Antwoord aan de IBRP: Diefstal en laster zijn geen methoden van de arbeidersklasse!

Printvriendelijke versieVerstuur per e-mail

In haar “Antwoord op de stompzinnige beschuldigingen van een organisatie die uit elkaar valt”, gepubliceerd op haar website, heeft het IBRP (1) een volgende grens overschreden in haar ernstig opportunistisch afglijden, dat we reeds duidelijk maakten in ons artikel “Het IBRP in gijzeling genomen door herrieschoppers!”: ze rechtvaardigt nu de anti-proletarische gebruiken van een parasitaire groep die zichzelf “Interne Fractie van de IKS” noemt.

Het ‘Antwoord’ van het IBRP begint met het bekritiseren van “het uiterst vulgaire karakter” van de toon van ons artikel, waarin wij de zogenaamde ‘Interne Fractie van de IKS’ (IFIKS) hebben afgedaan als een bende “herrieschoppers”. Als het IBRP de vermoorde onschuld speelt dan betekent dat niet dat zijzelf ‘beschaafder’ omgangsvormen heeft, die van een ‘heer’, want ze staat borg voor de methodes van de IFIKS  en gebruikt deze voor haar eigen doeleinden. Vandaar dat het IBRP geen aanmerkingen had nóch op de vulgariteit van de tekst van de IFIKS getiteld “;Smaad kent geen grenzen”, nóch op “het uiterst vulgaire karakter” van de methoden van deze herrieschoppertjes, die geen scrupules kennen als ze nu oproepen tot pogroms tegen onze zogenaamde “vuiligheden” en tegen onze militanten die als “smeerlappen” worden gebrandmerkt (2).

Zo is dit ‘Antwoord’ van het IBRP op de “stompzinnige beschuldigingen” van de IKS er in de eerste plaats op gericht de diefstal van ons adressenbestand door een lid van de IFIKS goed te praten met de volgende argumenten: “als leidende kameraden van de IKS – die als zodanig beschikken over het adressenbestand van hun organisatie – met de organisatie breken en het adressenbestand bij zich houden omdat ze de kameraden willen overhalen tot de ‘juiste richting’, dan is dit geen diefstal. Het valse moralisme van de IKS stinkt van de huichelarij als ze allerlei soorten beschuldigingen uitstort over diegenen die haar in de steek laten”.

De medeplichtigheid van het IBRP aan diefstal van IKS-materiaal

Deze poging tot ‘rechtvaardiging’ van de gangsterpraktijken van de IFIKS noopt ons tot een paar opmerkingen:

1. Ons adressenbestand, net zoals het geld en al het andere politieke materiaal, behoort toe aan de organisatie als geheel en niet aan de individuele leden die haar vormen. Dat is een elementair beginsel van functioneren van alle revolutionaire organisaties. En het IBRP weet dat heel goed! Daarom weigert ze ook te antwoorden op onze brief van 1 oktober 2004, waarin we onder andere de volgende vragen stelden:

  • Hoe is het mogelijk dat de uitnodiging van het IBRP voor de openbare bijeenkomst van 2 oktober in Parijs is terechtgekomen in de brievenbus van onze abonnees, die hun adres alleen aan de IKS hebben gegeven?
  • “Hoe zou het IBRP reageren als de IKS op haar beurt dezelfde houding aannam, als wij onze steun zouden betuigen en ons medeplichtig zouden maken aan diefstal van het adressenbestand van het IBRP door een van haar voormalige leden”, en als we daarvan zouden gebruikmaken “om haar abonnees uit te nodigen voor onze openbare bijeenkomsten” (Brief van de IKS aan het IBRP, gepubliceerd op onze website)?

2. Als het IBRP niet akkoord gaat met het beginsel dat dit materiaal toebehoort aan de organisatie en niet aan de individuele leden, dan betekent dit dat de militant die de financiën beheert, onder het voorwendsel van de voortzetting van politiek werk, er rustig met de kas vandoor kan gaan zodra hij uitgesloten wordt of breekt met de organisatie. Deze zienswijze is er één van een anarchist of een lompenproletariër, maar niet die van de organisaties van het proletariaat.

Wij herinneren het IBPR eraan dat de bende herrieschoppers van de IFIKS zich niet beperkte tot het stelen van ons adressenbestand. Ze heeft ook geld gestolen van de IKS. Ze heeft ook geld van de organisatie verduisterd door te weigeren ons de prijs van de vliegtuigtickets terug te betalen die bedoeld waren om twee afgevaardigden van onze afdeling in Mexico naar Parijs te laten komen: deze laatsten werden op het vliegveld van Roissy gekidnapt door de herrieschoppers van de IFIKS, die hen verhinderden om deel te nemen aan de Buitengewone Conferentie van 2002 (zie ons artikel in Révolution Internationale, nr. 323, mei 2002).

Het lezen van de argumenten van het IBRP waarmee diefstal van ons politiek materiaal wordtgerechtvaardigd, rechtvaardigt ons recht de vraag te stellen: heeft het IBRP ook met het geld, dat gestolen is van de IKS, de zaal kunnen huren om haar openbare bijeenkomst van 2 oktober in Parijs te houden (want het IBRP heeft deze bijeenkomst georganiseerd met materiele steun van de IFIKS)?

3. De opvatting van het IBRP volgens welke “leidende kameraden” al het materiaal mee kunnen nemen dat hen is toevertrouwd, omdat ze er niet in geslaagd zouden zijn om de militanten te overtuigen van de juistheid van hun standpunten, is volkomen vreemd aan de arbeidersbeweging. Deze politiek heeft een naam: het is de verwoestende politiek van de ‘verschroeide aarde’. Als men er niet in slaagt om zijn standpunten op waarde te laten schatten, dan berooft men de organisatie; en in een poging om haar activiteiten te saboteren maakt men zich meester van haar politieke materiaal (3).

Deze herrieschopperspraktijken zijn door de IKS al eerder publiekelijk aan de kaak gesteld tijdens de ‘affaire Chénier’ in 1981. Toentertijd hadden de twee organisaties die het IBRP zouden vormen (Battaglia Comunista en de Communist Workers Organisation) nog een minimum aan waardigheid: ze snelden nóch de burger Chénier nóch de parasitaire groep CBG te hulp. Ze schreeuwde geen moord en brand over “het uiterst vulgaire karakter” van de IKS toen wij in de navolgende termen de handelwijze van deze herrieschoppertjes verwierpen: “Deze kameraden (die van de voormalige afdeling van de IKS in Aberdeen) hadden al maanden weet van de manoeuvres van Chénier en ze hebben de diefstal achteraf goedgepraat als iets ‘normaals in het geval van een splitsing’. Onze veroordeling van deze praktijken werd gekwalificeerd als een ‘reactie van kleinburgerlijke bezitters’ [...] In de eerste nummers van The Bulletin verwees ze [de CBG] naar onze houding om zich over te geven aan de verspreiding van kletspraat over de IKS dat net zo laag als stompzinnig was [...] Als men zich afsplitst kan men stelen wat men wil, maar als men tenslotte een groep voor zichzelf heeft, is men thuis de baas… zodra de herrieschoppertjes enig bezit hebben verworven denken ze er anders over [...] Wat zijn de standpunten van de CBG? Ziedaar alweer een groep wier bestaan parasitair is. Wat vertegenwoordigt ze ten opzichte van het proletariaat? Een provinciaalse versie van het platform van de IKS, maar zonder de samenhang en met diefstal ter compensatie.” (Internationale Revue, nr. 36, In antwoord op de antwoorden). Wat we twintig jaar geleden vaststelden met betrekking tot de herrieschoppers-methoden van de CBG is bijgevolg volledig van toepassing op de IFIKS.

Het moet duidelijk zijn dat de IKS er niet van afziet om het geld dat de IFIKS heeft gestolen op de ene of andere manier terug te halen. Zij zal, als het zover is, dezelfde politiek voeren als meer dan twintig jaar geleden toen ze het materiaal terughaalde dat door een paar mensen van de ‘Chénier-richting’ gestolen was, en met name diegenen die de CBG vormden.

4. Juist omdat het gaat om een elementaire regel in het functioneren van de organisaties van het proletariaat, zoals vastgelegd in onze statuten, moet iedere militant die de organisatie verlaat (of dat nu gebeurt op eigen initiatief of als gevolg van een uitsluiting) al het materiaal teruggeven aan door de IKS dat hem is toevertrouwd voor zijn taken te vervullen: “de militant doet geen persoonlijke ‘investering’ in de organisatie, waarvan hij dividend verwacht of die hij kan terugtrekken als hij haar verlaat. We moeten daarom iedere praktijk van ‘beslaglegging’ op materiaal of fondsen uit de organisatie verwerpen als volslagen vreemd aan het proletariaat, zelfs als het doel er uit bestaat een andere politieke groep op te richten”. (Rapport over de structuur en de functionering van de organisatie van revolutionairen, punt 12, Internationale Revue, nr. 16). De leden van de IFIKS weten dus heel goed dat ze, door ons adressenbestand mee te nemen (en door geld te stelen van de organisatie), praktijken hebben toegepast die “volslagen vreemd zijn aan het proletariaat”. Ze hebben onze statuten overtreden en dus gebroken met de IKS door zich buiten de organisatie te plaatsen nogvoordat ze werden uitgesloten.

Onder andere daarom weigerden ze om een beroep te doen op een Erejury, zoals hen tweemaal is voorgeslagen door de IKS. Ze verklaarden de beschuldigingen die we op grond van hun gedrag tegen hen inbrachten als leugens (zie ons artikel op de website: De Erejury: een wapen om kommunistische militanten en organisaties te verdedigen).

5. Het IBRP geeft nog een ander argument om de diefstal te rechtvaardigen: omdat het om “leidende kameraden” ging, “als zodanig” konden de leden van de IFIKS zich het rechtaanmatigen het materiaal mee te nemen dat aan de organisatie toebehoorde. Dus, de “leiders” zouden rechten en privileges hebben die de “basismilitanten” niet hebben! Deze elitaire en bureaucratische visie vindt men terug in de burgerlijke (en met name in de stalinistische) organisaties, maar niet in die van de arbeidersklasse!

We willen er graag de nadruk op leggen dat de IKS niet het piramidale gezichtspunt van het IBRP huldigt van “leiders” maar van de leden van de “centrale organen”. Het is niet “als zodanig” (dat wil zeggen als “leidende” leden) dat de IKS haar adressenbestand had toevertrouwd aan iemand die nu lid is van de IFIKS. De IKS had haar dit bestand gegeven omdat zij als militant belast was met de verzending van de publicaties aan onze abonnees. Als wij deze zeer belangrijke en verantwoordelijke taak hebben toevertrouwd aan wat het IBRP “leidende kameraden” (iets wat de militanten van de IKS flink heeft doen lachen!) noemt, dan is dat alleen omdat ze deze zeer goed vervulde.

In argumenten, die in dit ‘Antwoord’ op onze “stompzinnige beschuldigingen” zijn vervat, ontdekken we in werkelijkheid de medeplichtigheid van het IBRP aan deze diefstal. Ze zegt ons in feite dat de IFIKS het recht had dit adressenbestand te houden teneinde “kameraden voor de juiste richting te kunnen winnen” (4). Dit argument is niet alleen bedoeld om laaghartige praktijken van de IFIKS ‘goed te praten’. Het heeft ook en vooral de bedoeling om de pogingen tot sabotage en destabilisering van de IKS door het IBRP te rechtvaardigen, die al meer dan twee jaar achter onze rug om geschieden.

Onze lezers kunnen de manoeuvres van het IBRP ontdekken in Bulletin, nr. 9 van de IFIKS, manoeuvres die eruit bestaan deze bende herrieschoppers aan te moedigen haar aanvallen tegen onze centrale organen en tegen onze militanten voor te zetten teneinde een maximum aan kameraden te winnen voor … “de juiste richting”! Wij nodigen onze lezers dus uit om zich te wenden tot Report of the meeting on 17-03-02, gepubliceerd in ditzelfde Bulletin, nr. 9 (beschikbaar op de website van de IFIKS). Ze zullen er de ‘argumenten’ vinden die de diefstal van ons adressenbestand moeten rechtvaardigen: het gaat er voor de IFIKS om (met de zegening van het IBRP) haar walgelijke proza aan de militanten van de IKS te zenden teneinde “de ogen van de militanten van de IKS te openen, waarvan wij menen dat zij op korte termijn in een dynamiek meegaan die erin bestaat het BO (Besluitvormende Orgaan) van de IKS te ‘volgen zonder zich vragen te stellen’ [...] Het IBRP heeft deze oriëntatie goedgekeurd”, en wel in de volgende termen: “Jullie moeten je strijd voortzetten tegen de huidige afwijkende richting en [voor] het herstellen van de organisatorische en politieke verworvenheden.”

Zo vernemen we dus dat het IBRP niet alleen de IFIKS aanmoedigde om haar vuile werk te doen (dat eruit bestaat de brievenbussen van onze kameraden en onze abonnees te vullen met hun walgelijke laster), maar bovendien heeft ze deze strijd aangemoedigd en ondersteund … “voor het herstellen van de organisatorische en politieke verworvenheden van de IKS”! Onze lezers kunnen zich zelf een idee vormen van de dubbelzinnigheid en de ongelofelijke (maar ware!) dubbelzinnige taal van het IBRP: aan de ene kant pretendeert ze (op een huichelachtige manier) er belang bij te hebben de “organisatorische en politieke verworvenheden” van de IKS te verdedigen, aan de andere kant bevestigt ze (in haar ‘Antwoord’ op onze “stompzinnige beschuldigingen”) de IFIKS te willen “overtuigen” dat de “intrinsieke zwakheden” van de IKS zijn gelegen in “de fundamentele methodologische vraagstukken die ons (het IBRP) altijd al van de IKS hebben gescheiden”.

En deze huichelarij bereikte werkelijk haar hoogtepunt toen het IBRP, terwijl ze tegelijkertijd de IFIKS steunde in haar strijd tegen onze zogenaamde “liquidationistische leiding” (zoals de IFIKS het noemde), schreef: “Het is niet aan ons om te zeggen wie gelijk of ongelijk heeft in de organisatorisch-disciplinaire twisten van de IKS! (zie de tekst van het IBRP, gedateerd februari 2002 en gepubliceerd in verschillende talen op hun website: Elementen ter overdenking over de crises van de IKS).

Men begrijpt nu veel beter waarom het IBRP de diefstal van ons adressenbestand niet kon veroordelen. Ze had er eenvoudigweg belang bij om de IFIKS (en haar smerige praftijken) te gebruiken, niet alleen als wervingsagent voor haar eigen winkeltje, maar ook om te proberen problemen te veroorzaken binnen de IKS.

Het is duidelijk dat (anders dan het IBRP pretendeert) niet het “valse moralisme van de IKS”, maar de verwerping door het IBRP van iedere vorm van proletarische moraal “stinkt naar hypocrisie”!

En wij herhalen nog een keer naar het IBRP (op het gevaar af nogmaals haar kuisheid van een kostschoolmeisje te choqueren): als men slaapt met een vrouw van lichte zeden, moet men niet verbaasd zijn als men een druiper oploopt.

In punt 2 van haar ‘Antwoord’ aan onze “stompzinnige beschuldigingen”, bevestigt het IBRP, nog altijd in verband met de diefstal van ons adressenbestand dat gebruikt werd om de uitnodiging te versturen voor de openbare bijeenkomst van 2 oktober: “We hoeven noch aan de IKS noch aan iemand anders verantwoording af te leggen over de manier waarop we politiek bedrijven” en het IBRP stigmatiseert de “pretentie van de IKS de zogenaamde tradities van de Kommunistische Linkerzijde te vertegenwoordigen”, iets wat haar “pathetisch” voorkomt.

Wat óns vooral “pathetisch” lijkt, dat is om te moeten vaststellen dat het IBRP, door van zichzelf een medeplichtige van de IFIKS te maken, haar eerstgeborenenrecht heeft verkocht voor een bord linzen. Daarom is zij bezig om niet alleen de traditie van de Kommunistische Linkerzijde voor de zwijnen te gooien, maar ook de elementaire beginselen van de arbeidersbeweging, om in plaats daarvan de wet van de jungle te aanvaarden!

Op de vraag, die gesteld werd door onze abonnees, “hoe heeft het IBRP onze adressen in handen gekregen?”, ziedaar het antwoord dat gegeven werd: hoepel op, het IBRP hoeft aan niemand verantwoording af te leggen over de “manier waarop ze politiek bedrijft”!

Menen de ‘leiders’ van het IBRP dat ze ook geen verantwoording hoeven af te leggen aan de militanten van haar eigen organisatie (die niet hebben deelgenomen aan deze openbare bijeenkomst of die verbaasd waren te vernemen dat de uitnodiging van het IBRP naar personen was verstuurd waarvan ze de adressen niet had)? Is “deze manier van politiek bedrijven” in overeenstemming met de statuten van het IBRP, of “volgen” deze militanten blindelings de (totaal onverantwoordelijke) politiek van hun ‘leiders’…“zonder zich vragen te stellen”?

Het IBRP en de IFIKS verenigd in lief en vooral leed!

In het eerste punt van haar ‘Antwoord’ aan onze “stompzinnige beschuldigingen” begint het IBRP met de vaststelling dat haar contacten met de IFIKS “bestaan en blijven bestaan” met als argument: “wij willen voorkomen dat met het vertrek van leiders van de ‘oude garde’, de zoveelste splitsing van de IKS leidt tot het ontstaan van een nieuwe dissidente groep van de IKS die zich beroept op haar orthodoxie”.

Dat is een heel mooi voornemen van het IBRP (en wij zijn werkelijk ontroerd door die liefdevolle zorg!). Maar we weten dat de weg naar de hel is geplaveid met goede bedoelingen. Het IBRP wil ons dus doen geloven dat het is om te voorkomen dat er een nieuwe parasitaire groep (want zelfs als men weigert dat te aanvaarden moeten we de dingen bij hun naam noemen!) ontstaat, dat zij probeert om de IFIKS ervan te overtuigen om de programmatische standpunten van de IKS te verwerpen (5). In werkelijkheid discussieert het IBRP echter met de leden van de IFIKS om ze te kunnen rekruteren.

En we zien niet in waarom ze zich in zulke bochten moet wringen om ons van haar ‘oprechtheid’ te overtuigen. In ieder geval heeft het IBRP geen enkele waardigheid meer: ze heeft zich er al toe verlaagd op zoek te gaan in… de vuilnisbak van de IKS!

Van onze kant blijven we het IBRP verzekeren dat het ons doel niet in het minst is om haar pogingen tot ‘krachtenbundeling’ te saboteren (zoals de IFIKS en haar tweelingbroer, de ‘Circulo’ van Argentinië van de daken schreeuwen). Als we werkelijk het gezichtspunt van een ‘winkeliertje’ verdedigden, dan nog zou het ons veel beter uitkomen als het IBRP de leden van de IFIKS in haar rangen inlijft. Ze zou een grote dienst bewijzen aan onze organisatie door ons te ontlasten van dit parasitaire groepje, dat niet ophoudt de naam van de IKS te bevuilen door zich op ons platform te beroepen.

De enige en uitsluitende reden waarom we het IBRP hebben gewaarschuwd tegen de verleidingingen van de IFIKS is de volgende: wij wilden voorkomen dat een organisatie van de Kommunistische Linkerzijde de proletarische beginselen met voeten treedt door in te staan voorde methodes van deze bende herrieschoppers. Maar als het IBRP zichzelf in diskrediet wil brengen door zich te verenigen met deze elementen, dan kan niemand dat verhinderen. Zoals het spreekwoord zegt: ‘Je kan een ezel niet laten drinken als hij geen dorst heeft’!

Nogmaals, hoe eerder het IBRP erin slaagt de IFIKS ervan te ‘overtuigen’ om ons met rust te laten des te beter voor ons! Jammer genoeg, door te weigeren onze analyse van het verschijnsel parasitisme ter harte te nemen (waarin enkel is overgenomen wat Marx naar voren bracht met betrekking de Alliantie van Bakoenin in de Eerste Internationale), berooft het IBRP zichzelf van een wapen dat haar ervoor kon behoeden haar eer te grabbel te gooien in dit schandelijke avontuur. Ze blijft achter de IFIKS aanlopen in de hoop de worst, die haar wordt voorgehouden, te pakken te krijgen: het vooruitzicht van een toekomstige afdeling van het IBRP in Parijs en Mexico!

De leden van de IFIKS zijn natuurlijk niet in het minst van plan om zich te laten ‘overtuigen’ door het IBRP en nog minder om zich bij haar aan te sluiten. Daarom blijven deze parasieten met een ziekelijke obsessie herhalen dat ze niet hebben ‘gebroken met de IKS’. Zo pronkt de IFIKS in haar laatste Bulletin (nr. 28) openlijk met een meningsverschil dat ze heeft met het IBRP: in tegenstelling tot wat de laatste verzekert in haar ‘Antwoord’ op de “stompzinnige beschuldigen” van de IKS, heeft de IFIKS het nodig gevonden “een kleine precisering aan te geven met betrekking tot wat het IBRP zegt: wij hebben niet gebroken (met de IKS), wij zijn buitengesloten”. We hebben werkelijk te doen met het IBRP en hopen dat ze over deze grote teleurstelling heen komt. We kunnen haar slechts uitnodigen haar illusies op te geven: de leden van de IFIKS kunnen zich niet bij het IBRP aanlsuiten, zoals ze nog een keer verzekeren in hun Bulletin nr. 28, ‘de fractie is de IKS’!: “wij, fractie, zijn de IKS!”.

We kunnen niet van het IBRP verwachten dat het een gek, die denkt Napoleon te zijn omdat dat zijn enige bestaansreden is, tot de werkelijkheid terug te brengen. We staan er echter versteld van dat het IBRP, aangetast door zijn eigen opportunisme, zelfs niet in staat is de totaal krankzinnige grootheidswaanzinnige aard van de gedachtewereld van deze zogenaamde ‘fractie’ in te zien.

Met betrekking tot onze Stellingen over het parasitisme, weet het IBRP ons nog te vertellen: “terwijl er zoveel dingen in de wereld gebeuren heeft de IKS niets beters te doen dan ‘Stellingen’ over haar interne twisten te schrijven”.

Iedere lezer die een beetje serieus is kan de samenvatting van de openbare bijeenkomst van 2 oktober van de IKS vergelijken met die van IBRP (op de website van Battaglia Comunista). Hij zal zien dat het IBRP over de oorzaken van de oorlog in Irak niet in staat was om te antwoorden op de vragen die gesteld werden op haar publieke bijeenkomst, en ook niet de argumenten te weerleggen die door de IKS naar voren werden gebracht (zie Révolution Internationale, nr. 351, Le vide politique et l’absence de méthode du BIPR)! Geconfronteerd met het uitbarsten van oorlogsbarbarij en bloedige chaos in Irak, in het Midden-Oosten, in Afrika, weet het IBRP niets anders te bedenken dan het op de helling zetten van de analyse van het verval van het kapitalisme (uitgewerkt door de Kommunistische Internationale). Ze weet niets beters te bedenken dan het overnemen van de propaganda van de burgerlijke economen om zo het proletariaat de troosten (en te misleiden) door het wijs te maken dat het kapitalisme nog een schitterende toekomst voor de boeg heeft!

Voor wat betreft de kritiek op onze Stellingen over onze “interne twisten” zou het IBRP zich eerst eens moeten richten tot Marx: terwijl er een gebeurtenis plaatsvond van de omvang van de Commune van Parijs in 1871 had Marx “niets beters” te doen een Conferentie bijeen te roepen in Londen, hoofdzakelijk gewijd aan het organisatievraagstuk en met name om het geval Bakoenin en zijn parasitaire groep, de ‘Alliantie van de socialistische democratie’, onder de loep te leggen! En het enige congres van de IAA waarop Marx persoonlijk aanwezig was, dat van Den Haag in 1872, was, op zijn aandrang en die van Engels, hoofdzakelijk gewijd aan het uitdiepen van de vraagstukken van organisatie en functioneren. En een jaar later hebben Marx, Engels en Lafargue een aanzienlijke hoeveelheid tijd en energie besteed aan het schrijven van een groot boek over de occulte kuiperijen van Bakoenin en zijn medeplichtigen (getiteld De Alliantie van de socialistische democratie en de Internationale arbeidersassociatie). Wat te denken van Lenin,die na het tweede Congres van de RSDAP “niets beters wist te doen dan te schrijven”, niet enkel Stellingen, maar zelfs een heel boek (Eén stap voorwaarts, twee stappen terug) “over de interne twisten” van de RSDAP?

Het IBRP heeft nog steeds niet begrepen dat (door haar onvermogen om zich de ervaringen uit de geschiedenis van de arbeidersklasse eigen te maken) het vraagstuk van de politieke houding van kommunistische militanten een principekwestie is. Daarom wordt het (en niet de IKS!) bedreigd met “uiteenvallen”. Door gemene zaak te maken met elementen die niets beters te doen hebben dan honderden pagina’s vol te schrijven met laster tegen de IKS en haar militanten (zie onder andere de politieroman van de IFIKS, getiteld Geschiedenis van het IS) komt het IBRP nu tot een “manier van politiek bedrijven” die volkomen vreemd is aan het proletariaat, niet alleen gebaseerd op diefstal, maar eveneens op leugens en laster.

Het IBRP gebruikt leugens en laster

In punt 5 van haar ‘Antwoord’ op onze “stompzinnige beschuldigingen”, herhaalt het IBRP dat het er nooit op uit was om ‘gebruik te maken’ van de beschuldigingen van stalinisme door de IFIKS: “we houden de ‘waarschuwingen’ van een organisatie die [...] iedere keer beschuldigingen van opportunisme en stalinisme oogst voor belachelijk, en we hebben daarvan nooit gebruik willen maken”.

Deze bewering is een grove leugen. Wij verwijzen onze lezers nog eens naar Bulletin nr. 9 van de IFIKS, waarin het IBRP in de volgende termen geloofwaardigheid verleent aan de ‘stelling’ van de IFIKS volgens welke de IKS in een proces van “stalinistische ontaarding” zou zijn terechtgekomen: “Het is ons [het IBRP] duidelijk dat er een proces van eliminatie van militanten plaatsvond. Een eliminatie van de oude garde, waarvan alleen Peter overblijft [...] het zal snel gaan, de tendens om tot uitsluitingen over te gaan is reeds onomkeerbaar geworden” (6).

Dus, het IBRP is niet alleen op heterdaad betrapt op een leugen als ze nu, met de hand op het hart, beweert dat ze “nooit gebruik heeft willen maken van de beschuldigingen van stalinisme” tegen de IKS, maar ze heeft zichzelf tot woordvoerder gemaakt van de nauwelijks verhulde laster tegenover een van onze kameraden, de ‘leider-liquidator’ (om een geliefde uitdrukking van de IFIKS te gebruiken) die, net als Stalin ‘de oude garde zou hebben geëlimineerd’!

En het is eveneens deze “weerzinwekkende methodologie”, gebaseerd op leugens en laster, die het IBRP er onlangs toe heeft gebracht (in drie talen!) op haar website de lasterlijke tekst van ‘Circulo de Comunistas Internationalistas’ uit Argentinië te publiceren (waarvan wij al aan het licht brachten dat ze niets anders dan kolossaal bedrog is).

Ondanks het feit dat we op 27 oktober al de Verklaring van de NCI gepubliceerd hadden (zie onze website) blijft het IBRP de leugen rondstrooien dat de NCI, net als de IFIKS, “gebroken heeft met de IKS” (zie de website van Battaglia Comunista). Zo neemt het IBRP andermaal zijn wensen voor werkelijkheid.

Ondanks het feit dat de NCI haar deze Verklaring (waarin ze verzekert dat de teksten van ‘Circulo’ “schaamteloze leugens en laster zijn tegen de IKS”) had toegestuurd, heeft het IBRP het nog steeds niet nodig gevonden om de tekst van de ‘Circulo’, die de zogenaamde ‘stalinistische methoden’ van de IKS aanklaagt, van haar website te verwijderen. Dit betekent slechts dat ze doorgaat om leugens en laster te gebruiken en op haar eigen naam te schrijven.

De reden voor een dergelijke politiek van burgerlijke aard kan men vinden in Bulletin, nr. 9 van de IFIKS. Onze lezers zullen er ontdekken dat het IBRP en de IFIKS in maart 2002 begonnen waren een gezamenlijke een politieke strategie uit te werken om de IKS te vernietigen.

Zo horen we bij monde van het IBRP: “als we tot de conclusie komen dat de IKS een ‘waardeloze’ organisatie is geworden, dan zal ons doel zijn om er alles te doen om haar verdwijning te bevorderen” (vet van ons).

Ziedaar waarom en met welk politieke bedoeling de contacten tussen het IBRP en de IFIKS “bestaan en blijven bestaan”! Het is met dit duidelijk geuite doel “er alles te doen om haar verdwijning (die van de IKS) te bewerkstelligen” wierp het IBRP zich (net als de IFIKS) op delasterlijke tekst van de bedrieger (de zogenaamde “Circulo de Comunistas Internationalistas”), zoals een vlieg op een hoop stront!

Het IBRP verkeert echt niet in de positie om ons de les te lezen over enig ‘echt moralisme’. Haar kritiek op ons “valse moralisme” dient er slechts toe deze erbarmelijke werkelijkheid toe te dekken: het IBRP heeft de anti-proletarische ‘moraal’ van de jezuïeten aanvaard waarin het doel de middelen heiligt!

Om de IKS te vernietigen en het vonnis ten uitvoer te brengen dat zijzelf over onze organisatie (en achter onze rug om!) heeft uitgesproken is het IBRP momenteel bereid (en ze heeft daarvan al blijk gegeven) zich van de laaghartige methoden van de burgerlijke propaganda te bedienen.

Zo heeft ze, om haar doeleinden te bereiken, niet alleen een verbond gesloten met de herrieschoppers van de IFIKS en de grootheidswaanzinnige manipulator van de ‘Circulo’ in Argentinië, maar ze neigt er steeds meer toe om de “weerzinwekkende praktijken” van heel dit lekkere stelletje over te nemen!

Als we het IBRP een raad zouden mogen geven, dan is het de raad om eerst eens haar eigen stoep schoon te vegen: terwijl er sinds 11 september 2001 “zoveel dingen gebeurd zijn in de wereld”, weet het IBRP niets anders te doen dan oudenwijvenpraatjes op te hangen over ‘de oude garde’ van de IKS. Ze heeft niets beters te doen dan zich achter de oren te krabben over de vraag “of de IKS nu op sterven ligt” (Brief van het IBRP aan de fractie, gepubliceerd in het Bulletin, nr. 19 van de IFIKS). Ze heeft geen beter leesvoer kunnen vinden dan de politieroman van de IFIKS, doorspekt met kleine ‘pikante’ details over het ‘voorkomen’ en het persoonlijke leven van deze of gene militant!

En wat zijn, terwijl er momenteel “zoveel dingen gebeuren in de wereld”, de laatste streken van de groep die de pretentie en het lef heeft om zichzelf wereldwijd voor te doen als … de enige ‘serieuze pool’ van krachtenbundeling van de Kommunistische Linkerzijde? Zij weet niets beters te doen dan de hersenspinsel van een psychopaat (waarvan de leugens al net zo indrukwekkend zijn als de afwezigheid van scrupules) op haar website in drie talen voor te leggen ‘ter discussie’. En dat alles om er achter te komen of... onze telefonische contacten met de militanten van de NCI uit Argentinië (waarvan het IBRP zelfs niet de inhoud kent!) een nieuwe bevestiging zouden vormen voor de ‘stalinistische ontaarding’ van de IKS!

Door zich nu in te laten met de IFIKS heeft het IBRP een bom gelegd onder haar eigen huis. Wij kunnen de IFIKS slechts dankbaar zijn voor het feit dat ze ons, dankzij haar “Bulletins”, de bedoelingen heeft onthuld van het IBRP om “er alles te doen om de verdwijning te bevorderen” van onze organisatie. Voor één keer heeft ze met haar verklikkerij een dienst bewezen aan de IKS!

Als ze zichzelf niet te gronde wil richten, dan wordt het de hoogste tijd dat het IBRP een einde maakt aan haar “overdenkingen (en stompzinnige speculaties) over de crises van de IKS”, en eerst eens gaat nadenken over de oorzaken van haar eigen organisatorische tegenslagen en over haar huidige mislukkingen.

Dat is de enige ‘methodologie’ die haar (wellicht?) in staat stelt om te ontsnappen aan het noodlot waartoe haar aangeboren opportunisme haar altijd al vanaf haar ontstaan heeft veroordeeld.

Het wordt de hoogste tijd dat het IBRP onderkent dat ze, ondanks haar diplomatiek en ‘tactische’ verbond met de IFIKS, niet over de middelen beschikt om deze ambitie te realiseren: “de verdwijning van de IKS bevorderen” teneinde de ‘enige pool van krachtenbundeling’ van de Kommunistische Linkerzijde te zijn. Hoe meer het IBRP konkelt met deze bende herrieschoppers (en haar kleine ontaarde kloon in Argentinië), des te meer ze zich zal begeven op de weg, niet naar een “langzaam maar zekere samenvoeging van revolutionaire krachten” (zoals zij verzekert in haar ‘Antwoord’ op onze “stompzinnige beschuldigingen”) maar naar een tragisch en grotesk einde van een … muis die zich groter voordoet dan een olifant!

IKS / 18.11.2004

(1) Internationaal Bureau voor de Revolutionaire Partij, een organisatie die zich beroept op de Italiaanse Kommunistische Linkerzijde en die hoofdzakelijk bestaat uit de Communist Workers Organisation (CWO) in Engeland en Battaglia Comunista in Italië.

(2) Zie de tekst van de IFIKS Smaad kent geen grenzen, gepubliceerd op haar website, die de inleiding vormt op de Verklaring van de ‘Circulo’ van 2 oktober. Vreemd genoeg is deze Franstalige tekst van de website van de IFIKS verdwenen (hij is tot op heden alleen in het Spaans en het Engels gepubliceerd). Gelukkig hebben we kopieën bewaard en we kunnen deze aan de lezers op verzoek toesturen. Bovendien moet worden opgemerkt dat de oproepen tot pogrom, die door deze herrieschoppers zijn gedaan, enige weerklank vonden blijkt uit een anonieme dreigbrief die begin november naar ons email adres in Spanje werd gestuurd. De lezers kunnen de brief (even vulgair als walgelijk) van deze ‘anonieme schrijver’, vergezeld van ons antwoord, vinden op onze website in het Spaans (Antwoord op een anonieme brief).

(3) De IFIKS beschouwt de IKS dus als haar privébezit als ze verzekert in haar Bulletin, nr. 28 nog eens dat de IKS onze organisatie” is. Het is dezelfde zienswijze die de ex-militant Michel, tijdens een geheime bijeenkomst waarvan wij de notulen ontdekten, ertoe bracht te verzekeren: “We moeten de middelen om te functioneren terugvorderen”. Er moet opgemerkt worden dat Michel er de voorkeur aan heeft gegeven zich terug te trekken in plaats van zich bij de ‘fractie’ aan te sluiten, omdat hij zich had gerealiseerd dat de dingen “die men (achter de rug van de IKS om) deed smerig zijn”! En in tegenstelling tot zijn vrienden van IFIKS heeft hij de IKS op een meer ‘eerbare’ wijze verlaten door zijn totale schuld aan de IKS af te betalen. Dat is ook het geval met een andere ex-militant (Stanley) die, alhoewel hij met de leden van de IFIKS deelnam aan allerlei gekonkel achter de rug van de organisatie om, zich van hen afkeerde en ook al het geld, dat hij nog schuldig was aan de IKS, afbetaalde.

(4) Terloops moet worden opgemerkt dat de leden van de IFIKS op geen enkelmoment enige poging hebben gedaan om de rest van de IKS te overtuigen van de ‘juiste richting’. Integendeel, door hun openlijke destructieve houding en hun strategie van de ‘verschroeide aarde’; door hun systematisch gebruik van leugens en chantage;  door hun achterbakse aanvallen en gemene manoeuvres hebben ze zich geïsoleerd van alle andere militanten van de IKS, met inbegrip van degenen die in het begin het meest gevoelig waren voor hun argumenten. Terwijl de IKS hen aanspoorde om openlijk hun meningsverschillen naar voren te brengen in onze interne bulletins en op onze gebruikelijke bijeenkomsten, gaven ze er de voorkeur aan om documenten te laten circuleren onder ‘ingewijden’ en te weigeren ze ter beschikking te stellen van de rest van de organisatie, en hield ze geheime bijeenkomsten, bedoeld om samen te spannen en zo de organisatie te ‘ontwrichten’ (naar de woorden van een van die moraalridders). Ook toen we ze uitnodigden om in onze Internationale Revue een antwoord te publiceren op het artikel over het begrip ‘fractie’ dat in diezelfde Internationale Revue, nr. 108, was verschenen en dat, op basis van de historische ervaringen van fracties in het verleden, de opvattingen verwierp die aan de basis lagen van de oprichting van de ‘IFIKS’, weigerden ze om daarvan gebruik te maken om de lezers te overtuigen van de ‘juiste richting’.

(5) We leggen er de nadruk op dat in haar ‘Antwoord’ op onze “stompzinnige beschuldigingen” het IBRP overigens een aanzetje begint te geven tot analyse van het verschijnsel parasitisme. Zo verzekert ze, heel terecht, dat de vorming van een “nieuwe dissidente groep van de IKS” kan betekenen dat “de een of andere intellectueel, omringd door enkele sympathisanten, zich het recht toe-eigent zijn eigen kleine groepje te vormen door hier of daar een paar ideeën en standpunten te jatten, of vanuit een inherent onvermogen verenigd te blijven met andere kameraden”. Door verraad te plegen aan onze organisatorische beginselen, door weerzinwekkende laster tegen onze centrale organen en onze militanten te verspreiden, hebben de elementen van de IFIKS gebroken met de IKS (en wij zijn het daarover helemaal eens met het IBRP!): “ze hebben hun eigen onvermogen om verenigd te blijven met andere kameraden” blootgelegd. Door geld en materiaal van de IKS te “pikken”, door “hier of daar (bij de IKS en het IBRP) een paar ideeën en standpunten te jatten”, hebben deze oplichters geen enkel ‘recht’ om zich te beroepen om de Kommunistische Linkerzijde. We kunnen het IBRP slechts aansporen om nog een klein beetje moeite te doen om haar overdenkingen tot het einde toe door te zetten: dit zelf-geproclameerde groepje ‘Interne Fractie van de IKS’ is geen historische uitdrukking vanhet proletariaat. Ze heeft geen enkele legitimiteit en is niets anders dan een parasitaire groep! Wat betreft de karikatuur die het IBRP van onze analyse van het parasitisme maakt, in een poging de ‘stompzinnige’ beschuldigingen van de IKS, die “schreeuwt over een complot van de bourgeoisie!” belachelijk te maken, dit laat maar één ding zien: haar eigen onwetendheid van wat Marx tegenover zijn hekelaars aan de kaak stelde met betrekking tot de Alliantie van Bakoenin, toen hij verzekerde (als bewijs van zijn “stompzinnigheid”) dat de strijd van de Algemene Raad van de Eerste Internationale tegen Bakoenin een “complot” was “van de zon tegen de schaduw”!

(6) Wij willen terloops een kleine noot toevoegen om de waarheid te herstellen: a. Het idee, naar voren gebracht door het IBRP, dat er in de IKS nog maar één van de “oprichtende leden” (Peter) is overgebleven is een pure leugen. Wij raden het IBRP aan om de juistheid van de informatie die ze toegespeeld krijgt van de IFIKS voortaan te verifiëren. Want zoals Lenin zei: “wie iemand op zijn woord gelooft is een onverbeterlijke idioot”.

b. Het feit dat iemand tot de oprichters behoort, betekent geenszins dat hij is gevrijwaard van verraad. Moeten we het IBRP eraan herinneren dat van de zes leden die de Iskra hebben opgericht (en die van een ander niveau waren dan deze bende schurken), er vier zijn die verraad hebben gepleegd en tijdens de Eerste Wereldoorlog zijn overgelopen naar het burgerlijke kamp? Lenin was het enige lid van de Iskra, die tot aan het einde trouw is gebleven aan de revolutionaire zaak.

Tenslotte moeten we nog een andere waarheid herstellen: de leden van de IFIKS zijn geen “leiders van de oude garde”, zoals het IBRP beweert. Geen van deze elementen behoorde tot de “oprichters van Révolution Internationale” (die met onze afdeling in Venezuela de voorloper was van de IKS), zoals zij overal rondbazuinen om zichzelf ‘op te hemelen’ met een ongelofelijke pretentie. Zelfs niet de oudste onder hen, de onzichtbare man (en ‘grondlegger’ van de IFIKS), burger Jonas: hij verliet de organisatie onmiddellijk na de terugval van de beweging van Mei ’1968 om later, in het midden van de jaren 1970, weer terug te keren.

En het is juist om te voorkomen dat er nog meer licht wordt geworpen op hun loopbaan binnen de IKS dat de leden van de IFIKS van geen Erejury willen weten. Deze striphelden, die zichzelf voor Superman of Wondervrouw houden, bedriegen liever iedereen die, zoals het IBRP, heel graag hun kinderverhaaltjes geloven. Het is niet omdat ze heel lang militant zijn geweest of benoemd werden in centrale organen dat ze “leiders van de oude garde” waren. In feite spelen ze “Aap, wat heb je mooie jongen” met elkaar om hun blazoen op te poetsen: het IBRP stuurt bloemen aan de leden van de IFIKS door ze voor te stellen als “leiders” van de “oude garde van de IKS” en de IFIKS betaald ervoor met de verklaring dat het IBRP de “enige serieuze pool van krachtenbundeling van de Kommunistische Linkerzijde” is. Daarop komt de hele diplomatieke ruil neer tussen het IBRP en de IFIKS!