De mobilisatie van de Verontwaardigden in Spanje en zijn weerslag in de wereld: een veelbelovende beweging voor de toekomst

Printvriendelijke versieSend by email

De beweging van '15-M' in Spanje – een naam die ontleend is aan de datum waarop ze opgericht is, 15 mei – is een gebeurtenis van groot belang met ongeziene kenmerken. In dit artikel willen wij de meest markante episodes beschrijven en telkens de lessen en de perspectieven uiteenzetten, die er voor de toekomst uit getrokken kunnen worden.
Door verslag uit te brengen van wat er werkelijk gebeurd, is kunnen we een noodzakelijke bijdrage leveren tot het begrijpen van de dynamiek, die de internationale klassenstrijd aanneemt. Het zijn de massale bewegingen van vandaag, die de arbeidersklasse zullen helpen om opnieuw zelfvertrouwen te krijgen en haar de middelen zullen aanreiken een perspectief te bieden aan deze zieltogende maatschappij (1).



De 'No Future' van het kapitalisme, vormt de achtergrond van de '15-M' beweging

Het woord 'crisis' bevat een dramatische gevoelswaarde voor miljoenen mensen, die getroffen door een lawine van ellende die gaat van de verslechtering van de levensomstandigheden, zoals een onbepaalde periode van werkloosheid en de precariteit en die niet de minste dagelijkse stabiliteit waarborgen, tot de meest extreme situaties die rechtstreeks leiden tot armoede en honger (2).

Maar de afwezigheid van een toekomst is nog beklemmender. Zoals gesteld in het communiqué van de Algemene vergadering (AV) van de gearresteerden van Madrid (3) die, zoals wij verder zullen zien, de vonk was die de beweging deed ontvlammen: “wij staan tegenover een horizon die verstoken is van de minste hoop en zonder toekomst, die ons in staat stelt om rustig te leven en ons te wijden aan wat wij graag doen” (4). De OESO verklaart dat het 15 jaar zal duren voordat Spanje weer het tewerkstellingspeil van 2007 bereikt zal hebben – een bijna gehele baanloze generatie! Als er gelijkaardige cijfers afgeleid kunnen worden voor de Verenigde Staten en Groot-Brittannië, dan kan men zich realiseren in welke mate deze maatschappij terecht gekomen is in een eindeloze spiraal van ellende, van werkloosheid en van barbarendom.

De beweging in Spanje is, op het eerste gezicht, gepolariseerd rond het overheersende tweepartijen systeem (twee partijen, rechts de PP (Volkspartij) en links de PSOE (de Socialistische Arbeiderspartij), die 86% van de verkozen gedelegeerden vormen) (5). Deze factor speelt een rol in verband met de gebrek aan toekomst. In een land waar rechts de reputatie heeft gevestigd autoritair, arrogant en anti-arbeider te zijn, heeft een brede waaier van sectoren van de bevolking met argwaan toegezien hoe, met de aanvallen van de regering van de valse vrienden – de PSOE –, de openlijke vijanden – de PP – zich voor jaren hun macht dreigden te vestigen, zonder enig alternatief op het vlak van het electorale spel. Dit weerspiegelt voor hen de algemene blokkade van de maatschappij.

Dit gevoel wordt nog versterkt door de houding van de vakbonden, die begonnen met de oproep tot een 'algemene staking' op 29 september, die niet veel meer was dan wat machtsvertoon, maar die vervolgens met de regering in januari 2011 een Sociaal Akkoord sloten, dat de wrede hervorming van de pensioenen beklonk en de deur dichtsloeg voor elke mogelijkheid tot massale mobilisering onder hun leiding.

Aan deze factoren heeft zich een diepgaand gevoel van verontwaardiging toegevoegd. Een van de gevolgen van de crisis, zoals dat werd verwoord op een Algemene Vergadering in Valencia, was dat “de weinigen, die veel bezitten, nog minder zijn geworden en nog meer bezitten, terwijl het grote aantal dat weinig bezit nog talrijker is geworden en steeds maar minder bezit”. De kapitalisten en hun politieke handlangers worden steeds arroganter, vraatzuchtiger en corrupter. Zij aarzelen niet om onmetelijke rijkdommen op te stapelen, terwijl zich rondom hen de ellende en troosteloosheid uitbreiden. Dat alles maakt, meer nog dan welke uitleg ook, duidelijk dat er sociale klassen bestaan en dat wij geen 'gelijke burgers' zijn.

Als reactie op deze ontwikkelingen, zijn er sinds eind 2010 er collectieven ontstaan. Ze onderstreepten dat men zich op straat moet verenigen, buiten de partijen en vakbonden om moet ageren, zich organiseren in Algemene Vergaderingen… De oude mol, die Marx zich voor de geest had, werkte in het binnenste van de maatschappij aan een ondergrondse rijping, die in de maand mei openlijk tot uitbarsting kwam! De mobilisering van de 'Jongeren Zonder Toekomst' in de maand april bracht in Madrid 5.000 jongeren bijeen. Het succes van de betogingen van de jongeren in Portugal – de ‘Generação à Rasca’ (generatie op drift) – die meer dan 200.000 man op de been bracht, en het zeer populaire voorbeeld van het Tahrir-plein in Egypte, waren trouwens een stimulans voor de beweging.

De Algemene Vergaderingen: een eerste blik op de toekomst

Op 15 mei riep een kartel van meer dan 100 organisaties – dat de 'Democracia Real Ya' (DRY: Echte Democratie Nu) gedoopt werd (6) –in de grote steden van de provincie op tot betogingen 'tegen de politici' en eiste een 'echte democratie'.

Kleine groepen jongeren (werklozen, precairen en studenten), die het niet eens waren met de rol van uitlaatklep voor de sociale ontevredenheid, die de organisatoren de beweging hen wilden laten spelen, probeerden een kampeerplaats op te zetten op het centrale plein van Madrid, Granada en andere steden om de beweging verder te zetten. DRY viel hen af en liet de politietroepen zich uitleven in een wrede repressie, die vooral plaatsvond op de politiebureaus. Desondanks vormden diegenen, die er het slachtoffer van geweest waren, een ‘Bijeenkomst van Gearresteerden’ van Madrid en zij stelden snel een communiqué op dat onverbloemd de vernederende behandelingen door de politie aanklaagde. Dit maakte een diepe indruk en moedigde talrijke jongeren aan om zich op de kampeerplaats te vervoegen.

Op dinsdag 17 mei, toen de DRY probeerde om de kampeerplaatsen te reduceren tot een symbolische rol van protest, drong de enorme massa, die was toegestroomd, aan tot het houden van vergaderingen. Woensdag en donderdag breidden de massale vergaderingen zich uit over meer dan 73 steden. Er werden interessante gedachten geuit, weloverwogen voorstellen gedaan, die gingen over alle aspecten van het sociale, economische, politieke en culturele leven. Niets menselijks was vreemd aan deze onmetelijke geïmproviseerde agora!

Een Madrileense manifestante zei: “het beste aan de vergaderingen is dat men er het vrije woord heeft, dat de mensen elkaar begrijpen, men kan hardop nadenken, duizenden onbekenden kunnen tot een akkoord komen. Is dat niet prachtig?”. De vergaderingen waren een heel andere wereld, helemaal tegengesteld aan de sombere sfeer die er heerst in de stembureaus en mijlenver van het marketing-enthousiasme tijdens de verkiezingsperiodes:

“Kameraadschappelijke begroetingen, kreten van enthousiasme en verrukking, vrijheidsgezangen, vrolijk gelach, plezier en het overbrengen van vreugde: een heel concert dat men kon horen in deze menigte van duizenden mensen die van 's morgens tot 's avonds door de stad kwamen en gingen. Er heerste een euforische stemming ; men zou bijna geloven dat een nieuw en beter leven was begonnen op aarde. Een diep ontroerend schouwspel en tegelijkertijd idyllisch en aandoenlijk” (7).

Duizenden mensen discussieerden gepassioneerd in een atmosfeer van diep respect, bewonderenswaardig ordelijk en aandachtig luisterend. Uitgaande van een verontwaardiging en bezorgdheid om de toekomst, waren zij vooral verenigd door de wil om de oorzaken ervan te begrijpen. Vandaar de inspanning voor het debat, voor de analyse van een massa aan vragen, van honderden vergaderingen en het opzetten van straatbibliotheken ... Een inspanning, die schijnbaar geen concreet resultaat opleverde, maar die de geesten in hevige beroering bracht en  kiemen van bewustzijn heeft gezaaid op de velden van de toekomst.

Subjectief beschouwd berust de klassenstrijd op twee pilaren: aan de ene kant het bewustzijn, aan de andere kant het vertrouwen en de solidariteit. Ook wat het laatste aspect betreft zijn de vergaderingen  beloftevol voor de toekomst: de menselijke banden die geweven werden, de stroom van empathie die de pleinen animeerde, de solidariteit en de eenheid die opbloeiden, waren even belangrijk als het nemen van beslissingen of het eens worden over een eis. De politici en de pers waren in alle staten. Zij eisten, met het immediatisme en het utilitarisme dat zo kenmerkend is voor de burgerlijke ideologie, dat de beweging haar eisen zou samenvatten in een 'protocol', dat DRY probeerde om te vormen tot 'Tien Geboden', waarin alle belachelijke en zoutloze democratische maatregelen vervat zaten, zoals open kandidatenlijsten, wetgevende volksinitiatieven en de hervorming van de kieswet.

De verwoede tegenstand, waarop deze overhaaste maatregelen botsten, heeft aangetoond in welke mate de beweging een uiting was van de klassenstrijd. In Madrid schreeuwden de mensen: “Wij gaan niet traag, want wij gaan heel ver!”. In een open brief aan de vergaderingen, zei een groep uit Madrid: “Het moeilijkste is samen te vatten wat onze betogingen willen. Wij zijn er van overtuigd dat het niet lichtvaardig is, zoals de politici en allen die, uit eigenbelang, willen dat er niets verandert of, beter gezegd, allen die enkele details willen veranderen opdat alles hetzelfde zou blijven. Ook als we plotseling een pakket van eisen voorstellen in de trant van 'Grenelle', zullen we er niet in slagen te samen te vatten waarom we strijden. Onze revolte zal zich niet uiten en versterken via het scheppen van een klein pakket van eisen” (8).

De inspanning om de oorzaken te begrijpen van een dramatische en onzekere toekomst, en het vinden van een vorm van strijd die er op aansluit, is het belangrijkste doel geweest van de vergaderingen. Vandaar dat hun uitvoerige beraadslagingen allen in de war brachten, die hoopten op een strijd die geconcentreerd zou zijn op beperkte eisen. De inspanningen tot overdenking van ethische, culturele, artistieke en literaire thema's (er waren tussenkomsten in de vorm van liederen en gedichten) heeft het bedrieglijke gevoel doen ontstaan dat het ging om een kleinburgerlijke beweging van 'verontwaardigden'. Wij moeten hier het kaf van het koren scheiden. Deze laatste is natuurlijk ook zeker en vast aanwezig in de democratische en staatsburgerlijke vorm waarin haar bekommernissen dikwijls gegoten waren. Maar deze zijn dikwijls van goede aard, want de revolutionaire omwenteling van de wereld steunt op en stimuleert tegelijkertijd tot een reusachtige culturele en ethische verandering; “de wereld en het leven veranderen door onszelf te veranderen”, dat was de leuze die Marx en Engels meer dan anderhalve eeuw geleden in de Duitse Ideologie neerschreven: “ ...Zowel voor het ontstaan van het communistisch bewustzijn op massale schaal, als voor het welslagen van de zaak zelf is een massale verandering van de mensen nodig, een verandering die alleen in een praktische beweging, in een revolutie kan plaatsvinden; de revolutie is dus noodzakelijk, niet alleen omdat de heersende klasse op geen enkele andere manier omvergeworpen kan worden, maar ook omdat de klasse die haar omverwerpt er alleen in een revolutie in kan slagen zich van heel de oude troep te bevrijden en in staat kan zijn de maatschappij op een nieuwe grondslag te stellen."(9).

De massale vergaderingen waren een eerste poging tot antwoord op een algemeen probleem van de maatschappij, dat wij al meer dan 20 jaar geleden aangetoond hebben: de sociale ontbinding van het kapitalisme. In de 'Stellingen over de ontbinding', die wij geschreven hebben (10), stipten wij de tendens aan tot ontbinding van de ideologie en de bovenbouw van de kapitalistische maatschappij en de daarmee gepaard gaande, de toenemende ontwrichting van de sociale verhoudingen die ook de bourgeoisie en kleinburgerij aantasten. De arbeidersklasse ontsnapt er evenmin aan, door het feit dat zij er mee in aanraking komt. Wij waarschuwden in dit document tegen de gevolgen van een dergelijke gang van zaken: “1. de solidariteit en collectieve actie , die geconfronteerd wordt met de versplintering van het 'bekijkt het maar’ ; 2. de noodzaak van organisatie botst met ontbinding, desintegratie van relaties, die de basis van het sociale leven vormen ; 3. het vertrouwen van het proletariaat in de toekomst en in de eigen kracht, dat voortdurend bedreigd wordt door de wanhoop en het nihilisme, die overal in de maatschappij aanwezig zijn ; 4. het bewustzijn, de helderheid, de samenhang van het denken, de drang naar theoretisch begrip, die zich een weg moeten banen tussen de vlucht in illusies, drugs, sekten, mysticisme, de afwijzing of vernietiging van het denken, alle zo karakteristiek voor ons tijdperk” (Zie: Internationale Revue nr. 13, NL, p. 22, kolom 2).

De massale vergaderingen in Spanje laten zien, net zoals door diegenen die ontstonden tijdens de beweging van de studenten in Frankrijk in 2006 (11), dat de sectoren die het meest kwetsbaar zijn voor de gevolgen van de ontbinding – de jongeren, de werklozen, door het feit dat zij weinig werkervaring hebben opgedaan – toch vooraan staan in deze vergaderingen en bij de inspanningen tot bewustwording enerzijds en de solidariteit en empathie anderzijds.

Om al deze redenen zijn de massale vergaderingen een voorloper geweest van wat ons te wachten staat. Het kan als onbetekenend overkomen bij diegenen die verwachten dat het proletariaat zich, als een donderslag bij heldere hemel, duidelijk en zonder omwegen zou manifesteren als de revolutionaire klasse van de maatschappij. Vanuit historisch oogpunt en rekening houdend met de enorme moeilijkheden, die het ondervindt om dat doel te bereiken, vormt  het nochtans een goede start, aangezien het begonnen is om het subjectieve terrein serieus voor te bereiden.

Paradoxaal gezien zijn deze kenmerken ook de Achillespees gebleken van de '15-M' beweging, zoals zij tot uiting kwam in de eerste fase van haar ontwikkeling. Aangezien zij niet ontstaan is met een concreet doel, hebben de afmatting, de moeilijkheden om verder te gaan dan de eerste stap in de confrontatie van de ernstige problemen die zich stellen, zoals de afwezigheid van de omstandigheden waarin een proletariaat vanuit werksituatie de strijd aangaat, de beweging in een soort leegte gestort en naar een vaag terrein gedreven dat niet lang volgehouden kon worden. En zo heeft DRY geprobeerd om haar 'gemakkelijke' en 'realiseerbare' doelstellingen, die slechts utopisch en reactionair zijn, op te dringen..

De valstrikken die de beweging heeft moeten trotseren

Bijna twintig jaar lang is het wereldproletariaat door een woestijn gegaan waarin, geen massale strijd bestond en vooral een verlies aan zelfvertrouwen en aan haar eigen identiteit als klasse (12). Zelfs indien deze desoriëntatie zich vanaf 2003, met het optreden van veelzeggende strijd in een groot aantal landen en van een nieuwe generatie van revolutionaire minderheden, geleidelijk heeft opgelost, overheerst nog steeds het stereotype beeld van een arbeidersklasse 'die niet in beweging komt', die 'compleet afwezig' is.

De plotselinge uitbarsting van grote massa's in de sociale arena kon door dit gewicht uit het verleden alleen maar belemmerd worden, een moeilijkheid die toenam doordat er in de beweging sociale lagen aanwezig waren, die op weg waren naar proletarisering en dus kwetsbaar waren voor de democratische en staatsburgerlijke valstrikken. Daarbij kwam nog dat, aangezien de beweging niet was voortgekomen vanuit een strijd tegen een concrete maatregel, ze uitliep op een paradox, die niet nieuw is in de geschiedenis (13).  Het lijkt alsof de twee grote klassen in de maatschappij – het proletariaat en de bourgeoisie – een openlijke confrontatie vermeden hebben. Dit gaf de indruk van een vreedzame beweging, die 'de goedkeuring van iedereen' wegdroeg (14).

Maar is werkelijkheid was er vanaf de eerste dag al een confrontatie tussen de klassen. Reageerde de regering van de PSOE niet dadelijk met een wrede repressie tegen een handvol jongeren? Was het niet het snelle en gepassioneerde antwoord van de ‘Vergadering van de Geaareesteerden’ van Madrid die de beweging ontketende? Was het niet deze aankondiging die bij vele jongeren de ogen opende en die van toen af scandeerden “men noemt dat democratie, maar het heeft er niets mee te maken!”, een dubbelzinnig ordewoord, dat door een minderheid werd omgevormd tot “men noemt het dictatuur en het is er ook een!”?
Het 'vreedzame aspect' , dat uitging van de vergaderingen heeft al diegenen, die denken dat de klassenstrijd een opeenvolging is van 'sterke emoties', ertoe aangezet om te geloven dat deze niets meer waren dan een 'onschuldige oefening in grondwettelijk recht'. En het is zelfs mogelijk dat vele deelnemers ook dachten dat hun beweging zich daartoe beperkte.

Toch betekenen de massale vergaderingen op de openbare pleinen, en het ordewoord 'Bezet het plein!' een regelrechte uitdaging van de democratische orde. De sociale verhoudingen, verheerlijkt door de wetten, bepalen dat de uitgebuite meerderheid zich bezighoudt met 'haar eigen zaken'. En als deze wenst deel te nemen aan de openbare zaken, dan moet ze maar gebruik maken van het stemrecht en het vakbondsprotest die haar atomiseren en nog meer individualiseren. Bijeenkomen, solidariteit beleven, collectief discussiëren, beginnen te handelen als een onafhankelijk sociaal lichaam, zijn in werkelijkheid een uiting van een onweerstaanbaar geweld tegen de burgerlijke orde.

De bourgeoisie heeft hemel en aarde bewogen om een einde te maken aan de vergaderingen. Voor de schijn werd er, met een walgelijke schijnheiligheid die haar kenmerkt, slechts lofuitingen en medeplichtige geknipoogd naar de ‘Verontwaardigden’, maar de feiten – en dat is wat echt van telt – weerleggen deze schijnbare inschikkelijkheid.
Wegens de op handen zijn van de verkiezingen – op zondag 22 mei – , besliste de Centrale Verkiezingsraad om de vergaderingen op zaterdag 21 mei in heel het land te verbieden, een dag die beschouwd werd als een 'dag van bezinning'.

Vanaf zaterdag 0 uur werd de kampeerplaats aan de Puerta del Sol omsingeld door een enorme menigte politie, maar die werd op haar beurt omsingeld door een reusachtige menigte, die de minister van Binnenlandse Zaken ertoe noopte om het bevel te geven tot terugtrekking. Meer dan 20.000 mensen bezetten toen het plein in een grote uitbarsting van vreugde. Ook daar zagen wij een andere verwikkeling in de confrontatie van de klassen, zelfs al werd ieder uitdrukkelijk geweld beperkt tot enkele woordenwisselingen.
DRY stelde voor om de kampeerplaatsen te behouden, maar dat men het stilzwijgen op de 'dag van bezinning' zou respecteren, en dus geen vergaderingen zou houden. Maar niemand luisterde er naar, en aan de vergaderingen van zaterdag, die formeel onwettig waren, namen meer mensen deel dan ooit. In de vergadering van Barcelona werden, als een  ironisch antwoord op de verkiezingsraad, borden getoond en in koor leuzen geroepen:“Wij denken na!”.

Op zondag de 22e, de dag van de verkiezingen, was er een nieuwe poging om een einde te maken aan de vergaderingen. DRY kondigde aan dat: “de doelstellingen zijn gehaald” en dat de beweging moest ophouden. Het gevatte antwoord was unaniem: “Wij zijn hier niet omwille van de verkiezingen!”. Op maandag 23 en dinsdag 24 bereikten de vergaderingen hun hoogtepunt, zowel wat het aantal deelnemers, als de rijkdom van de debatten betrof. De tussenkomsten, de ordewoorden, de bordjes tierden welig en getuigden van een diepgaande overdenking; “Waar is links? Achteraan rechts!”, “de stembussen kunnen onze dromen niet tegenhouden”, “600 Euro's per maand, dat is pas geweld!”, “Als u ons niet laat dromen, dan zullen wij u beletten om te slapen”, “Werkloos, dakloos, zonder angst!”, “Zij hebben onze grootouders belazerd, onze kinderen bedrogen, laat ze maar niet onze kleinkinderen bedotten”. Ze toonde ook een bewustwording aan omtrent de perspectieven: “Wij zijn de toekomst, het kapitalisme het verleden!”, “Alle macht aan de vergaderingen”, “Er is geen evolutie zonder revolutie!”, “De toekomst begint nu!”, “Geloof je nog dat het een utopie is?”.


Vanaf dat moment begonnen de vergaderingen verzwakken. Deels uit vermoeidheid, maar ook door het onophoudelijk bombardement van DRY om hun 'democratische Tien Geboden' aanvaard te krijgen. De punten van hun 'Tien Geboden' zijn verre van neutraal, ze zijn gericht tegen de vergaderingen. De meest 'radicale', 'het wetgevende volksinitiatief' (15) moest, behalve dat het een oneindig aantal parlementaire stappen vereist, die de meest vasthoudenden zou ontmoedigen, vooral het massale debat vervangen, waarbij allen zich deelgenoot kunnen voelen van een collectief lichaam. In plaats daarvan stellen ze individuele daden van protest, zuiver als burgers, opgesloten tussen de vier muren van het Ik (16).

De sabotage van binnen uit ging gepaard met repressieve aanvallen van buiten en toont zo aan hoe schijnheilig de bourgeoisie kan zijn wanneer zij beweert dat de vergaderingen 'een grondwettelijk recht op bijeenkomst' zijn. Op vrijdag de 27e haalde de Catalaanse deelregering – in overleg met de centrale regering – een krachttoer uit: de 'Mossos de Esquadra' (regionale politie-eenheid) bestormden de Plaça Catalunya in Barcelona en gingen over tot een wrede repressie, veroorzaakten talrijke gewonden en deden veelvuldige aanhoudingen. De vergadering van Barcelona, die tot dan toe het meest richting klasse-standpunten ging – werd in de val gelokt van de klassieke democratische eisen: petities om het ontslag te eisen van de adviseur van Binnenlandse Zaken, afwijzing van de 'uitzonderlijke' repressie (17), een eis van een 'democratische controle op de politie'. Deze ommekeer was des te duidelijker, omdat ze toegaf aan het nationalistische gif en het 'recht op zelfbeschikking' in haar eisenpakket opnam.

In de week van 5 tot 12 juni verveelvoudigden de beelden van repressie zich: Valencia, Santiago de Compostela, Salamanca,... De meest wrede slag vond nochtans plaats in Barcelona. Het Catalaanse parlement bediscussieerde een zogenaamde wet Omnibus, die geweldig zou snijden in de sociale uitgaven, in het bijzonder in de sectoren van het onderwijs en de gezondheidszorg (waaronder 15.000 ontslagen in deze laatste sector). Geheel buiten de dynamiek van de discussie in de vergaderingen van de arbeiders, riep DRY op tot een 'vreedzame betoging', die er in bestond om het parlement te omsingelen om 'de afgevaardigden te beletten om deze onrechtvaardige wet te gaan stemmen'. Het ging om een typisch zuiver symbolische actie die zich, in plaats van de wet en de instellingen te bestrijden, waardoor ze was opgemaakt, richtte tot het 'geweten' van de afgevaardigden. De betogers, die op die manier in de val werden gelokt, restte slechts de valse keuze: ofwel het burgerlijk terrein en het machteloos en passief gejammer van de meerderheid, ofwel zijn tegenhanger, het 'radicale' geweld van een minderheid.

De scheldpartijen en het getrek van enkele afgevaardigden waren de aanleiding tot een hysterische campagne, die de 'geweldplegers' criminaliseerde (en iedereen die een klasse-standpunt verdedigde, werd over dezelfde kam geschoren) en riep op tot 'de verdediging van de bedreigde democratische instellingen'. Om de cirkel te sluiten spreidde DRY nog eens zijn pacifisme ten toon door van de betogers te eisen dat zij geweld zouden gebruiken tegen de 'gewelddadige' elementen (18) en ging daarbij nog verder: DRY vroeg de betogers openlijk de 'geweldplegers' aan de politie uit te leveren en voor deze laatsten te applaudisseren vanwege hun 'goede en trouwe diensten'!

De betogingen van 19 juni en de uitbreiding naar de arbeidersklasse

Vanaf het begin heeft de beweging twee tendensen in zich gedragen: een zeer brede burgerlijke tendens, gevoed door verwarringen en twijfels, als gevolg van zijn heterogene maatschappelijke aard en zijn tendens om de directe confrontatie te ontvluchten. Maar er was ook een proletarische tendens, die tot uiting kwam in de vergaderingen (19) en via de altijd aanwezige tendens 'om zich tot de arbeidersklasse te richten'.

In Barcelona, werd actief aan de vergadering deelgenomen door de brandweer, door de arbeiders van de telecommunicatie en van de gezondheidszorg, door de studenten van de universiteit, die gemobiliseerd waren tegen de sociale bezuinigingen. Ze richtten een comité op voor de uitbreiding en de algemene staking, waarbij de debatten heel geanimeerd waren en organiseerden een netwerk van verontwaardigde arbeiders van Barcelona, die voor zaterdag 11 juni een vergadering van bedrijven in strijd  bijeenriep, en vervolgens een Samenkomst op zaterdag 3 juli. Vrijdag 3 juni betoogden werklozen en werkenden samen op de Plaça Catalunya achter een spandoek waarop stond: “Weg met de vakbondsbureaucratie ! Algemene Staking!”. In Valencia ondersteunde de vergadering een betoging van de arbeiders van het openbaar vervoer en ook een wijkbetoging tegen de bezuinigingen in het onderwijs. In Zaragoza voegden de arbeiders van het openbaar vervoer zich bij met enthousiasme de vergadering (20). De vergaderingen beslisten er om wijkvergaderingen te houden (21).

In de betoging van 19 juni kende de 'proletarische tendens' een nieuwe impuls. Het waren de vergaderingen van Barcelona, Valencia en Malaga, die tot deze betoging hadden opgeroepen en waren gericht tegen de bezuinigingen in de sociale sector. DRY probeerde haar van haar proletarische aard te ontdoen door enkel democratische ordewoorden voor te stellen. Dit lokte een reactie uit, die in Madrid geconcretiseerd werd door het spontane initiatief om bij het parlement te gaan betogen tegen de sociale bezuinigingen, een betoging die 5 000 man op de been bracht. Bovendien was er een Coördinatie van wijkvergaderingen van het zuidelijk deel van Madrid. Deze was ontstaan uit de mislukking van de staking van 29 september 2010, die erg leek op de algemene interprofessionele vergaderingen die in het vuur van de gebeurtenissen van de herfst van 2010 ontstonden in Frankrijk. Ze lanceerde een oproep: “Laten wij vanuit de bevolking en de arbeiderswijken van Madrid naar het parlement trekken waar, zonder ons te raadplegen, beslist wordt tot bezuinigingen in de sociale sector, om te zeggen: basta! (...) Dit initiatief spruit voort uit een opvatting van arbeidersstrijd, vertrekkend van vergaderingen aan de basis, tegen diegenen die de beslissingen nemen achter de rug van de arbeiders om, zonder deze aan hun ter goedkeuring voor te leggen. Omdat de strijd lang is, moedigen wij jullie aan om je te organiseren in locale of wijkvergaderingen, zoals op de werk- en studieplaatsen”.

De betogingen van 19 juni vormden een echt succes, de deelname was in 60 steden massaal, maar hun inhoud was nog belangrijker. Het was een antwoord op de brutale campagne tegen de 'geweldplegers'. Als uitdrukking van een rijping, gegroeid uit talrijke debatten in de meest actieve milieus (22), was het ordewoord dat, zoals in Bilbao, het meest overgenomen werd:“Geweld is, op het einde van de maand, de eindjes niet meer aan elkaar kunnen knopen!” en in Valladolid: “Geweld is ook werkloosheid en uitzettingen”.

Toch was het vooral de betoging van 19 juni in Madrid die een complete draai vormde naar een toekomstperspectief. Er was toe opgeroepen door een organisatie, die direct verbonden is aan de arbeidersklasse en was ontstaan uit haar meest actieve minderheden (23). Het thema van de samenkomst was: “Laten wij samen opstappen tegen de crisis en tegen het kapitaal”. De eisen waren: “Neen tegen de kortingen op lonen en pensioenen; voor de strijd tegen de werkloosheid: de arbeidersstrijd, tegen de prijsverhogingen, voor loonsverhogingen, voor de verhoging van de belastingen van meest verdienenden, ter verdediging van de openbare diensten, tegen de privatisering van de gezondheid en de opvoeding... Leve de eenheid van de arbeidersklasse!” (24).

Een collectief van Alicante aanvaardde hetzelfde Manifest. In Valencia verdeelde een 'Autonoom en anti-kapitalistisch Blok' van meerdere zeer actieve collectieven in de vergaderingen een Manifest dat stelde: “Wij willen een antwoord op de werkloosheid. Dat werklozen, precairen, zwartwerkers, bijeen komen in vergaderingen, dat ze collectief beslissen over hun eisen en dat deze ingewilligd worden. Wij vragen de intrekking van de wet van de hervorming van de Arbeidscode en die welke het toestaat om sociale plannen op te stellen zonder controle en met een vergoeding van 20 dagen. Wij vragen de intrekking van de wet op de hervorming van de pensioenen want, na een leven van ontberingen en ellende, willen wij niet verzuipen in nog meer ellende en onzekerheid. Wij eisen dat de uitzettingen stoppen. De menselijke behoefte aan een woning staat boven de blinde marktwetten en de winsthonger. Wij zeggen NEEN tegen de bezuinigingen in de gezondheidzorg en het onderwijs,, NEEN tegen de nakende ontslagen, die worden voorbereid door de regionale regeringen en de gemeenten als resultaat van de laatste verkiezingen” (25).

De betoging van Madrid werd georganiseerd in meerdere colonnes, die vertrokken vanuit zeven verschillende voorsteden of wijken van de rand van de stad. Naarmate de colonnes vorderden, sloot een steeds talrijkere menigte zich erbij aan. Deze menigtes namen de arbeiderstraditie van de stakingen over van 1972-76 in Spanje (maar ook de traditie van 1968 in Frankrijk) waar, vertrekkend van een arbeidersconcentratie of een 'speerpunt'-bedrijf, zoals destijds Standard van Madrid, de betogers konden zien hoe een groeiende massa van arbeiders, bewoners, werklozen en jongeren zich bij hen voegde, en hoe heel deze massa samenstroomde naar het centrum van de stad. Deze traditie was trouwens al eens opnieuw opgedoken in de strijd in Vigo van 2006 en 2009 (26).
In Madrid, riep het Manifest, dat voorgelezen werd tijdens de massabijeenkomst, op tot het houden van “vergaderingen ter voorbereiding van de algemene staking”, wat ontvangen werd met massale kreten over “Leve de arbeidersklasse!”.

De behoefte aan een weloverwogen enthousiasme

De betogingen van 19 juni lokten een gevoel van enthousiasme uit; een manifestante in Madrid verklaarde: “De sfeer was als van een echt feest. Wij stapten samen op, heel uiteenlopende mensen en van alle leeftijden: jongeren van rond de 20, gepensioneerden, families met hun kinderen, andere mensen die nog anders waren... en dat terwijl mensen op hun balkon kwamen staan om ons toe te juichen. Ik ben uitgeput thuis gekomen, maar met een brede glimlach. Niet alleen had ik het gevoel te hebben bijgedragen tot een juiste zaak, maar daarbovenop heb ik iets buitengewoons meegemaakt”. Nog een andere zei: “Het is werkelijk belangrijk om te zien hoe al deze mensen verzameld staan op één plein, praten over politiek of strijdend voor hun rechten. Heeft u niet de indruk dat wij bezig zijn om de straat terug te heroveren?”.

Na de eerste uitbarstingen, die gekenmerkt werden door vergaderingen 'die op zoek waren’, begint de beweging nu openlijk de strijd op te zoeken, ze begint te ontdekken dat de solidariteit, de eenheid, het opbouwen van een collectieve kracht, tot een goed einde kunnen leiden (27). Het idee begint zich te verspreiden dat “Wij sterk kunnen staan tegenover het kapitaal en zijn staat”, en dat de sleutel tot deze kracht gegeven zal worden doordat de arbeidersklasse zich in de strijd mengt. In de wijkvergaderingen van Madrid, was er een debat met als onderwerp het uitroepen van een algemene staking in oktober om 'de bezuinigingen in de sociale sector te verwerpen'. De vakbonden CCOO en UGT schreeuwden al luidkeels dat deze oproep 'onwettig' zou zijn en dat enkel zij bij machte waren om dat te doen, waarop vele sectoren luid en krachtig geantwoord hebben met: “enkel de massale vergaderingen kunnen daartoe oproepen”.

Wij mogen ons niet laten meeslepen in de euforie, want het aangaan van de strijd door arbeidersklasse zal geen gemakkelijke proces zijn. De illusies en verwarringen over de democratie, met als vertrekpunt de burger, de 'hervormingen', vooral als het nog versterkt wordt door de druk vanuit DRY, de politici, de media, die de twijfels en het immediatisme tot het zoeken naar 'snelle en tastbare resultaten' uitbuiten en aansporen, maar ook de schrik tegenover de omvang van de vraagstukken die gesteld worden, weegt nog zwaar door. Het is vooral van belang te begrijpen dat de mobilisatie van de arbeiders vanuit hun werkplaatsen vandaag werkelijk heel moeilijk is, vanwege het verhoogde risico op het verlies van werk en dan zonder inkomsten te raken, wat voor velen zou neerkomen op het overschrijden van de grens tussen een ellendig maar nog draaglijk bestaan en leven van ellende in uiterste armoede.

De democratische en vakbondscriteria beschouwen de strijd als een opsomming van individuele beslissingen. Zijn jullie dan niet ontevreden? Voelen jullie je dan niet vertrapt? Natuurlijk zijn jullie dat wel! Wel, waarom komen jullie dan niet in opstand? Was het maar zo eenvoudig, dat de arbeider maar te kiezen had uit 'moedig' of 'laf'; alleen tegenover zijn geweten, net zoals in een stemhokje! De klassestrijd volgt dit soort idealistische en vervalste schema niet. Zij is het resultaat van een kracht en van een collectief bewustzijn, die niet enkel voortspruiten uit een gevoel van onbehagen, dat voortkomt uit een onhoudbare situatie, maar ook vanuit de gewaarwording dat het mogelijk is om samen te strijden en dat er een minimum bestaat aan solidariteit en vastberadenheid om dat mogelijk te maken.

Een dergelijke situatie is het resultaat van een onderaards proces dat op drie pijlers rust: de organisatie in open vergaderingen, die het mogelijk maken om bewust te worden van de krachten waarover men beschikt en de weg die moet bewandeld worden om die te doen aangroeien; het bewustzijn om te bepalen en wat wij willen en hoe wij het kunnen verwerven; de strijdbaarheid tegenover het ondermijningswerk van de vakbonden en al hun misleidingsorganen.

Er is een proces op gang gekomen, het blijft moeilijk om te weten waar en wanneer het zal lukken. Een vergelijking kan ons daarbij eventueel helpen. Tijdens de grote massale staking van Mei 1968 (28), was er op 13 mei een reusachtige betoging in Parijs ter ondersteuning van de studenten die wreed onderdrukt werden. Het gevoel van kracht dat hieruit voortsproot, vertaalde zich vanaf de dag daarop in de uitbarsting van een reeks spontane stakingen, zoals bij Renault in Cléon en vervolgens in Parijs. Dit is niet gebeurd na de grote betogingen van 19 juni in Spanje. Waarom?

De bourgeoisie was in mei 1968 weinig politiek voorbereid op een confrontatie met de arbeidersklasse, de repressie goot enkel olie op het vuur. Vandaag kan zij in een groot aantal landen steunen op een superverfijnd apparaat van vakbonden, van partijen en kan zij ideologische campagnes ontplooien die precies gebaseerd zijn op de democratie, en die bovendien op een heel doeltreffende manier politieke munt slaan uit de selectieve repressie. Tegenwoordig vereist het ontstaan van een strijd een veel hoger peil van bewustzijn en solidariteit dan in het verleden.

In Mei 1968 stond de crisis nog maar in haar kinderschoenen, vandaag duwt ze het kapitalisme duidelijk in het slop. Deze toestand kan mensen van hun stuk brengen, maakt het beginnen van een staking moeilijk, al was het maar voor een 'eenvoudige' loonsverhoging. De ernst van de situatie maakt dat stakingen pas uitbreken 'als de beker overloopt',  maar dan moet daar uit de slotsom gemaakt kunnen worden dat 'het proletariaat enkel zijn ketenen te verliezen heeft en een wereld te winnen'.

Deze beweging kent geen grenzen

Ook al lijkt de weg langer en pijnlijker dan in Mei 1968, dan zijn de grondslagen ervan toch steviger. Eén grondslag, die doorslaggevend is, is het feit dat ze zich zien als deel van een internationale beweging. Na een hele periode van 'pogingen' met enkele massale bewegingen (de studentenbeweging in Frankrijk en de opstand van de jeugd in Griekenland in 2008) (29), volgen veel bredere bewegingen, die de mogelijkheid ontwaren de barbaarse hand van het kapitalisme te verlammen, elkaar nu alweer bijna negen maanden lang op: Frankrijk in de herfst van 2010, in Groot-Brittannië in november en december 2010, Tunesië, Egypte, Spanje en Griekenland in 2011.

Het bewustzijn dat de '15-M' beweging deel uitmaakt van deze internationale keten begint zich op embryonale wijze te ontwikkelen. De leuze “Deze beweging kent geen grenzen” werd overgenomen door een betoging in Valencia. Betogingen “voor een Europese Revolutie” werden georganiseerd door meerdere kampeerplaatsen. Er was er één op15 juni, ter ondersteuning van de strijd in Griekenland, en deze werden herhaald op de 29e. Op 19 juni begonnen hier en daar internationalistische leuzen op te duiken: een bordje waarop stond: “Gelukkige Wereldeenheid!” en een andere die in het Engels verkondigde: “World Revolution”.

Jarenlang kwam het, wat zij de 'globalisering van de economie' noemden, de bourgeoisie van links van pas om nationalistische reacties uit te lokken. Hun taalgebruik bestond er in om ten opzichte van de 'vaderlandsloze markten, 'de 'volkssoevereiniteit' te eisen. Zij stelden de arbeiders niets minder voor dan nationalistischer te zijn dan de bourgeoisie! Met de ontwikkeling van de crisis, maar ook dank zij de popularisering van Internet, van de sociale netwerken, enzovoort, begint de arbeidersjeugd deze campagnes tegen hun voorstanders te keren. Het idee vindt ingang dat 'de globalisering van de economie moet beantwoord worden met een internationale globalisering van de strijd', dat de strijd op wereldschaal het enig mogelijke antwoord is op de ellende in de wereld.

De '15 M' heeft een grote weerklank gekend op wereldvlak. Sinds enkele weken volgen de mobilisaties in Griekenland hetzelfde 'model' van massale vergaderingen op de belangrijke pleinen. Ze zijn bewust geïnspireerd op de gebeurtenissen in Spanje (30). Volgens Kaosenlared van 19 juni,  “is het de vierde zondag op rij dat duizenden mensen, van alle leeftijden, betogen op het Syntagmaplein voor het Griekse parlement, als gevolg van de oproep van de paneuropese beweging van de 'Verontwaardigden', om te protesteren tegen de bezuinigingsmaatregelen”.
In Frankrijk, in België, in Mexico, in Portugal vinden regelmatig, nog erg beperkte, vergaderingen plaats waar solidariteit tot uiting komt met de ‘Verontwaardigden’ en pogingen om het debat en het verzet te stimuleren. “In Portugal stapten, na een oproep van ‘Democracia Real Ya’, geïnspireerd door de Spaanse ‘Verontwaardigden’ een 300-tal, merendeels jongeren, zondagnamiddag door het centrum van Lissabon. De Portugese betogers stapten kalm op achter een spandoek waarop te lezen stond : “Spanje,Griekenland, Ierland,Portugal: onze strijd is internationaal!” (31).

De rol van de minderheden bij de voorbereiding van nieuwe strijd

De internationale schuldencrisis illustreert de werkelijkheid van de onoplosbare crisis van het kapitalisme. In Spanje, net zoals in andere landen, regent het frontale aanvallen en ziet men geen enkele adempauze in de nieuwe en steeds ergere stoten onder de gordel tegen onze levensomstandigheden. De arbeidersklasse moet zich verzetten en daarvoor moet zij steunen op de impuls die gegeven is door de vergaderingen van mei en van de betogingen van 19 juni.

Om dit verzet voor te bereiden, brengt de arbeidersklasse in haar midden actieve minderheden voort, kameraden die proberen te begrijpen wat er aan de hand is, die gepolitiseerd worden, die debatten, acties, bijeenkomsten, vergaderingen animeren. Ze proberen diegenen te overtuigen die nog twijfelen, brengen argumenten aan voor wie op zoek is. Zoals wij in het begin gezien hebben, hebben die minderheden bijgedragen tot het ontstaan van de '15M'-beweging.

Met haar bescheiden krachten heeft de IKS deelgenomen aan de beweging, door te proberen richtlijnen te geven.“Tijdens de vuurproef tussen de klassen, maakt men belangrijke en snelle fluctuaties mee, waar tegenover men zich moet weten te oriënteren, geleid door de beginselen en analyses, zonder er in te verdrinken. Men moet in de stroom van de beweging meegaan en weten hoe de 'algemene doelstellingen' te concretiseren om te beantwoorden aan de werkelijke bekommernissen van een strijd, om de positieve tendensen, die aan de oppervlakte komen,, te kunnen stimuleren en ondersteunen” (32). Wij hebben talrijke artikels geschreven die de verschillende fasen, waar de beweging doorheen is gegaan, proberen te begrijpen en waarin concrete, te verwezenlijken, voorstellen zijn gedaan: de opkomst van de vergaderingen en hun vitaliteit, het offensief van DRY tegen hen, de valstrik van de repressie, de betekenis die de betogingen van 19 juni, die een de ommekeer in de strijd betekenen. (33).

Een andere behoefte van de beweging is het debat. Daarom hebben wij een forum geopend op onze Spaanse webpagina 'Debates del 15-M', waar kameraden met uiteenlopende analyses en standpunten zich kunnen uiten. Een van onze andere prioriteiten is ook nog het samenwerken met andere collectieven en actieve minderheden. Wij hebben ons onder elkaar gecoördineerd en hebben deelgenomen aan gemeenschappelijke initiatieven met de 'Círculo Obrero de Debate' (Arbeiders-discussiekring) van Barcelona, met het 'Red de Solidaridad' (Solidariteitsnetwerk) van Alicante en met verschillende vergadercollectieven in Valencia.

Onze militanten zijn op concrete punten in de vergaderingen tussengekomen: de verdediging van de vergadering, het oriënteren van de strijd naar de arbeidersklasse, de stimulering van massale vergaderingen op de werk- en studieplaatsen, de verwerping van democratische eisen om ze te vervangen door de strijd tegen de bezuinigingen in de sociale sector, de onderstreping van de onmogelijkheid om het kapitalisme te hervormen of te democratiseren en, de enige realistische mogelijkheid, de vernietiging ervan (34). In de mate van onze mogelijkheden hebben wij ook deelgenomen aan wijkvergaderingen.

In navolging van '15 M', is de minderheid, die gunstig staat tegenover een oriëntatie naar de arbeidersklasse, verbreed en dynamischer en invloedrijker geworden. Nu komt het er op aan verenigd te blijven, een duidelijk debat te voeren, zich op nationaal en internationaal vlak te coördineren. Ten opzichte van het geheel van de arbeidersklasse moet er een standpunt verdedigd worden dat beantwoordt aan haar diepste behoeften en aspiraties: tegen de democratische leugen en aantonen wat er schuilgaat achter het ordewoord: “Alle macht aan de vergaderingen!” ; tegenover de eisen van democratische hervormingen wijzen op de consequente strijd tegen de sociale bezuinigingen; tegenover de illusoire ‘hervormingen’ binnen het kapitalisme uiteenzetten wat de hardnekkige en standvastige strijd is in het perspectief van de vernietiging van het  kapitalisme.

Het belangrijkste is dat er zich binnen dit milieu een debat en een strijd ontwikkelt. Een debat over talloze vraagstukken, die zich de laatste maanden hebben opgeworpen: Hervorming of Revolutie? Democratie of vergaderingen? Burgerbeweging of klassebeweging? Democratische eisen of eisen tegen de sociale bezuinigingen? Algemene staking of massastaking? Vakbonden of vergaderingen? Enzovoort. Een strijd voor het stimuleren van de zelforganisatie en de onafhankelijke strijd, maar vooral om te weten hoe de veelvuldige valstrikken, die vast en zeker voor ons gespannen zullen worden, verijdeld en overschreden kunnen worden.

C. Mir

Noten :
1. Zie: Internationale Revue nr.144 (Franse, Engelse, Spaanse versie), ‘Mobilisation sur les retraites en France, riposte étudiante en Grande-Bretagne, révolte ouvrière en Tunisie – Mobilisation sur les retraites en France, riposte étudiante en Grande-Bretagne, révolte ouvrière en Tunisie – L'avenir est au développement international et à la prise en main de la lutte de classe’ .
2. Een verantwoordelijke van Cáritas in Spanje, een kerkelijke NGO, die zich wijdt aan de armoede, signaleerde dat “wij het op dit ogenblik hebben over 8 miljoen mensen, die op het punt staan te worden uitgesloten  en 10 miljoen die onder de armoedegrens leven”.
Cf: http://www.burbuja.info/inmobiliaria/burbuja-inmobiliaria/230828-tenemos....
18 miljoen mensen komt neer op éénderde van de bevolking van Spanje! Dit is duidelijk helemaal geen Spaanse bijzonderheid, want het levenspeil van de Grieken is in één jaar tijd met 8% gedaald.
3. Wij komen daar uitgebreid op terug in een volgende paragraaf.
4. Cf.http://es.internationalism.org/ccionline/2011/debate15M_comuni. Wij hebben dit communiqué in meerdere talen gepubliceerd (waarbij ook in het Frans ).
5. Twee leuzen die dikwijls werden herhaald, waren: “PSOE-PP, dezelfde stront” en “Met rozen of met meeuwen, ze zien ons aan voor flensjes”, wetende dat de roos het symbool is van de PSOE en de meeuw dat is van de PP.
6. Om zich een idee te vormen van deze beweging en haar methodes, zie ons artikel:‘Le mouvement citoyen "Democracia Real Ya!": une dictature sur les assemblées massives ‘, dat vertaald is in meerdere talen.
7. Dit citaat van Rosa Luxemburg, dat komt uit ‘Massastaking partij en vakbonden’ en verwijst naar de grote staking in Zuid-Rusland in 1903, past als een handschoen op de hartstochtelijke sfeer van de vergadering, een eeuw later.
8. Zie: ‘Carta abierta a las Asambleas’.
9. Cf. Het eerste deel, ‘Feuerbach – Tegenstelling tussen materialistische en idealistische opvatting, ‘Voorwaarden voor de revolutie’.
10. Zie: Internationale Revue nr. 13, ‘De ontbinding als hoogste stadium van het verval van het kapitalisme.
11. Zie: IKS Online:Wereldrevolutie 2006-05-29, 'Stellingen over de studentenbeweging van lente 2006 in Frankrijk'.
12. Naar onze mening ligt de fundamentele oorzaak van deze moeilijkheden bij gebeurtenissen van 1889, die de staatskapitalistische regimes wegveegden, die valselijk geïdentificeerd werden als 'socialistisch' en die de bourgeoisie in staat stelden een verpletterende campagne te ontwikkelen over 'het einde van het communisme', 'het einde van de klassenstrijd', 'de mislukking van het communisme', enzovoort, Deze campagne heeft op een wrede manier verschillende generaties arbeiders van hun stuk gebracht. Cf. Internationale Revue nr.12 NL,'Gevolgen voor de klassenstrijd; Nieuwe moeilijkheden voor het proletariaat'.
13. Herinneren wij eraan hoe er tussen februari en juni 1848 in Frankrijk, ook al een 'groot feest van alle sociale klassen' had plaatsgevonden en dat eindigde met de juni-dagen, toen het Parijse proletariaat, gewapenderhand, de Voorlopige Regering trotseerde. In de loop van de Russische Revolutie van 1917, heerste er tussen februari en april diezelfde sfeer van algemene eenheid onder het vaandel van de 'revolutionaire democratie'.
14. Met uitzondering van uiterst rechts dat, gedreven door zijn onbedwingbare haat tegen de arbeidersklasse, luidkeels verkondigde wat de andere fracties van de bourgeoisie slechts in de intimiteit van hun salons durfden zeggen.
15. Mogelijkheid voor de burgers om een bepaald aantal handtekeningen in te zamelen om wetten en hervormingen voor te stellen en te laten stemmen in het parlement.
16. De democratie is gegrondvest op de passiviteit en de atomisering van de onmetelijke meerderheid, die gereduceerd is tot een som van individuen, die des te weerlozer en kwetsbaarder zijn naarmate zij geloven dat hun IK soeverein kan zijn. De vergaderingen daarentegen vertrekken van een tegengesteld standpunt : de individuen staan sterk omdat zij steunen op de “rijkdom van hun sociale verhoudingen” (Marx) door zich daarin te integreren en een hecht onderdeel zijn in een uitgebreid collectief lichaam.
17. Alsof er een 'evenredige' repressie zou kunnen bestaan!
18. DRY vraagt de betogers om elk 'gewelddadig' element, of 'die er van verdacht wordt 'geweld', te omringen en zijn gedrag publiekelijk te bekritiseren (sic).
19. Hun oorsprong, die ver teruggaat in de tijd, is te vinden in de districtsvergaderingen tijdens de Commune van Parijs. Maar het was met de revolutionaire beweging in Rusland van 1905, dat zij op de voorgrond traden en sedertdien heeft elke grote klasse-beweging ze doen ontstaan onder verschillende vormen en benamingen: Rusland 1917, Duitsland 1918, Hongarije 1919 en 1956, Polen 1980... Er was in 1972 in Vigo een algemene vergadering van de stad, die werd herhaald in 1973 in Pamplona en in Vitoria in 1976, en dan weer opnieuw in Vigo in 2006. Wij hebben talrijke artikelen geschreven over de oorsprong van deze Arbeidersvergaderingen. Zie in het bijzonder: Internationale Revue nr. 140 en volgende (Franse, Engelse, Spaanse versie) 'Wat zijn de Arbeidersraden ?'
20. In Cadix organiseert de algemene vergadering, onder grote belangstelling, een debat over de precariteit. In Cáceres wordt de afwezigheid van nieuws over Griekenland aan de kaak gesteld en in Almería wordt op 15 juni een bijeenkomst georganiseerd 'over de toestand van de arbeidersbeweging'.
21. Het zijn in feite wapens die aan twee kanten snijden: ze bevatten positieve aspecten, bijvoorbeeld de uitbreiding van het massale debat naar ‘lagere’ rangen van de werkende bevolking en de mogelijkheid – zoals dat het geval was – van het stimuleren van vergaderingen tegen de werkloosheid en de precariteit. Op die manier doorbreken ze de atomisering en het gevoel van schaamte, waaronder vele werkloze arbeiders gebukt gaan. Zo doorbreken ze ook de toestand van grote kwetsbaarheid, waarin de precaire arbeiders uit de kleinhandel zich bevinden. Het negatieve punt is dat ze gebruikt worden om de beweging te versplinteren, haar meer globale zorgen uit het oog doen verliezen, om haar op te sluiten in een dynamiek van 'burgerschap'. Deze tendens wordt versterkt door het feit dat de wijk – een eenheid die arbeiders, kleinburgerij, bazen, met elkaar vermengt – zich meer leent voor dit genre van bekommernissen.
22. Zie onder andere: ‘un protocole anti-violence‘.
23. In de Coördinatie van Vergaderingen uit de wijken en voorsteden van het Zuiden van Madrid  vindt men voornamelijk de Vergaderingen van de arbeiders uit verschillende sectoren, zelfs al nemen daar ook een aantal kleine radicale vakbonden aan deel.  
Zie: http://asambleaautonomazonasur.blogspot.com/
24. De privatisering van de openbare diensten en de spaarbanken is een antwoord van het kapitalisme op de verergering van de crisis, en meer concreet van het feit dat, de staat die meer en meer in de schulden zit, zich verplicht ziet om zijn uitgaven, kost wat kost te verminderen. Ook al moet hij daarvoor, de manier waarop de essentiële dienstverlening  plaatsvindt, op een onverdraaglijke wijze terugbrengen. Toch is het belangrijk om te begrijpen dat de strijd voor het behoud van deze diensten in eigendom van de staat geen alternatief vormt voor de privatiseringswet. Op de eerste plaats omdat de 'geprivatiseerde' diensten dikwijls organisch gecontroleerd blijven door de staatsinstellingen, die het werk in onderaanneming geven aan private bedrijven. En op de tweede plaats omdat de staat en het staatseigendom niets 'sociaals' hebben, noch iets van doen hebben met wat voor 'welzijn van de burger' dan ook. De staat is een orgaan dat uitsluitend in dienst staat van de heersende klasse en het staatseigendom is gebaseerd op de loonslavernij. Deze kwestie begon men te stellen in bepaalde arbeidersmilieus, namelijk in een vergadering tegen de werkloosheid en de precariteit in Valencia.  http://www.kaosenlared.net/noticia/cronica-libre-reunion-contra-paro-pre....
25. Zie: http://infopunt-vlc.blogspot.com/2011/06/19-j-bloc-autonom-i-anticapital... .
26. Zie: ‘Grève de la métallurgie à Vigo en Espagne: une avancée dans la lutte prolétarienne’ en ook: ‘A Vigo, en Espagne: les méthodes syndicales mènent tout droit à la défaite’.
27. Dat houdt niet in dat we de hindernissen onderschatten, die verbonden zijn aan de aard van het kapitalisme zelf, gebaseerd op een concurrentie op leven en dood en het wantrouwen tegenover elkaar, die dit proces van eenmaking tegenwerken. Dit proces zal slechts verwezenlijkt kunnen worden na enorme en complexe inspanningen, op basis van de eendrachtige en massale strijd van de arbeidersklasse, een klasse die collectief en door middel van geassocieerde arbeid, de voornaamste sociale rijkdommen produceert en die, om die reden, de heropbouw van de menselijke maatschappelijk in zich bergt.
28. Zie de serie in Internationale Revue nr.133 en volgende (Franse, Engelse, Spaanse versie), ‘Mai 68 et la perspective révolutionnaire’.
Zie: IKS Online, Wereldrevolutie 2006-05-29, 'Stellingen over de studentenbeweging van lente 2006 in Frankrijk, en Internationale Revue nr.136 (Franse, Engelse, Spaanse versie),‘Les révoltes de la jeunesse en Grèce confirment le développement de la lutte de classe‘.
30. De censuur over de gebeurtenissen in Griekenland en de massale bewegingen, die zich daar afspelen, is totaal. Dat belet ons om ze te integreren in onze analyse.
31. Overgenomen van Kaosenlared .
32. Zie: Internationale Revue nr.20 (Franse, Engelse, Spaanse versie), ‘Sur l'intervention des révolutionnaires: réponse à nos censeurs’.
33. Zie hiervoor onze pers, waar verschillende artikels elk van deze momenten behandelen.
34. Het was niet op aandringen van de IKS, maar een populaire leuze die stelde: “Realistisch zijn, is anti-kapitalistisch zijn!”, een spandoek verkondigde: “Het systeem is onmenselijk, laten wij anti-systeem zijn”.