederland. (...) Zonder uitzondering waarschuwen ze voor de gevolgen als Nederland na de verkiezingen volhardt in zijn afkeer van Brussel”. (Idem) In deze anti-Europese campagne speelt de PVV niet de meest belangrijkste, maar wel de meest karikaturale rol. De leuze: 'de dictatuur van Brussel'  is een lijfspreuk die vooral de populistische PVV zich aanmeet. Maar aan de andere kant bespeelt de SP, met de lijfspreuk "over my dead body" van Roemer, niet minder de anti-Europese gevoelens van de bevolking in Nederland. En wel op zo’n openlijke en grove manier, dat leden binnen de partij openlijk hun stem beginnen te verheffen: “In de SP mag geen plaats zijn voor nationalisme en mag er niet mee gespeeld worden om beter te scoren in de peilingen, ook niet een klein beetje.” (2)

Henriete Roland Holst erkende in haar tijd al het gevaar van het nationalisme voor de geestesgesteldheid binnen de arbeidersklasse, een vergif dat al de poriën van haar bewustzijn kan doortrekken. “De koorts van het nationalisme, .... het instinct van collectief nationaal zelfbehoud, overstemt alom het revolutionaire klassenbewustzijn: ....  de heilige eenheid (van de natie – Dellix) komt door heel West- en Centraal-Europa tot stand”, wat er toe leidt dat “de proletarische klassenstrijd alom wordt uitgeschakeld.” (De revolutionaire massa-aktie; hoofdstuk 7) Een dergelijke ideologie keert zich uiteindelijk tegen de arbeiders zelf en sluit hen op in een visie van ‘Nederlanders' aan de ene kant en ‘buitenlanders' aan de andere kant. Hierdoor wordt hun gemeenschappelijk klassebelang ontkend en worden ze gekneveld in de valstrik van het nationalisme. Zonder strijd op te nemen kunnen de arbeiders onmogelijk ontsnappen aan de besmetting van deze ideologie.

Het nationalisme maakt volkomen deel uit van de kapitalistische ideologie. Elke nationale bourgeoisie kan slechts overleven door economisch (en militair) te wedijveren met haar rivalen. De cultuur, de media, het onderwijs, de sportindustrie, al deze burgerlijke ideologieën verspreiden onophoudelijk hun gif om de arbeidersklasse te lijmen aan de natie. (De arbeiders beginnen het nationalisme in vraag te stellen; Internationalisme 42)

Rechtse of linkse “hervormingen”: altijd besparingen

Om de ingrepen in de inkomens en subsidies te kunnen realiseren moet de bourgeoisie zo snel mogelijk een politieke opstelling in elkaar flansen met de meest doeltreffende regering en de meest geloofwaardige oppositie. Op dat vlak kan het gelijktijdige triomf van de “rechtse” VVD en de “linkse” PvdA wel voor enige spanning zorgen binnen de Nederlandse bourgeoisie. Binnen de Europese bourgeoisie bestaat immers een reëel meningsverschil over de wijze waarop gevolgen van crisis bestreden moeten worden. Het is de keuze tussen de politiek van meer bezuinigen, die vooral door Duitland wordt verdedigd, of de politiek van meer stimuleren, die door landen als Frankrijk wordt voorgestaan. Maar ook stimuleren betekent niet dat er op het vlak van de aanvallen gas teruggenomen wordt. Sinds het moment dat louter bezuinigen niet meer gezien wordt als een reëel perspectief, heeft de bourgeoisie een eufemisme bedacht wat ook de arbeidersklasse gemakkelijker om de tuin leidt: ‘hervormingen’. Achter ‘hervormingen’ verschuilt zich een politiek waarbij het kleine beetje, dat met de ene hand gegeven wordt, met de andere hand dubbel en dwars wordt teruggepakt.

Uit recent onderzoek van het Instituut voor Budgetvoorlichting, Nibud, blijkt dat van de 7,2 miljoenen huishoudens in Nederland zo’n 27 % betalingsachterstanden heeft. Achter ruim twee miljoen voordeuren is het financieel tobben. Bij zo’n 700.000 huishoudens is het een uitzichtloze financiële crisis (De Telegraaf van 2012-09-06). Deze materiële omstandigheden vormen de basis voor het succes van de bourgeoisie om het grootste deel van de niet-uitbuitende bevolking mee te krijgen in haar 'reformistische' bezuinigingspolitiek, omdat ze haar een beeld voorhoudt dat we z'n allen in hetzelfde schuitje zitten. Zo slaagt ze er in om de Nederlandse bevolking haar 'hervormingspolitiek' aan de broek te smeren.

Zelfs ultralinks, in de persoon van een sympathisant van Socialisme Nu, doet een duit in het zakje door de anarchisten, zoals die van De Vrije Bond, die actief campagne voeren tegen de zinloosheid van de parlementaire politiek en de verkiezingen en oproepen niet te gaan stemmen, voor de voeten te gooien dat “de achilleshiel van het anarchisme ( ....) namelijk geen raad weet met het reformisme, niet alleen als een politieke stroming maar ook als een sociale realiteit (namelijk miljoenen mensen die geen revolutionair, maar een reformistisch bewustzijn hebben en vinden dat kleine verbeteringen op dit moment de enige oplossing zijn)”.(3) Ultralinks roept dus op om ons neer te leggen bij de 'hervormingspolitiek', waarbij ons met aan de ene hand een kluif wordt toegeworpen om vervolgens met de ander hand het hele bord voor onze neus weg te graaien. De kluif die ons wordt toegeworpen, wordt door Socialisme Nu betiteld als de “kleine verbeteringen” die “op dit moment de enige oplossing zijn”. Het zou te gek zijn met nog meer cijfers aan te komen zetten, maar dat dit is een grove leugen is, laten de recente gegevens van het Nibud wel zien. Iedereen met een beetje besef voor realiteit weet dat driekwart van de bevolking in Nederland er in de laatste jaren onmiskenbaar in inkomen op achteruit is gegaan, terwijl de dagelijkse uitgaven alleen maar toenemen.

Strijd voor een ander systeem middels zelfgeorganiseerde beslissingen

Het voorbije ideologische offensief van de bourgeoisie in Nederland is zo goed als geslaagd te noemen. Op een kleine, meer politiek bewuste minderheid na, is ze er niet alleen in geslaagd de arbeiders op te sluiten in een valse keuze, maar ze ook voor een groot deel mee te slepen in een nationalistische anti-Europa-campagne. Er bestaat geen direct verband tussen de verkiezingscampagne van de bourgeoisie en de arbeidersstrijd. Zoals in het verleden al eens meer is gebleken, kunnen de arbeiders, ook in de periode rondom de verkiezingen, de strijd opnemen tegen de aanvallen op hun levensvoorwaarden. Maar kenmerkend voor de huidige situatie in Nederland is dat er nagenoeg geen strijd op het klasseterrein plaatsvindt.

Het kapitalisme is in verval, zoals de slavernij in de vervalperiode van het Romeinse keizerrijk of het feodale systeem in de dagen van de absolute monarchie. De schuldencrisis is alleen maar een symptoom, een uitdrukking van dit verval. Het kapitalisme, dat onmenselijke, dodelijk zieke systeem, moet en kan vervangen worden door een wereld zonder klassen, uitbuiting, winst en concurrentie. Zo’n wereld kan slechts tot stand komen door de massa’s, van werkenden in flexibele banen, werklozen, gepensioneerden, jonge mensen in precaire part-time banen te verenigen in de strijd. Als stemmen gebruikt wordt om dingen werkelijk te veranderen, zullen het de ‘stemmingen’ zijn door onszelf, de uitgebuiten, georganiseerd – de stemmen, die uitgebracht worden in algemene vergaderingen, waar we collectief beslissen hoe we moeten strijden tegen de staat en haar repressieve en ideologische vertegenwoordigers.

Dellix /12.09.2012

 

Voetnoten

(1) Woordelijk verslag van Frénk van der Linde in het tv-programma Dit was het nieuws, van 8 sept 2012

(2) Uit: Een brief aan leden van de SP en Doorbraak en Spelen met nationalistisch gevoel is levensgevaarlijk; Sjaak van der Velden, hoofdredacteur van Spanning, het wetenschappelijke blad van de SP

(3) Reactie van Joost op de weblog van RooierAvotr, 31-08-2012.

Geografisch: 

Territoriale situatie: