Ingediend door Wereldrevolutie op ma, 2007-09-24 00:11.
De zomer van 2007 heeft de verergering van de gruwelen en
oorlogschaos in een groot deel van de wereld alleen maar bevestigd. Al
is de toestand in Libanon betrekkelijk en heel tijdelijk bedaard, in
Afghanistan zagen we een toename van de strijd en van terroristische
aanslagen door de Taliban. En dan blijft vooral Irak dat wegzinkt in
het weerzinwekkende. Dagelijks zijn er tientallen doden, zowel bij
bewapende botsingen als in zelfmoordaanslagen en slachtpartijen onder
de bevolking. Deze blinde en dolle woede neemt overhand toe en breidt
zich uit over het land als een echte vlucht voorwaarts die
oncontroleerbaar is geworden. In de maand augustus zijn vijfhonderd
mensen van de Yazidie gemeenschap (1) vermoord in vier
achtereenvolgende zelfmoordaanslagen. Ondertussen ontketenen zich met
ongehoorde brutaliteit afpersingen tussen Koerden, Soennieten en
Sjiieten, en dikwijls nog binnen hun eigen milieu. In juli alleen al
werden er 1.650 Iraakse burgers omgebracht en het ziet er naar uit dat
de balans van de maand augustus nog erger zal zijn.
Dat weerhoudt de Iraakse president niet om te verklaren: “Er bestaat geen sjiitisch-soennitische oorlog, maar wel verdeeldheid binnen deze gemeenschappen” (2). Niet meer, niet minder!
Sinds
2003 zijn er meerdere tienduizenden Irakiërs gedood als rechtstreeks
gevolg van de oorlog, de bevolking lijdt honger, zit zonder
zorgstelsel, elektriciteit is een luxe geworden, net zoals water.
Bagdad is omgevormd tot een verzameling ommuurde getto’s en herbergt
rivaliserende bendes en aan elkaar vijandige gemeenschappen, terwijl
hele families totaal uit elkaar gerukt zijn.
Meer dan twee miljoen
mensen zijn binnen het land zelf verdreven met geen ander perspectief
dan op het onmiddellijke vlak aan de slachtpartij te ontsnappen, en
eenzelfde aantal is naar het buitenland gevlucht met een toekomst die
al even onzeker is.
Wat het Amerikaanse leger betreft, dat telt al
meer dan 3.000 ‘officiële’ doden, terwijl bepaalde officieuze
Amerikaanse hospitaalbronnen het al hebben over 10.000, zonder de
zelfmoorden te tellen die in 2006 al tegen de honderd bedroeg, en er
doen geruchten de ronde dat er binnen het leger verzetshaarden zijn die
met de dag duidelijker worden.
Dat is de onmiddellijke ‘erfenis’ van
de grote strijd tegen het terrorisme van de ploeg rond Bush, en de
coalitie die met hem is meegelopen, in een oorlog die nu door 58% van
de Amerikanen wordt veroordeeld.
Frankrijk probeert weer vaste voet te krijgen in Irak
In
deze context van schreeuwende onmenselijkheid is Kouchner, een fervent
verdediger van de oorlog in Irak net als alle andere oorlogen ter
wereld, als het maar ‘voor de goede zaak’ is, zich gaan bemoeien met
Bagdad. Dit ‘verrassingsbezoek’ diende voor het overbrengen van een “simpele vriendschapsboodschap”,
als drager van de internationale humanitaire vlam. Deze onvermoeibare
reiziger van het Franse imperialisme heeft van de Irakiërs “geduld” gevraagd want men was juist aan het “begin van, naar hij hoopte, het einde gekomen van de crisis.” Wat een man met visie!
Nochtans
kleeft er aan die enigszins belachelijke en ijdele aspecten van deze
reis een onderliggende betekenis van de bedoeling van Frankrijk om weer
mee te spelen op het Iraakse toneel, waar het graag weer invloed zou
willen winnen. Het is vanzelfsprekend dat Frankrijk geen enkel
werkelijk gewicht in de schaal kan werpen in de Iraakse toestand, naar
het evenbeeld van de Verenigde Naties, naar het engagement van wie
Kouchner met hart en ziel verwijst. Of het nu is in de context van de
eventuele terugtrekking van de Verenigde Staten of in die van het
voortzetten van hun aanwezigheid, terwijl Groot-Brittannië alle
voorbereidingen treft voor zijn vertrek, kan men niet zien wat de
objectieve inbreng van Parijs zou kunnen zijn bij het “helpen van de Verenigde Staten om een achterdeur te vinden om Irak te verlaten”
(3). En dat terwijl de Franse inlichtingendiensten voortdurend aan de
Franse president berichten over de elementen van chaos en van de
groeiende ramp die het Amerikaanse leger ondergaat. Bovendien zou
Frankrijk door zijn betrokkenheid weer in het vizier komen van
terroristen.
Toch dient de schanddaad en het cynisme van de Franse
regering en haar vertegenwoordigers aangestipt te worden die, bedekt
met de humanitaire vredesmantel, de monsterachtigheden van de oorlog
aanwenden, er ogenschijnlijk over ontsteld te zijn, om vervolgens
achterbaks hun imperialistische en militaire behoeften na te jagen.
Steeds meer chaos op wereldvlak
De
anti-terroristische kruistocht van de Verenigde Staten is een totale
mislukking die Washington werkelijk in een doodlopend straatje heeft
gewerkt. De verschillende mogelijkheden die momenteel in overweging
worden genomen zijn allemaal ongunstig. Bush is niet in staat gebleken
om in Irak een regering met een minimum aan geloofwaardigheid op de
been te houden. Ze is de directe uiting van de meningsgeschillen tussen
Sjiieten en Soennieten, een regering die al drie jaar lang de helft van
de door het Pentagon geleverde wapens aan de officiële Iraakse
gezaghebbers hebben gestolen ten gunste van hun achtereenvolgende
klieken. En dan nog zonder het te hebben over een politie waarvan vele
elementen zelfmoordterroristen toegang verlenen tot de Amerikaanse
militaire kampen. Dat is de betrouwbaarheid van de instanties en van de
mannen die door de Verenigde Staten op Iraaks grondgebied in het zadel
zijn geholpen. Als de Verenigde Staten blijven zal dat niets aan de
toestand veranderen behalve hem ter plekke nog verergeren en in de
Verenigde Staten zelf de anti-oorlogsoppositie verder aanwakkeren. Het
vertrek zal enkel over verschillende maanden gespreid kunnen
plaatsvinden. Omdat er 150.000 man ter plaatse is met hun materieel is
het voor het Amerikaanse leger zelf gevaarlijk, omdat het de weg opent
naar een uitbarsting van alzijdige oorlogsterreur die nog erger zou
zijn dan de huidige en de poorten zou openen voor Iran dat zijn kans
afwacht. En het zijn niet de 90 man die de Verenigde Naties daarheen
wil sturen, in plaats van de huidige 65, die het tegengewicht gaan
vormen!
Toch wordt het vooruitzicht van minstens een gedeeltelijke
terugtrekking onder ogen gezien door de Bush-administratie. En het is
in die zin, en om tegengewicht te bieden aan de overheersingsdrang van
Teheran, dat er inspanningen worden geleverd om een blok op de been te
brengen van Arabische landen die bondgenoten zijn van Amerika, door hen
versterking aan te bieden van hun militair potentieel: de komende tien
jaar twintig miljard ultraverfijnde bewapening voor Saoedi-Arabië,
Qatar, Bahrein, Koeweit, de Verenigde Arabische Emiraten en dertien
miljard dollar voor Egypte in dezelfde periode. Maar daar zit ’m de
kneep, want Israël eist zijn tegenwaarde, wegens het feit dat zijn
militaire heerschappij in twijfel zou kunnen worden getrokken, net als
zijn rol van ‘politieagent’ van de regio. Daarom hebben de Verenigde
Staten Israël een ‘compensatie’ van dertig miljard dollar aan wapens
toegekend. Dit wil zeggen een aanzienlijke toename van 25% van hun
militaire leveringen aan Tel Aviv.
Zo ziet men dat de Amerika zelf
een opbod aan bewapening organiseert in een hoogst riskante regio en
voor landen zoals Saoedi-Arabië dat in Washington zelfs beschuldigd
wordt van het ondersteunen van de terroristische Soennieten, ja zelfs
van Al Qaïda. In een wereld waar de regel heerst van het ‘ieder voor
zich’ bestaat het antwoord dat de grootste wereldmacht probeert te
geven uit niets anders dan het verergeren van het opvoeren van dit
‘ieder voor zich’ en de oorlogsspanningen.
De kernwapenwedloop, een moet voor de kapitalistische ontbinding
Breed
genomen bestaat er een koortsachtige wapenwedloop, die zich sinds eind
2006 aanzienlijk ontwikkelt en die zich verbreidt over talrijke
grootmachten. En in deze versnelling van de kapitalistische
oorlogsgekte, staat de kernbewapening steeds meer bovenaan. Op zich is
dat geen verrassing. De kernproeven van Noord-Korea begin 2006, de
sinds een jaar herhaalde Iraanse aankopen van kerntechnologie en
raketten van Rusland, de weifelende houding van tweederangs mogendheden
zoals Brazilië over hervatting van hun kernprogramma, enzovoort, waren
tekens aan de wand dat elk land er niet langer genoegen mee neemt om
schuil te gaan onder de kern-‘paraplu’ van de een of andere grootmacht,
maar in tegendeel zichzelf wil gaan verdedigen.
In januari 2007 werd
een weersatelliet vernietigd door een Chinese raket, een vernietiging
in de ruimte die de zwakte duidelijk maakte van het Amerikaanse
vermogen om de lucht-, zee- en landbewapening in ver afgelegen
conflicten te geleiden. En de Verenigde Staten stonden eveneens aan de
basis van deze versnelling door het voorstel om het anti-raketschild
bijna tot aan de grens van Rusland uit te breiden. Rusland moest dat
natuurlijk beantwoorden, en zaten er slechts op te wachten, via vage
bedreiging om te gaan richten op Europa en later via de meer concrete
dreiging van het installeren van raketten in Kaliningrad, aan de
Baltische Zee, net tussen Polen en Litouwen, op een paar passen van het
Amerikaanse schild.
Maar de wedloop van de kernbewapening draait
niet langer enkel om de grootmachten. We zien inderdaad dat er zich een
kernstrook ontwikkelt van het Midden-Oosten naar het Nabije Oosten en
tot in Oost-Azië. Als we Iran meetellen als mogelijke kernmacht zouden
we een bijna doorlopende cirkel kunnen trekken die volgestouwd is met
kernraketten, gaande van Israël naar Noord-Korea, via Pakistan, India
en China, overkoepeld door het Russische arsenaal. Kortom een atoom
kruitvat, in het bijzonder in bepaalde regio’s die nu al kruitvaten
zijn en plekken van voortdurende oorlogsconflicten.
In de context
van het hedendaagse voortwoekeren van allerlei conflicten wordt de
draad waaraan het zwaard van Damocles van de kernbedreiging die boven
ons hoofd hangt steeds verder gespannen. En het zijn niet de
Salt-akkoorden die daartegen enige waarborg bieden. Enkel de massale
ontwikkeling van de arbeidersstrijd die kan leiden tot het omver werpen
van deze kapitalistische maatschappij, en die noodzakelijk is om een
eind te maken aan de terroristische en kernoorlogsdreiging, kan de weg
openen van een toekomst voor de mensheid.
Mulan / 30.08.2007
(1)
De Yazidies zijn een religieuze gemeenschap die beschouwd worden als
ketters door de Soennitische moslimorthodoxie. Een groot aantal onder
hen zijn Koerden.
(2) Le Monde, 22 augustus 2007.
(3) Geciteerd door Le Canard Enchaîné van 22 augustus 2007.