Dreigementen tegen Iran: De groeiende irrationaliteit van de kapitalistische oorlog

See also :

Printvriendelijke versieVerstuur per e-mail Op 17 Oktober drong president Bush er op aan dat “hij gezegd had dat als mensen geïnteresseerd zijn in het vermijden van een Derde Wereldoorlog, ze ook geïnteresseerd dienen te zijn in het voorkomen dat zij [Iran] de nodige kennis opdoen om kernwapens te maken.” Dit kan worden afgedaan als het zoveelste voorbeeld van opgeklopte retoriek van Bush, maar achter deze uitspraak schuilt de werkelijke dreiging dat de gewonde beer die het Amerikaanse imperialisme is, klappen zal uitdelen naar imperialistische rivalen waardoor het voortdurend wordt uitgedaagd.
De Derde Wereldoorlog staat niet op uitbreken. De voorwaarden daarvoor bestaan niet: de wereld is niet verdeeld in militaire blokken, en de arbeidersklasse is niet verslagen en bereid ten oorlog te trekken voor haar heersende klasse. Toch voert het Bush-regime de militaire en economische druk tegen Iran op met de verklaring dat de Revolutionaire Garde een terroristische organisatie is, door het uitbreiden van de strijdmacht van de Verenigde Staten in de Golf en door de groeiende propagandacampagne gericht op het voorbereiden van de bevolking op de mogelijkheid van een militaire interventie van de Verenigde Staten tegen Iran (in naam van het verhinderen dat Iran kernwapens verkrijgt) wat het perspectief inhoudt van een kwalitatieve verergering van het militaire barbarendom in het Midden-Oosten en op internationaal vlak.
Dit dreigement met militaire actie tegen Iran, terwijl het nog steeds tot z’n nek vastzit in de ramp van Irak terwijl Afghanistan in dezelfde richting snelt, lijkt waanzin en vragen om een nog grotere ramp. Maar het Amerikaanse imperialisme zit vast aan de waanzinnige logica van het imperialisme. Als enige supermacht van de wereld moet het alle andere imperialistische machten er toe dwingen zijn heerschappij te aanvaarden, terwijl al zijn rivalen door dezelfde waanzinnige redenering niet alleen verzet plegen tegen deze overheersing, maar om er ook alles aan doen om het Amerikaanse imperialisme te ondermijnen. Het is deze logica die Irak tot chaos bracht en die dreigt de hele regio (de bakermat van de menselijke beschaving) in dergelijke terreur te storten.
Iran wordt door het Amerikaanse imperialisme gezien als draaischijf van het Midden-Oosten. De oude oorlogshitser van het Amerikaanse imperialisme, Zbigniev Brzezinski, definieert draaischijven als volgt: “Actieve geo-strategische deelnemers zijn de staten die het vermogen en de nationale wil hebben om macht en invloed uit te oefenen over hun grenzen heen om – in een mate die de Amerikaanse belangen aantast – de bestaande geo-politieke situatie van zaken te veranderen… Turkije en Iran spelen de rol van draaischijven met doorslaggevend belang.” (Het grote schaakbord, 1997). Iran ligt midden tussen het Midden-Oosten en Centraal-Azië en is dus belangrijk voor de Amerikaanse plannen om deze regio te beheersen en daarachter nog West-Europa en Rusland. De Verenigde Staten zou ook de oliebevoorrading daarvan willen beheersen.
Deze positie van draaischijf heeft de bevolking van Irak en Iran al meer dan een miljoen doden gekost tijdens de oorlog in de jaren 1980 toen de Verenigde Staten Irak steunden. De reden voor deze oorlog was de breuk van Iran met het Amerikaanse blok, door het omverwerpen van het door de Verenigde Staten gesteunde regime van de Sjah en de invoering van een theocratie (religieuze macht). De pure barbaarsheid van deze oorlog, met chemische wapens, massaslachtingen van opeenvolgende golven van soldaten aan beide kanten, waaronder kinderen, met raketaanvallen op de steden; dat alles gebeurde met de rechtstreekse medewerking van het Westerse Blok (het Iran/Contra schandaal liet zien dat de Verenigde Staten beide kanten bewapende) om Iran in het gareel te brengen. Het liet zien dat er iets was veranderd in de imperialistische verhoudingen. Daarvoor, in de periode na de Tweede Wereldoorlog, was voor oorlog toestemming nodig van de blokken. Iran was iets nieuws, een imperialistische macht die zijn eigen belangen verdedigde en daarbij openlijk zowel Oost als West uitdaagde. Het was een voorproefje van de geest van het ‘ieder voor zich’ dat uit de hand liep met de ineenstorting van het oude systeem van blokken.
In de Eerste Golfoorlog had de Iraanse bourgeoisie de Verenigde Staten gesteund, omdat die hun oude rivaal aanvielen, maar de minste ambitie die het gehad kon hebben om voordeel te slaan uit de verzwakking van Irak werden afgestopt toen de Verenigde Staten Saddam aan de macht lieten. De ramp van de Tweede Golfoorlog voor de Verenigde Staten, die Iran de kans bood om zijn eigen imperialistische dorst te lessen. De vernietiging van Saddam en de daarop volgende chaos maakte het Iran mogelijk om volop zijn invloed bij de Shia bourgeoisie aan te wenden. De ‘regering’ van Irak wordt beheerst door Shia partijen met banden met Iran, maar die Iran ook op afstand willen houden, terwijl in het zuiden de door Iran gesteunde Shia milities de Britten eruit hebben gegooid en de controle over de regio verwierven. Tezelfdertijd werkte de Iraanse bourgeoisie met man en macht aan het ontwikkelen van de middelen om kernwapens te produceren om zijn belangrijkste rivaal in de regio, Israël, beter te kunnen uitdagen en om net zoals Noord-Korea een troef te hebben in onderhandelingen met de Verenigde Staten.
De Iraanse bourgeoisie probeert ook om de verzwakking van het Amerikaanse imperialisme zo goed mogelijk uit te buiten net als de bereidheid van zijn grootste rivalen om zijn plannen te dwarsbomen. Vandaar de bereidheid om in te stemmen met de diplomatieke oplossing die wordt voorgesteld door de Europese Unie, vooral door Duitsland en Italië, die nauwe betrekkingen onderhouden met Iran en die zo hun eigen imperialistische ambities kunnen najagen.
Europa is geen samenhangend geheel. Ieder land heeft eigen belangen te verdedigen. Zo heeft het Franse imperialisme, dat historische banden heeft met Libanon en Syrië, de harde lijn gevolgd. Een lijn die er ook op is gericht om de toestand voor het Britse imperialisme te verslechteren, dat een aframmeling heeft gekregen in het Zuiden van Irak (zie hiervoor No way out for British imperialism, in World Revolution, nr. 308), omdat het in Irak te nauw verbonden was met de Verenigde Staten. Het wil niet worden meegesleurd in een volgend conflict, vandaar de wat subtieler steun van Gordon Brown voor sancties. Toch is de SAS samen met elitetroepen van de Verenigde Staten en Oostenrijks betrokken bij operaties langs de Iraaks-Iraanse grens en in Iran (Sunday Times, 22.10.2007). Dit laat de problemen van Groot-Brittannië zien, want het moet deelnemen aan dergelijke operaties om de belegerde troepen op het vliegveld van Basra te beschermen, zonder de indruk te wekken dat het de Verenigde Staten in de steek laat. Maar tezelfdertijd dragen dergelijke operaties het risico met zich mee te worden meegesleurd in een militaire escalatie waaraan ze niets kunnen veranderen.
Deze explosieve toestand wordt nog gevaarlijker door de toenemende betrokkenheid van het Russische imperialisme. In oktober was er te Teheran een topontmoeting van de landen rond de Kaspische Zee: Iran, Rusland, Azerbeidzjan, Kazakstan en Turkmenistan. Deze topontmoeting verstevigde de toenadering tussen Rusland en Iran: “Inderdaad, het zijn zowel de gemeenschappelijke belangen als de gemeenschappelijke zorgen en ongerustheid, zoals de losgeslagen interventionistische politiek van de Verenigde Staten, die Iran en Rusland dichter bijeen hebben gebracht en dicht bij een nieuw strategisch bondgenootschap. Zowel Iran als Rusland zij het mikpunt van Amerikaanse dwang, hun nationale veiligheid en hun doelstellingen komen in gevaar door het Amerikaanse militarisme van na 9/11.” (Asia Times, on-line, 26.10.2007). Er werd bericht dat president Putin, tijdens een nooit eerder voorgekomen ontmoeting met de ‘opperste leider’ Ayatollah Ali Khamenei zei dat “Een Amerikaanse aanval op Iran beschouwd zou worden als een aanval op Rusland” (Asia Times, on-line 26.10.2007).
Het Iraanse imperialisme lonkt ook naar het Chinese imperialisme. Het wil met China en Rusland samengaan om ‘tegenwicht te vormen voor de alleenheerschappij van de Verenigde Staten’, de Samenwerkingsorganisatie van Sjanghai. China is voorzichtiger in zijn steun aan Iran dan Rusland, maar het ziet in dat zijn belangen gediend worden door er blijk van te geven in te gaan tegen de oorlogsbeluste houding van de Verenigde Staten jegens Iran.
Bij deze warboel moet nog de groeiende destabilisering van de regio worden opgeteld, die wordt gekenmerkt door de dreigementen van Turkije aan het adres van Irak, net als de vastberadenheid van het Israëlische imperialisme om te laten merken dat zijn nederlaag in Libanon vorig jaar niet voor herhaling vatbaar is. Israël heeft altijd gezegd dat het zal proberen Iran er van te weerhouden om kernwapens te ontwikkelen en in een toestand waarin het verzwakt lijkt wordt een dergelijke actie des te waarschijnlijker. Tenslotte kan Saoedi-Arabië niet gedogen dat zijn regionale positie wordt verzwakt door een opkomend Iran.
We kunnen niet voorspellen wat de kokende ketel van spanningen zal brengen. Wat we wél kunnen zeggen is dat het Amerikaanse imperialisme vast zit in een vicieuze cirkel: als het zijn militaire macht niet uitspeelt zullen zijn rivalen proberen volop winst te slaan uit zijn zwakheid, terwijl als het militaire actie onderneemt tegen Iran, het de hele regio nog dieper in de chaos zal storten. Of de Verenigde Staten dit keer al dan niet militaire actie zal ondernemen, toch zullen de arbeidersklasse en de mensheid blijven onderworpen aan de chaos in Irak, het ophitsen van nationalistische hysterie in Iran, constante militaire dreiging vanuit Turkije en Israël en alle ellende waartoe dit alles zal leiden.

 

Phil / 2.11.2007