Over de toestand in Zuid-Chili

Printvriendelijke versieVerstuur per e-mail

Wij hebben op 3 maart op onze website in het Spaans, een commentaar ontvangen omtrent de toestand van de inwoners van de arbeiders- en volkswijken van de agglomeratie van Concepción, als gevolg van de aardbeving van eind februari 2010. In tegenstelling tot de propaganda van de media op internationale schaal, die het gedrag van de lokale bevolking belasterden door hen te beschrijven als daders van 'schandalige plunderingen', zet deze tekst de werkelijke feiten recht door het aanstippen van de waarachtige proletarische geest van solidariteit en onderlinge hulp die de arbeiders bezielden bij het herverdelen van de goederen. Dit in tegenstelling tot de roofzuchtige acties van de gewapende bendes waartegen de arbeidersbevolking heeft geprobeerd om haar eigen verdediging in handen te nemen en te organiseren.

 

De zelforganisatie van de proletariërs tegenover de ramp, de lumpen-kapitalisten en de onbekwaamheid van de staat

 

(vanwege een anonieme kameraad)

 

Het zou wenselijk zijn dat in de mate dat jullie [de IKS] die dit verspreidingsmiddel [onze website] hebben, verslag geven van wat er aan de hand is in Concepción en zijn omgeving (1), net zoals in andere regio's van Chili die zwaar getroffen werden door de aardbeving. Het is geweten dat vanaf de eerste momenten de mensen blijk hebben gegeven van het meest evidente gezond verstand door naar de warenhuizen te gaan waar voedsel opgeslagen lag om er te nemen wat zij nodig hadden. Dit is zo logisch, zo rationeel, zo noodzakelijk en onvermijdelijk dat het als absurd overkomt om daar kritiek op te leveren. De mensen hebben een spontane organisatie opgezet (vooral in Concepción) om melk te verdelen, babyluiers en water, naargelang de noden van iedereen, en rekening houdend met, onder andere, het aantal kinderen per familie. De noodzaak om de producten te nemen die ter beschikking waren was zo evident en de vastbeslotenheid van het volk om in leven te blijven zo krachtig dat zelfs de politieagenten uiteindelijk de mensen hielpen bij het naar buiten halen van de levensmiddelen van de supermarkt Leader in Concepción, bijvoorbeeld. En toen men probeerde om de mensen dit enige redelijke handelen te beletten, werden de installaties in kwestie eenvoudigweg in brand gestoken, om de eenvoudige en logische reden dat wanneer tonnen etenswaren uiteindelijk ter plekke gaan rotten in plaats van logisch gezien te worden geconsumeerd, het beter is om ze te verbranden om zo bijkomende besmettingshaarden te voorkomen. Deze 'plunderingen' hebben het voor duizenden personen mogelijk gemaakt om gedurende enige tijd te overleven, in het duister, zonder drinkbaar water en zonder de minste hoop op enige hulp van waar dan ook.

Maar na een paar uur is de situatie compleet veranderd. Over de hele agglomeratie van Groot Concepción begonnen goed bewapende bendes, die zich verplaatsten in kwaliteitswagens, met het plunderen niet alleen van de kleinhandel, maar ook van de privé-woningen en van hele huizenblokken. Hun doel was om zich meester te maken van het beetje goederen die de mensen hadden kunnen recupereren in de supermarkten, evenals huishoudapparatuur, geld en alles wat deze bendes konden meegraaien. In bepaalde zones van Concepción hebben deze bendes de huizen beroofd, ze in brand gestoken en daarna onmiddellijk de vlucht genomen. De bewoners die in het begin zonder enige verdediging waren, begonnen zich te organiseren om zich te verdedigen, door bewakingsrondes te doen, door barricades op te werpen om de toegang tot de woonwijken te beschermen, en in enkele wijken door de de levensmiddelen in gemeenschap te beheren om de voeding van de inwoners te verzekeren.

Met dit korte overzicht van de ontwikkelingen in de afgelopen dagen, , beweer ik niet dat ik de informatie die geleverd wordt door de andere middelen wil 'vervolledigen'. Ik wil enkel de aandacht vestigen op alles wat deze kritieke situatie bevat vanuit een antikapitalistisch oogpunt. De spontane drang van de mensen om alles te nemen wat nodig is voor hun levensonderhoud, hun tendens tot dialoog, tot delen, tot het zoeken naar akkoorden en samen handelen, waren aanwezig van bij het begin van deze ramp. In onze omgeving hebben wij allemaal deze natuurlijke gemeenschapsdrang kunnen vaststellen onder verschillende vormen. Te midden van de verschrikkingen, die duizenden arbeiders en hun families beleefden,dook deze drang tot gemeenschapsleven op als een sprankje hoop in de duisternis, en herinnerde er ons aan dat het nooit te laat is om weer onszelf te worden.

Tegenover deze organische, natuurlijke, communistische tendens die het volk bezielde tijdens deze verschrikkelijke uren, verbleekte de staat en toonde hij wat hij is: een koud en machteloos monster. Ook heeft de brutale onderbreking van de helse cyclus van productie en consumptie, het patronaat overgeleverd aan de gebeurtenissen, op de loer wachtend tot de orde is hersteld. Zo heeft de toestand een echte bres geslagen in de maatschappij, waaruit de bron van een nieuwe wereld zou kunnen ontspringen die al leeft in de harten van de gewone mensen. Het werd dus dringend en noodzakelijk om ten koste van alles de oude orde van  plundering, misbruik en diefstal te herstellen. Maar dit ging niet uit van de hoge sferen, maar van de bodem van de klassenmaatschappij: diegenen die tot taak hebben om de zaken terug op hun plaats te brengen, anders gezegd, met geweld de verhoudingen van terreur opdringen die de kapitalistische privé toe-eigening mogelijk maken. Het waren de maffia's van drugdealers die ingekapseld zitten in de volkswijken, de arrivisten onder de grootste arrivisten, de kinderen van de arbeidersklasse die zich aansluiten bij de bourgeois ten koste van de vergiftiging van hun broeders, van de sekshandel van hun zusters, van de consumptiedrift van hun eigen kinderen. Gangsters, anders gezegd kapitalisten in natuurlijke staat, plunderaars van het volk, veilig in hun 4x4 en bewapend met geweren, bereid tot intimideren en het pluimen van hun eigen buren of inwoners van anderen wijken om de zwarte markt proberen te monopoliseren en makkelijk geld te maken, anders gezegd : macht. Het feit dat deze individuen de natuurlijke bondgenoten zijn van de staat en de patroonsklasse blijkt uit het feit dat hun wansmakelijke misdaden door de media in de verf zijn gezet om paniek te zaaien in de hoofden van een al gedemoraliseerde bevolking en zo de militarisering van het land rechtvaardigt. Welk ander scenario had gunstiger kunnen zijn voor onze politieke en patronale heersers, die in deze rampzalige crisis niets anders zien dan een goede gelegenheid om goede zaken te doen en winsten verdubbelen door druk uit te oefenen op een arbeidskracht die overheerst wordt door schrik en wanhoop?

Van de kant van de tegenstanders van deze sociale orde is het zinloos om de lof te bezingen van de plunderingen, zonder de sociale inhoud van dergelijke acties te preciseren. Het is helemaal niet hetzelfde als een massa min of meer georganiseerde mensen, maar met een gemeenschappelijk doel voor ogen, de verdeling in handen neemt van de levensnoodzakelijke dingen om te overleven... en bewapende bendes die de bevolking bestelen om zichzelf te verrijken. De aardbeving van zaterdag de 27e heeft niet alleen de arbeidersklasse heel hard getroffen en bestaande infrastructuur vernietigd. Maar ze heeft ook ernstig de sociale verhoudingen overhoop gegooid in dit land. In een paar uur tijd, is de klassenstrijd met al haar kracht voor onze ogen opgedoken, ook al zijn ze misschien te gewend aan de televisiebeelden om het wezen van deze gebeurtenissen te vatten. De klassenstrijd is hier, in onze wijken die verworden zijn tot ruïnes in de duisternis, krakend en knarsend onder onze stappen, op de bodem zelf van de maatschappij, waar bij een dodelijke botsing twee soorten mensen eindelijk tegenover elkaar staan: aan de ene kant de vrouwen en mannen met een collectieve geest, die proberen elkaar te helpen en te delen ; aan de andere kant de anti-socialen die plunderen en op hen schieten om zo hun eigen primitieve accumulatie van kapitaal te kunnen beginnen. Hier, bij ons de onzichtbare en anonieme wezens van altijd, gedwongen in onze levens van uitgebuiten, van onze buren en onze ouders, maar bereid tot banden met allen die dezelfde bezitloosheid delen, Daar, bij hen, weinig talrijk, maar bereid om ons met geweld te beroven van het weinige of bijna niets dat wij onder elkaar kunnen delen. Aan de ene kant het proletariaat, aan de andere het kapitaal. Zo eenvoudig is dat. In vele wijken van dit verwoeste territorium, beginnen de mensen in deze vroege ochtenduren hun verdediging te organiseren tegen de bewapende horden. Op dit uur begint er een materiële vorm te ontstaan van klassebewustzijn van diegenen die zich verplicht zien om brutaal en in een oogwenk, te begrijpen dat hun levens aan henzelf toebehoren en dat niemand hen zal ter hulp komen.

 

Boodschap ontvangen op 3 maart 2010.

 

(1) De aardbeving had plaats op 27 februari 2010 in volle nacht, met een magnitude van 8,8. Ze veroorzaakte de dood van ongeveer 500 mensen, maar de tsunami die er op volgde voegde daar nog meer doden aan toe. Ze trof veel Chileense steden, waaronder de hoofdstad Santiago. Maar het was in de tweede agglomeratie van het land, die van Concepción (900.000 inwoners), waar de doden en de schade het ergste waren [nvdv].