Spanje: Solidariteit met de metro-arbeiders van Madrid!

Printvriendelijke versieSend by email

 

Wij publiceren hieronder de stellingname van de IKS in Spanje over de metrostaking in Madrid en voegen daarbij een solidariteitsverklaring toe van een groep postmannen uit de Spaanse hoofdstad.

Deze paar lijnen om onze warme en hartelijke solidariteit te betuigen met de metro-arbeiders van Madrid.

In de eerste plaats omdat zij toonden dat massale en vastbesloten strijd het enige antwoord is dat de uitgebuiten in handen hebben tegen de brutale aanvallen die de uitbuiters ons willen opdringen. In dit geval tegen een loondaling van 5%. Een mokerslag voor de arbeiders, die volkomen illegaal is zelfs vanuit het oogpunt van de burgerlijke wette-lijkheid, aangezien het een eenzijdige schending is van de CAO die werd ondertekend door de overheid. En nog durven ze de metro-arbeiders te behandelen als ‘criminelen'!

Solidariteit ook tegen de lastercampagne en de pogingen tot ‘morele lynching' van deze kameraden. Rechtse politiekers en media lanceerden een ranzige campagne die de stakers voorstelt als pionnen in de campagne van de Partido Socialista Obrero Español (PSOE) tegen de ‘leidster' van de Partido Popular (PP) in Madrid (Esperanza Aguirre) die de meest razende eisen stelde voor sancties en ontslagen! (1) We mogen echter niet de krachtige steun van links vergeten aan die campagne van isolering en minachting van de arbeiders. Aguirre en Rajoy eisten krachtdadigheid en de zweep tegen deze "vandalen", maar de minister van Industrie mobiliseerde op massale wijze andere transportmiddelen om de staking te breken en de socialistische minister van Binnenlandse Zaken stelde Aguirre tot 4.500 bijkomende politieagenten ter beschikking! De linkse media klonken minder hatelijk, maar was des te schijnheiliger. Ze droegen enkel bij tot het versterken van de idee van "eestaking met gijzelneming" zoals El País op 30 juni blokletterde. Deze ‘rode' lakeien van het kapitalistisch systeem weten heel goed wie te kiezen tussen Esperanza Aguirre en stakende arbeiders.

Wat de bourgeoisie het meest heeft verontwaardigd zijn niet de ‘ongemakken' voor de reizigers. Het volstaat om de omstandigheden vast te stellen die de reizigers op ‘normale' dagen moeten verdragen: de groeiende nalatigheid met betrekking tot de infrastructuur, in het bijzonder bij het openbaar vervoer, zorgt voor een toenemende chaos bij het transport. Ondanks hun beweringen, stoort de bourgeoisie zich evenmin aan de verliezen die veroorzaakt worden aan de bedrijven door de vertragingen en de afwezigheden van de werknemers. Wat een pretentie om de stakers van de metro te beschuldigen van een aanslag op het 'recht op werk', terwijl het Spaanse kapitaal niet minder dan vijf miljoen proletariërs (werklozen) van dat ‘recht' heeft beroofd!

Neen. Wat de bourgeoisie in werkelijkheid dwars zit in de strijd van de metro-arbeiders te Madrid is dat de arbeiders hebben geweigerd de offers en aanvallen te slikken.

De arbeiders stelden zich niet tevreden met een steriele begrafenisstoet, zoals bij de staking van de ambtenaren van 8 juni (2), maar gaven een voorbeeld van eenheid en vastbeslotenheid. Dat is wat El País erkende in het hierboven vermelde editoriaal: "Het bedrijfscomité beweert dat er een overeenkomst van kracht is die loopt tot 2012 en dat de Gemeenschap van Madrid die eenzijdig heeft opgezegd. Maar de ambtenaren hadden ook een dergelijke overeenkomst ["en die stelden zich tevreden met de klucht van 8 juni", voegt El País er impliciet aan toe]. Het is mogelijk dat een meer pedagogische uitleg nodig is omtrent de ernst van de toestand die verplicht tot opofferingen in ruil voor werkzekerheid [en vervolgens beschuldigen ze de stakers van chantage!] en een grotere helderheid om uit te leggen hoe de loonvermindering kan gepaard gaan met een latere waarborg van de koopkracht..."

De strijd van de kameraden van de Madrileense metro is een klassenantwoord vol van lessen voor alle arbeiders. Vandaag zit deze strijd in een soort tussenfase en is het moeilijk te weten hoe hij gaat evolueren. Het is dus te vroeg om een uitvoerige balans op te maken van alle lessen. We bespreken hier alvast de meest treffende.

De algemene vergaderingen: hart en hoofd van de arbeidersstrijd

Eén van de kenmerken van de strijd van de metro-arbeiders was dat hij steunde op werkelijk massale vergaderingen. Reeds op 29 juni, het ogenblik dat er beslist werd om geen minimale dienstverlening te aanvaarden, kon er veel volk de zaal niet in. Ondanks de campagne van leugens over de strijd, was het aantal aanwezigen op de 30ste nog hoger dan de dag ervoor. Waarom? Zoals de arbeiders het zelf zeiden: "Wij moeten tonen dat wij één zijn, als de vingers van een hand."

Tijdens deze vergaderingen heeft men geprobeerd de vele typische streken van de vakbonden te ontwijken. Bijvoorbeeld, de versplintering en verwarring met betrekking tot de stakingsoproepen. Zo werd op de vergadering van 30 juni beslist om over te gaan tot een minimale dienstverlening op de 1ste en de 2de juni. Dit om te vermijden van gekneld te geraken tussen de vakbond die voor de totale staking was en zij die dat niet waren. De vergadering deed afstand van het verbaal radicalisme van een oud woordvoerder van het Comité, wiens verklaring in de aard van"Wij zullen Madrid doen ontploffen" eerder de vijanden van de strijd van pas komt in hun campagne van laster en isolering van de metro-arbeiders.

De Algemene Vergaderingen dienden echter niet alleen om onnodige uitwassen te temperen of te vermijden in provocaties te trappen. Zij hebben vooral alle kameraden moed en vastberadenheid gegeven en de strijdbaarheid ondersteund. En zo kwam het ook dat in de plaats van de ge-woonlijke, geheime, individuele vakbondsstemming, de metrostaking beslist en georganiseerd werd door te stemmen bij handopsteking, een stemming waarbij de vastbeslotenheid van andere kameraden de meer onbeslisten kan aanmoedigen. De media kan zwaaien met het spook van de ‘druk' op bepaalde arbeiders door de stakings-piketten, maar wat de arbeiders heeft aangemoedigd om de werkonderbreking te vervoegen was net dat het een bewuste en gewilde beslissing was die volgde uit een open en franke discussie, waarbij men zowel zijn vrees kon uiten, als de redenen om te strijden. Op één van de sites waar men zijn solidariteit kon uiten met de strijd (3) schrijft een jonge metro-arbeidster openlijk dat zij naar de Algemene Vergadering van 29 juni was gegaan "om geen angst meer te hebben van strijd."

De valstrik van de ‘minimale dienstverlening'

In het geval van de metrostaking werd het decreet van de minimale dienstverlening gebruikt als platform om de stakers te bombarderen en te intimideren, opdat zij de strijd zouden opgeven.

Mevrouw Esperanza Aguirre kan zich vanuit haar presidentieel paleis mooi presenteren als een weerloze jonkvrouw ten prooi van de verbittering van de stakers. De waarheid is dat de wet aan de autoriteiten (de patroon van de openbare werknemers) toestaat om een minimale dienstverlening op te leggen. De presidente van de regio Madrid, die uit ervaring de wettelijke manoeuvreerruimte kent en zich vooral gesteund voelde door het mediakoor van tv-kanalen, deed een provocatieve zet door een minimale dienstverlening op te leggen aan 50 % van het personeel.

Deze valstrik brengt de metro-arbeiders met de rug tegen de muur. Als zij de minimale dienstverlening aanvaarden, dan wordt hun wil om niet te plooien voor de dictaten van het management aangetast. Als zij hem niet aanvaarden, dan draaien ze op voor alle tegenspoed van hun klassenbroeders, die de grote meerderheid van metrogebruikers uitmaken... Bovendien verleent deze wet (die volgens de verdedigers van de burgerlijke orde strenger moet) aan de regering (de uiteindelijk baas) de mogelijkheid om sancties op te leggen als deze minimale dienstverlening niet wordt gerealiseerd, wat de bourgeoisie nog een bijkomende troef biedt bij de onderhandelingen. Twee dagen nadat de metro-arbeiders hun weigering van de minimale dienstverlening terugtrokken, deed de leiding van de maatschappij het aantal gesanctioneerde arbeiders stijgen van 900 naar 2800.

De enige weg uit een dergelijke valstrik is de solidariteit van andere arbeiders op te zoeken.

De klassensolidariteit voedt de strijdbaarheid en de kracht van de arbeiders

De kracht van de arbeidersstrijd wordt niet afgemeten aan hun capaciteit om de kapitalistische bedrijven verliezen toe te brengen. Daar zijn de leiders van deze bedrijven zelf wel toe in staat, zoals het geval van de metro te Madrid aantoont. Deze kracht kan evenmin worden afgemeten aan de capaciteit om een stad of sector lam te leggen. Ook op dat vlak is het moeilijk wedijveren met de burgerlijke staat zelf.

De kracht van de arbeidersstrijd is dat hij, al dan niet expliciet, terugvalt op universele waarden voor alle uitgebuiten: menselijke noden mogen niet worden opgeofferd op het kapitalistisch altaar van winst en concurrentie.

Ongeacht de radicaliteit van de botsing tussen één of andere sector van de arbeiders met hun bazen, als de bourgeoisie er in slaagt om die voor te stellen als iets specifiek of bijzonder, zal het haar altijd lukken de strijd te ontkrachten en heel de arbeidersklasse een demoraliserende steek toe te brengen. Als daarentegen de arbeiders er in slagen om de solidariteit van andere arbeiders te winnen, als zij hen kunnen overtuigen dat hun eisen geen bedreiging zijn voor de andere uitgebuiten, maar een uitdrukking van dezelfde klassenbelangen, als zij Algemene Vergaderingen en bijeenkomsten  houden waarbij andere arbeiders zich kunnen aansluiten, dan versterken zij zichzelf en de gehele arbeidersklasse.

Voor de strijd van de kameraden van de Madrileense metro, was het belangrijkste niet het sturen van stakingspiketten om het uitrijden van treinstellen te beletten (zelfs al moet de Algemene Vergadering weten of haar beslissingen worden opgevolgd), maar de redenen van hun strijd uit te leggen aan hun kameraden van EMT (gemeentelijk transportbedrijf), Telemadrid (regionale tv-zender) of andere ambtenaren. Voor de toekomst van de strijd is het niet essentieel dat een bepaald percentage minimale dienstverlening wordt gehaald (zelfs indien de meerderheid van de arbeiders van de werkverplichtingen moet worden opgehaald, opdat de Algemene Vergadering, de piketten en de bijeenkomsten zouden doorgaan en worden bijgewoond). Het belangrijkste blijft het winnen van het vertrouwen en de solidariteit van de andere arbeiderssectoren en naar de arbeiderswijken te gaan om uit te leggen waarom de eisen van de metro-arbeiders geen voorrecht noch bedreiging zijn voor de andere arbeiders, maar een antwoord op de aanvallen veroorzaakt door de crisis.

Deze aanvallen zullen alle arbeiders raken, van alle landen, omstandigheden, categorieën... Als het kapitaal in staat is de arbeiders tegen elkaar op te zetten of de strijd te isoleren, zelfs al is die radicaal maar gevangen in zijn eigen hoekje, dan zal het er in slagen de noden van zijn uitbuitingssysteem op te leggen. Maar als de arbeidersstrijd daarentegen begint met eenheid en massieve strijd te verspreiden tegen deze misdadige aanvallen, dan zullen wij in staat zijn nieuwe en brutalere offers te beletten. Dat zou een belangrijke stap zijn voor de ontwikkeling van het proletarisch alternatief tegenover de kapitalistische ellende en barbarij.

AP / 12.06.2010

(1) De Spaanse regering is in handen van de Spaanse Socialistische Arbeiderspartij (PSOE), terwijl de regio en stad Madrid, waarvan Esperanza Aguirre de president is, onder het bewind vallen van de rechtse Volkspartij (PP), waarvan Mariano Rajoy de voorzitter is. Het beheer van de metro valt onder het bestuur van Madrid. En zo komt het dat de twee partijen aan politiek opbod gedaan hebben, elkaar voor rotte vis hebben uitgescholden, maar wel akkoord gingen op de kap van de metro-arbeiders [nvdv].

(2) Lees in het Spaans onze balans van 8 juni op www.es.internationalism.org.

(3) www.usuariossolidarios.wordpress.com

Geografisch: 

Erfenis van de Kommunistische Linkerzijde: