Geen corporatistische, regionalistische, nationalistische verdelingen; Een heid en solidariteit van de arbeiders!

Printvriendelijke versieSend by email

Een voortdurend, onbegrepen wantrouwen, beladen met vooroordelen, het wrede en destructieve oordeel, het schuldgevoel, de schrik voor het andere…. Ziedaar, wat er momenteel binnendringt in het diepste van de samenleving. Ziedaar, botweg uitgedrukt, hoe de relaties tussen de individuen, met steeds meer trieste en agressieve karaktertrekken, worden gekenmerkt.
Iedereen levend in zijn eigen luchtbel, onverschillig kijkend naar de luchtbel van zijn buur, die aan het sterven is als gevolg van verstikking. Ziedaar, wat er elke dag op onze geest drukt en ons steeds verder voert naar nog meer onbegrip en ontreddering. Tegenover de stijgende behoefte aan eenheid en solidariteit onder de arbeiders en geconfronteerd met de algehele catastrofale crisis van haar systeem, zoekt de bourgeoisie immers met alle middelen om het vergif van de verdeeldheid en de confrontatie te zaaien, om ons mee te voeren naar het achterhaalde terrein van de rivaliteit en concurrentie, dat onverbrekelijk verbonden is met het kapitalisme zelf. Met alle middelen, van de meest subtiele tot de meest ruwe, tracht de heersende klasse de geest van de proletariërs te verrotten met de volgend idee: “Jullie belangen zijn die van deze of gene fractie van de bourgeoisie.” Natuurlijk verdoezelt de bourgeoisie dit door te spreken over de ‘hogere belangen’ van het bedrijf of van de natie in het algemeen, alsof het bedrijf of de natie hogere sociale vormen zouden zijn dan de klassestrijd, alsof het bedrijf of de natie niet zouden bestaan om juist enkel het belang van de klasse van onze uitbuiters te dienen.

 

 

De vakbond, de werkelijke ordedienst van de staat in het bedrijf, vormt de voorhoede in deze tactiek van verdeling, en neemt daarnaast de taak op zich vaderlandslievende campagnes te propageren. Terwijl het in naam van de ‘vermindering van de tekorten’ en de ‘concurrentiepositie’ aanvallen regent, de ontslagen zich vermenigvuldigen, kortom de bourgeoisie de crisis van haar systeem laat betalen door de arbeidersklasse, ondermijnen de vakbonden van bedrijf tot bedrijf, van categorie tot categorie het terrein van het ‘verzet’. Tegenover de algehele aanval van de heersende klasse op onze levensvoorwaarden, versplinteren dezelfde vakbonden systematisch de tegenaanval om ons, doorheen kleinere verspreide kwesties, mee te voeren in een strijd voor de verdediging van het een of ander bijzonder belang. Deze zelfbenoemde specialisten van de arbeidersstrijd zetten de arbeiders onderling tegen elkaar op, en verdelen ze tussen gekwalificeerden en precairen. De bourgeoisie weet perfect dat de crisis en de aanvallen zich zullen voortzetten; met de vakbonden bereidt ze dus het terrein voor, put ze ons uit in zowel steriele als demoraliserende gevechten om het proces naar massale stakingen maximaal te vertragen.

 

Het vergif van de verdeling heeft vele gedaanten. Zo ervaren we al jaren de toename in kracht van de regionale aanspraken. Terwijl de onafhankelijke Basken en Catalanen lokale verkiezingen winnen in Spanje, werd er in Barcelona een massale manifestatie georganiseerd om ‘een onafhankelijk Catalonië’ te eisen. Zo ook in België waar, na de politieke crisis van 2010-2011, de Nieuwe Vlaamse Alliantie (NVA) bij de gemeentelijke verkiezingen, op basis van een Vlaamse onafhankelijkheid, een overwinning behaalde, met als hoogtepunt die van Bart De Wever, die met gemak de stad Antwerpen veroverde. In Groot-Brittannië zal Schotland, rijk aan minerale grondstoffen, in 2014 een referendum organiseren over haar onafhankelijkheid! In mindere mate eist de machtige Liga Norte in Italië al jarenlang de autonomie van het dal van de Po.
Overal gaan deze neigingen tot onafhankelijkheid gepaard met ontmoedigende uitspraken, waarbij de arbeiders van de andere regio’s worden voorgesteld als een soort vampiers die het fiscale en economisch bloed uitzuigen van de lokale arbeiders.

 

De burgerlijke propaganda gaat dan ook door met het zoeken naar een zondebok om het failliet van haar kapitalistische systeem te verhullen. Zij kanaliseert de woede van de arbeiders en de bevolking door naar ‘schuldigen’ te wijzen die gebruikt worden om te ‘verdelen om beter te kunnen regeren’. Dit reactionaire nationalisme uit zich steeds openlijker ‘ongeremd’ op de televisie en in de dagbladen. Enerzijds beschuldigt de Duitse bourgeoisie de ‘Griekse’ bevolking en arbeiders er bijvoorbeeld van echte ‘bedriegers’ te zijn, ‘luiaards’ die ‘hun belastingen niet betalen’ met als echo de voorstellen van de zogenaamde ‘Troika’ (Commissie, BCE, FMI); beschuldigt zij de ‘Spaanse of Portugese’ bevolking er eveneens van dat zij ‘op de zak’ van de Noord-Europese landen leeft. Anderzijds doen de bourgeoisie en de media van deze gewraakte landen zich voor als ‘slachtoffers van Duitsland’ en van de ‘Merkel-politiek’, eenvoudigweg de stijgende zwarte ellende uitleggend die hen door het ‘egoïsme’ van de ‘welvarende’ buurlanden wordt opgelegd! Wat de Duitse en Franse arbeiders betreft, die nochtans zelf ook slachtoffer zijn van aanvallen, zij worden veroordeeld om ‘inspanningen’ en ‘opofferingen’ te doen om de ‘jaren van laksheid te betalen’ van de zuiderse landen met de grootste schuldenlast, hen te ontlasten die beschuldigd worden van het ‘werk te stelen van anderen en die enkel de schuld bij zichzelf dienen te zoeken’!
Als reactie op deze walgelijke propaganda, deze laaghartige en gecultiveerde vooroordelen; tegenover deze onderlinge conflicten, moeten we de noodzaak herbevestigen van de internationale eenheid van onze strijd.
Onze echte kracht is inderdaad ons aantal, de eenheid van onze strijd, de eendracht over de verschillen tussen de rassen, over de grenzen van de sectoren en naties heen. Wij moeten onze solidariteit stellen tegenover een verdeelde wereld, gevangen in de private belangen van het kapitaal, tegenover zij die deel uitmaken van de arrogante klasse van uitbuiters, tegenover de door de ‘Verontwaardigden’ aangeklaagde befaamde ‘1%’. Wij, die werken in steeds meer onhumane omstandigheden, moeten ons bewust worden dat we allen de werkelijke slachtoffers zijn van een barbaars systeem in verval. Tegenover het ‘ieder voor zich’, moeten we strijden om ons te verzamelen, om samen na te denken en samen te discussiëren over de middelen om onze waardigheid en onze levensomstandigheden te verdedigen. Het perspectief dat ons gloort, is de verovering van een toekomst die ons toebehoort, een andere wereld verlost van alle geweld, haat en terreur van de uitbuiting. Deze toekomst, deze andere wereld is niet enkel noodzakelijk, hij is mogelijk. Hij zal het ‘rijk van de vrijheid’, van een waarachtige humane wereldgemeenschap moeten bevestigen
n

 

El Generico /27.10.2012