Verkiezingen in Haïti: De 'democratie' triomfeert op een puinhoop van ruïnes

Printvriendelijke versieVerstuur per e-mail

Op 28 november werden de Haïtianen opgeroepen naar de stembus te komen om een nieuw parlement en een nieuwe president te kiezen. Dit ondanks het overduidelijke gevaar dat een bijeenbrengen van de bevolking, vanwege de heersende cholera-epidemie, met zich meebrengt, Dat de 'internationale gemeenschap' de verkiezingen, ondanks alle vervalsingen, haar goedkeuring gaf, volstond niet om deze tragische farce geloofwaardig te maken. De vertegenwoordiger van de waarnemersmissie, Colin Franderson, heeft trouwens zonder een spier te vertrekken verklaard: “De missie (...) denkt niet dat deze onregelmatigheden, hoe ernstig ook, de verkiezingen ongeldig maken.” Dat spreekt boekdelen over de intenties van de bourgeoisie. In dit verwoeste land, waar het presidentiele paleis nog in puin ligt, bestaat de Haïtiaanse staat niet meer of regeert hij in het beste geval enkel zichzelf: de hele regering, die voorheen al praktisch gereduceerd was tot een loutere repressiekracht, is na de aardbeving van 12 januari 2010 totaal ingestort. Iedereen weet dat de Haïtiaanse staat enkel een zielige marionet is in handen van de imperialistische machten, die in het land aanwezig zijn. Zoals we al eerder in onze pers hebben blootgelegd, had de schijnheilige humanitaire geestdrift na de aardbeving enkel tot doel een echte bezetting van Haïti te organiseren. Maar het land is geen protectoraat, het is een slagveld waarop iedere bourgeoisie, in slagorde opgesteld achter haar glimlachende NGO's en duizenden soldaten, probeert interessante zaakjes te regelen, politieke invloed te bemachtigen, enzovoort. Zo wordt de ware inzet van het verkiezingscircus in Haïti in al zijn naaktheid duidelijk: de bevolking ervan te overtuigen zich naar het stemhokje te begeven om de klassentegenstellingen te neutraliseren op het ongevaarlijke terrein, waar een denkbeeldige keuze gemaakt kan worden voor deze of gene politieke fractie van de bourgeoisie.

En de Haïtianen hebben reden te over om woedend te zijn. Bijna een jaar na de aardbeving, terwijl nog miljoenen mensen in erbarmelijke omstandigheden leven, opeengepakt in overbevolkte en onhygiënische geïmproviseerde kampen, ligt de heropbouw praktisch stil. De overheid schat dat tot nu toe slechts 3% van het puin geruimd is. Zelfs het 'modelkamp' van Torbech, een etalage van de heropbouw op lange termijn, bestaat uit wat hutten gemaakt uit 'lokale materialen', dat wil zeggen hout en golfplaat. Gezinnen van 3 personen zitten in hutjes van 13m2, gezinnen met 7 mensen hebben recht op 27m2. En alsof de situatie nog niet rampzalig genoeg is, wordt de bevolking ook nog getroffen door een bijzonder kwaadaardige cholera-epidemie, een ziekte die rechtstreeks te maken heeft met de ongezonde omstandigheden waarvan de Haïtianen het slachtoffer zijn (1).

Zoals bij elke spectaculaire ramp beloofden talrijke mogendheden financiële steun om hun imperialistische ambities te 'vergemakkelijken' die nog aangescherpt werden door de bres, die geslagen was door de aardbeving. In feite is de gestuurde hulp onbeduidend en dient ze meestal enkel om de plaatselijke bourgeoisie te bedruipen. Dus, in tegenstelling tot wat we eerder schreven, lijkt op dit moment amper 2,5% (en niet 10%) van de beloofde 10 miljard het land daadwerkelijk binnengebracht te zijn.

Als de chaotische voogdij van de imperialistische machten het houden van verkiezingen in de ogen van de bourgeoisie rechtvaardigt, dan zijn die ook noodzakelijk voor de corruptie, de clanneigingen en zorgeloosheid van de Haïtiaanse bourgeoisie. Om zichzelf een schijn van onschuld aan te meten hebben alle partijen van de plaatselijke bourgeoisie de VN-missie voor de Stabilisatie van Haïti (MINUSTAH) van alle mogelijke misdaden beticht. Daarbij vergeten ze eventjes dat de 10.000 soldaten van de MINUSTAH, die daar zijn vanaf 2004, een onmisbaar militair instrument zijn om de heersende politieke fracties van de bourgeoisie overeind te houden. Diezelfde fracties die zich gul verrijkt hebben, dankzij de financiële en militaire steun van de imperialistische grootmachten, waardoor de bevolking in de meest verschrikkelijke armoede overleeft.

Machtig of niet, alle bourgeoisieën zijn even imperialistisch. Zoals Haïti aantoont, staan de belangen van de kapitalistische klasse lijnrecht tegenover die van de samenleving als geheel en tegenover de minste uitdrukking van de menselijke waardigheid. Tegen deze achtergrond, te midden van de onmenselijkheid en de verschrikkingen, laten de verkiezingen in Haïti die bedoeld zijn opnieuw een regering in te stellen, overduidelijk zien wat ze werkelijk zijn: een misleiding waarbij de bourgeoisie de enige is die er voordeel van heeft n

V/10.12.2010

 

(1) Een vertrouwelijk rapport van professor Renaud Piarroux heeft de rechtstreekse verantwoordelijkheid vastgelegd van de VN voor het uitbreken van de epidemie. De soldaten van de basis Mirebalais hebben hun besmette uitwerpselen, via welke de bacterie zich verspreidt, in de rivier Artibonite gestort, waarvan het water rechtstreeks gebruikt wordt door de inwoners. Het Franse Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft prof. Piarroux meteen gevraagd hierover “geen commentaar te geven in het openbaar”. (Vergelijk Le Monde, 5-12-2010) Voor het schandaal op grote schaal uitbrak heeft de burgerlijke pers natuurlijk de gelegenheid niet laten voorbijgaan om de 'ondankbaarheid', de 'onwetendheid' en 'het racisme' van de Haïtianen aan te klagen die de verantwoordelijkheid van de VN-soldaten aan de kaak stelden.