NavigatieErfenis van de Kommunistische Linkerzijde |
Herman Gorter, door Anton Pannekoek, 1952Ingediend door IKSonline op wo, 2007-10-31 15:58.
categorieën :
15 september 2007 was het tachtig jaar geleden dat Herman Gorter overleed in een Brussels hotel. Tien jaar geleden verscheen de tot dusverre uitvoerigste biografie van Herman Gorter, interessant voor wat betreft zijn leven, maar beslist onvoldoende voor wat betreft zijn politieke betekenis (1). Daarom publiceren we hieronder een artikel van Anton Pannekoek uit 1952, ter gelegenheid van het 25-jarig overlijden van Herman Gorter, dat in kort bestek veel beter zijn ware betekenis verwoordt, en dat eveneens in het Frans, Duits en Engels verscheen. Herman Gorter is tot het Socialisme gekomen langs de weg van de theorie. Als jong dichter van “Mei” nam hij deel aan de sterke opbloei van de dichtkunst in de jaren tachtig, weerspiegeling van een economische opbloei, de opkomst van het kapitalisme in Nederland. Daarna teleurgesteld over het inzinken van deze bloei, zoekende naar de oorzaken, waardoor slechts nu en dan grote dichtkunst in de geschiedenis van de mensheid optrad, kreeg hij ten slotte de geschriften van Marx in handen. En hier vond hij wat hij zocht. Marx leerde hem de geschiedenis begrijpen als een stoffelijke en geestelijke ontwikkeling van de mensheid, gedragen door de economische ontwikkeling. Telkens, zo begreep hij nu, wanneer een nieuwe productiewijze opkwam en een nieuwe klasse tot heerschappij bracht, kwamen de dichters op, die haar grootheid en overwinning bezongen. Maar Marx leerde hem daarbij ook het kapitalisme kennen als het laatste stelsel van uitbuiting der arbeidende massa’s door een heersende klasse, en toonde hem, hoe de arbeidersklasse door haar revolutie, door zich meester van de productiemiddelen te maken, een nieuw stelsel van arbeid tot stand zal brengen zonder klassentegenstelling en uitbuiting. In de S.D.A.P.In de S.D.A.P., waartoe hij was toegetreden, was hij al spoedig een van de meest gezochte propagandisten. Maar reeds na enige jaren kwamen de conflicten met de politieke leiders, met name Troelstra. In West-Europa was sinds 1895 een gunstige conjunctuur en een sterke ontwikkeling van het kapitalisme ingetreden, die de arbeiders in sterker strijd in vakbeweging dreef, en tevens de noodzaak en de mogelijkheid voor een modernisering van het kapitalisme door sociale hervormingen schiep. Daar de burgerlijke politici, naar de oude liberale beginselen, geheel ingesteld waren op de winstbehoeften van de kapitalisten, moest de strijd voor hervormingen door de socialistische politici gevoerd worden. Daar deze rekenden in het parlement meer te kunnen bereiken, naarmate ze daar meer macht kregen, trachtten zij zoveel mogelijk kiezers en zetels te winnen door een reformistische politiek. De Marxisten, die de verheldering van socialistisch bewustzijn in de arbeiders als hoofddoel van de propaganda beschouwden, zagen in het aankweken van reformisme een bron van verzwakking in de klassenstrijd. Imperialisme en wereldoorlogIntussen voltrokken zich op internationaal terrein ontwikkelingen, die ook op de beweging in Nederland terugwerkten. Men had hier in de afgelopen [periode] de internationale strijd tegen het reformisme meegemaakt. Dat, theoretisch telkens verslagen, praktisch steeds meer aan de winnende hand was. Maar nu kwam een andere strijd op. De opbloei van het kapitalisme betrof vooral Duitsland, dat in zijn groot-industriële ontwikkeling alle landen van Europa achter zich liet en Amerika opzij streefde. De Duitse bourgeoisie, eiste haar aandeel in de exploitatie van de verre werelddelen en wapende zich om wereldmacht te veroveren. In Duitsland wilde de uiterste linkerzijde van de S.P. met krachtiger strijdmiddelen, met massa-actie en massastaking van de arbeiders, daartegen optreden. Maar zij vond een nieuwe meerderheid tegenover zich van oud-radicale partij-bureaucratieën, de reformisten. Tegen het dreigend oorlogsgevaar werd in Basel in 1912 een vredescongres gehouden, waar mooie redevoeringen tegen de oorlog werden afgestoken. Gorter was er heen gegaan om een discussie te bewerken over de praktische middelen, waardoor de arbeiders tegen de oorlog zouden kunnen strijden. Maar de discussie werd afgesneden, omdat, zei men, dat het blijken van onze meningsverschillen omtrent de middelen de grote indruk van onze eensgezindheid bij de regering zou verzwakken. Het was natuurlijk net omgekeerd: de regeringen wisten nu, dat zij van de socialistische partijen geen ernstige tegenstand hadden te duchten. In 1914 brak de wereldoorlog uit. Het was een catastrofe van de socialistische arbeidersbeweging ; het was tevens de eerste fase van de ondergang van het Europese kapitalisme. De Russische en Duitse revolutieWat Gorter in deze catastrofe het diepst trof, was de gewilligheid, waarmee de arbeiders in alle landen zich zonder verzet aan de oorlog en de nationalistische propaganda onderwierpen. In zijn geschrift over het imperialisme en de wereldoorlog zegt hij het scherp: gij hebt de hervormingen gewild, niets dan hervormingen; nu hebt ge gekregen: oorlog, ondergang, dood! Maar hij rekende er ook op, dat de ervaring van de oorlogsellende het proletariaat tot verzet en revolutie zou brengen. Hij zag nu hoe zware strijd de arbeiders wachtte; en met die grotere helderheid van een nabije revolutie werk hij zijn dichtwerk “Pan” uit tot een veel groter rijkdom van detail. Het conflict met de Derde InternationaleVan uit Rusland kwam nu echter de aanwijzing van een andere tactiek: de kommunistische partijen groot en machtig maken door zoveel mogelijk leden en groepen uit de socialistische partijen en winnen, en wel door deel te nemen aan parlementsverkiezingen. Dit vond fel verzet bij tal van aanhangers die als vroegere linkse oppositie in de S.P. alle bederf kenden, dat van het parlementarisme uitging. De meerderheid van de Duitse K.P. was ertegen; maar door een gemene knoeiing van het partijbestuur werd zij uitgesloten, waarop ze een nieuwe partij, de K.A.P., oprichtte. In tal van artikelen in “De Nieuwe Tijd” bestreed Gorter deze nieuwe tactiek. Het griefde hem diep, dat in het oude socialisme zulk een belemmering van goede klassenpolitiek was geweest, nu de kern had aangetast van wat de centrale macht van de wereldrevolutie moest zijn. Het West-Europees Bureau werd door Moskou gediskwalificeerd. Tegen de Duitse en andere oppositie schreef Lenin zijn boekje over het radicalisme als kinderziekte. Gorter, als woordvoerder van de revolutionaire richting, antwoordde hem in zijn “Open Brief aan Lenin”, weldra in het Duits, Frans en Engels vertaald. Hij wees er op, dat de methode van Rusland, waar de boeren aan de zijde van de arbeidersrevolutie hadden gestaan, in West-Europa onbruikbaar moet zijn, omdat de boeren hier over de grond beschikken en kapitalistisch voelen, zodat de arbeiders van hen geen hulp, maar enkel tegenstand te verwachten hebben. De arbeiders in het Westen staan alleen en moeten dus over veel diepere kracht beschikken. Naar nieuwe oriëntatieHet werd nu stiller om hem heen; de kring van zijn medestanders was kleiner geworden. Maar zijn geestelijke kracht was ongebroken. Helderder dan tevoren zag hij nu de maatschappelijke ontwikkeling. Met de Duitse arbeiders van de K.A.P. werkte hij samen, door het schrijven van artikelen en brochuretjes, om de denkbeelden van het radenstelsel verder uit te werken en te verhelderen. Uit deze discussies hebben zich de groepen van “Internationale Kommunisten” gevormd, die in latere jaren wezen en betekenis van de arbeidersraden tot nog groter klaarheid zouden brengen. Tegelijkertijd verdiepte hij zich nu in literair werk. Zijn studiën over de grote dichters uit de wereld-literatuur werkte hij nu breder uit. In het huis in de Verbrande Pan, waar hij, zwervend over duin en strand, de meeste tijd doorbracht, schreef hij het gedicht “De Arbeidersraad”, een epos van de arbeid, een wijde visie op de ontwikkeling van de wereld en de maatschappij. Plannen voor nog groter werk had hij; maar zijn gezondheid, in lange jaren van strijd ondermijnd, begaf het. Ziek uit Zwitserland terugkerend, stierf hij op 15 september 1927 in een hotel in Brussel. (1) Herman de Liagre Böhl, Herman Gorter 1864-1927, met al mijn bloed heb ik voor u geleefd, Amsterdam, Uitgeverij Balans, 1996, 559 p.; herdrukt Amsterdam, Uitgeverij Contact, 2000, Serie Olympus. Politieke stromingen en verwijzingenOntwikkeling van proletarisch bewustzijn en organisatie |
Zoeken
Plaats uitdrukkingen tussen dubbele aanhalingstekens ("").
IKS nieuwsbriefBlijf op de hoogte van ons laatste nieuws! Discussiebijeenkomsten
Google Zoeken |