De situatie in de Oekraïne glijdt af naar militaire barbarij

Printvriendelijke versieVerstuur per e-mail

De huidige crisis in Oekraïne is de ergste sinds het uiteenspatten van Joegoslavië vijfentwintig jaar geleden. Rusland probeert zijn belangen in de regio te verdedigen tegen de pogingen van de westerse krachten om er hun invloed te vergroten. Dat dreigt een burgeroorlog te ontketenen en de regio te destabiliseren.

Het land heeft een nieuwe president, Petro Porochenko, in de eerste ronde van de verkiezingen door een meerderheid verkozen, omdat hij beloofde “de terroristische separatisten” in het oosten van het land zonder uitstel te verpletteren. Maar hij vertegenwoordigt geen nieuwe hoop. Hij begon zijn politieke carrière in de Verenigde Sociaaldemocratische Partij van Oekraïne, sloot zich toen aan bij de Partij van de Regio's, als loyale aanhanger van Koetsjma, een bondgenoot van Rusland, vooraleer hij koos voor het Ons Oekraïne Blok van Joesjtsjenko in 2001. Hij was minister in de regeringen van Joesjtsjenko en Janoekovytsj. Hij is miljardair in chocolade, werd in 2005 beschuldigd van corruptie en kwam op bij de presidentsverkiezingen met de steun van de ex-bokser Vitali Klytsjko – die op dat moment zelf verkozen werd tot burgemeester van Kiev – en zijn corrupte kompanen Levochkin en Firtash. Oekraïne wordt vandaag geregeerd door een nieuwe corrupte oligarch, die het enige perspectief doordrukt dat het verrotte kapitalistische systeem in petto heeft voor de mensheid: militarisme en soberheid.

Oekraïne bleek niet in staat de Russisch gezinde separatisten snel te verslaan. De strijd duurt voort en Oekraïne sloeg een aanval van de separatisten op de luchthaven van Donetsk af, met tientallen slachtoffers en het verlies van een helikopter met een generaal aan boord als gevolg. De gevechten gaan door en de separatisten behouden hun posities.

Verre van een nieuwe periode van stabiliteit en groei in te luiden, betekende de presidentsverkiezing van 25 mei een nieuwe stap in het afglijden in een bloedige burgeroorlog, net als de referenda die de separatisten organiseerden in de Krim in maart en in Donetsk en Loehansk in mei. De interne verdelingen in dit kunstmatige en failliete land verbreden zich, aangewakkerd door de imperialistische manoeuvres van buitenaf. Het gevaar bestaat dat dit land wordt uiteengescheurd door de burgeroorlog, de etnische zuiveringen, de pogroms, de moordpartijen en de uitbreiding van de imperialistische conflicten.

De ingebakken instabiliteit van Oekraïne

Oekraïne is het tweede grootste land van Europa qua oppervlakte, maar is een kunstmatige constructie met 78% Oekraïners en 17% Russisch-sprekenden, in de meerderheid in het Donetsbekken, plus een aantal andere nationaliteiten waaronder de Krimtataren. De verdelingen inzake de economische rijkdommen volgen dezelfde breuklijnen: in het Russisch-sprekende oosten voert de steenkool- en staalindustrie massaal uit naar Rusland en vertegenwoordigt ze 25% van de export, terwijl het westelijk deel, dat het toneel was van de “Oranjerevolutie” in 2004 en van de betogingen op het Onafhankelijkheidsplein (Majdan) tijdens de afgelopen winter, naar het Westen lonkt om zich uit de slag te trekken.

De economie is failliet. In 1999 was de productie met 40% gedaald vergeleken met 1991, het jaar dat Oekraïne onafhankelijk werd. Na een korte opleving heeft ze opnieuw 15% verloren tegen 2009. Het industriepark in het oosten is verouderd, bijzonder gevaarlijk en vervuilend. De nakende uitputting van de mijnen heeft een verhoging van het gevaar op arbeidsongevallen meegebracht, omdat op dieptes tot 1200 meter ontgonnen wordt, met risico op ontploffingen van methaangas en steenkoolstof en het uiteenbarsten van rotsen – omstandigheden die onlangs meer dan 300 doden gekost hebben in Soma (Turkije). De vervuiling door de mijnen tast de watervoorziening aan, terwijl de molens die restproducten van steenkool en ijzer verwerken zichtbaar vervuilde lucht uitbraken en de opeenstapeling van stenen en roestig metaal grondverschuivingen van de modderige bodem kan veroorzaken (1).

Daar moet nog de radioactiviteit van de mijnuitbating uit de nucleaire periode van de Sovjetunie aan worden toegevoegd. Die industrieën zijn niet opgewassen tegen de concurrentie, noch op middellange termijn, noch op korte termijn, als ze op moeten boksen tegen de EU. Het zal echter niet evident zijn iemand te vinden die de nodige investeringen wil doen. Zeker niet de oligarchen wiens opzet het is hun zakken rijkelijk te vullen ten koste van de economie. Evenmin Rusland, dat zichzelf uit de slag moet trekken met de verouderde industrie die het uit de Sovjettijd geërfd heeft. En al evenmin het kapitaal van West-Europa dat zelf moest overgaan tot het sluiten van het grootste deel van zijn eigen mijn- en metaalindustrie tussen 1970 en 1980. Het idee dat Rusland een oplossing zou kunnen voorstellen voor de economische rampspoed, de verpaupering en de werkloosheid die voortdurend erger worden naarmate de oligarchen zich verrijken – een soort heimwee naar het stalinisme en zijn verborgen werkloosheid – is een gevaarlijke illusie die juist het vermogen van de arbeidersklasse kan verzwakken om zichzelf te verdedigen.

Illusies over Europees geld zijn al even gevaarlijk. Het IMF heeft in maart een waarborg toegezegd ter waarde van 14 tot 18 miljard dollar, die de 15 miljard dollar vervangt die Rusland ingetrokken heeft na de val van Janoekovytsj. Die toezegging is verbonden aan voorwaarden zoals een strikte soberheid, die een verhoging van de brandstofprijs met 40% meebrengt, het wegsaneren van 10% in de openbare sector, hetzij ongeveer 24.000 jobs. En de werkloosheidscijfers zijn niet betrouwbaar, want vele personen zijn niet geregistreerd of werken deeltijds.

Toen Oekraïne nog deel uitmaakte van de USSR en het in het westen begrensd werd door satellietlanden van Rusland, bedreigden de verdelingen de integriteit van het land niet – wat niet wil zeggen dat die verdelingen niet bestonden. Een voorbeeld: 70 jaar geleden werden de Krimtataren gedeporteerd en een aantal ervan zijn zeer onlangs teruggekeerd. De verdelingen worden op weerzinwekkende en bloeddorstige wijze door alle partijen gebruikt. Niet enkel de extreemrechtse partij Svoboda of de voorlopige regering van Stepan Bandera, de Oekraïense nazi en oorlogskraaier, maar ook Joelija Timosjenko roept op tot het vermoorden en bombarderen van de Russische leiders en bevolking, en Porochenko brengt dit in praktijk. Het Russische kamp is al even misselijk en moorddadig. Beide clans hebben hun paramilitaire milities gevormd. Zelfs Kiev rekent niet alleen op zijn geregelde leger. Die ongeregelde krachten verwelkomen de gevaarlijkste fanatici, huurlingen, terroristen, moordenaars, ze oefenen terreur uit over de burgerbevolking en moorden elkander uit. Eens deze krachten ontketend zijn, neigen ze ertoe zelfstandig en oncontroleerbaar te worden, wat tot eenzelfde dodentol zal leiden als in Irak, Afghanistan, Libië of Syrië.

Rusland verdedigt zijn strategische belangen in de Krim

Het Russische imperialisme heeft de Krim nodig voor haar marinebasis aan de Zwarte Zee, een warme zee met toegang tot de Middellandse Zee. Zonder zijn bases in de Krim kan Rusland zijn operaties in de Middellandse Zee en in de Indische Oceaan niet handhaven. Zijn strategische positie staat of valt met de Krim. Rusland heeft Oekraïne ook nodig voor de verdediging van de gasleiding South Stream die nu aangelegd wordt. Dit was voor Rusland een constante zorg sinds de onafhankelijkheid van Oekraïne. Rusland kan absoluut geen pro-westerse regering tolereren in de Krim, vandaar zijn negatief antwoord op om het even welke vraag inzake een akkoord met de EU. In 2010 heeft Rusland ingestemd met een verlaging van de gasprijs in ruil voor een verlenging van de huur van de marinebasis op de Krim. Toen de regering Janoekovytsj een associatieverdrag met de EU in november vorig jaar op de lange baan schoof, antwoordde Rusland daarop met een hulpaanbod ter waarde van 15 miljard dollar, dat opgeschort werd toen Janoekovytsj afgezet werd en hij Oekraïne ontvluchtte. Korte tijd later heeft Rusland zich meester gemaakt van de Krim en een referendum georganiseerd over de aanhechting ervan. Ondanks dat dit referendum internationaal niet werd erkend, werd dit uitgespeeld in de Russische oorlogspropaganda ten voordele van de annexatie.

Zo bezat Rusland in maart de facto de Krim, zonder internationale erkenning. Maar de Krim is nog niet veilig gesteld, omdat het gebied wordt omringd door Oekraïne, een land dat op het punt staat een associatieverdrag te tekenen met de EU en zich dus verbindt met de vijanden van Rusland. Door nieuwe sponsors te vinden in West-Europa, probeert Oekraïne zich te bevrijden van de Russische chantage. Om strategische redenen, namelijk een landbrug naar de Krim, moet Rusland de controle verwerven over het oostelijk deel van Oekraïne. Oost-Oekraïne is een heel andere zaak dan de Krim, ondanks het relatief gewicht van het Russisch-sprekende deel van de bevolking, dat als voorwendsel diende voor de invasie. Omdat ze geen militaire basis hebben in het oosten van Oekraïne, kunnen de separatistische referenda van Donetsk en Loehansk die regio's niet veilig stellen voor Rusland, maar die enkel destabiliseren, wat nog meer gevechten veroorzaakt. Oost-Oekraïne is zelfs niet zeker of ze de plaatselijke separatistische bendes kan controleren.

Rusland kan nog een andere kaart uitspelen in het kader van de mogelijke destabilisering van de regio: Transnistrië, dat zich afgescheurd heeft van Moldavië, aan de zuidwestelijke grens van Oekraïne, en waar ook een aanzienlijk deel van de bevolking Russisch spreekt.

Geen nieuwe Koude Oorlog, maar een nieuwe spiraal van militaire barbarij

Het gaat hier geenszins om een terugkeer naar de Koude Oorlog. De Koude Oorlog was een periode van tientallen jaren van militaire spanningen tussen beide imperialistische blokken die Europa onder elkaar verdeelden. In 1989 was Rusland zodanig verzwakt dat het zijn satellietstaten niet langer kon controleren, zelfs niet het grondgebied van de oude USSR, zoals we konden zien in de oorlog tegen Tsjetsjenië. Vandaag maken verschillende landen uit Oost-Europa deel uit van de NAVO, een machtsblok dat uitgegroeid is tot aan de grenzen van Rusland. Toch beschikt Rusland nog steeds over een nucleair arsenaal en behoudt het dezelfde strategische belangen. De dreiging van elke invloed in Oekraïne te verliezen is een dreiging van verzwakking die het niet kan toestaan. Rusland is dus gedwongen te reageren.

De VS is de enige overblijvende supermacht, maar het heeft niet langer het gezag van een blokleider over zijn 'bondgenoten' en concurrenten in Europa. Dat blijkt uit het feit dat de VS deze mogendheden niet meer kon mobiliseren om het te steunen in de tweede oorlog in Irak, wat nog wel gelukt was tijdens de eerste oorlog. De VS is in feite sterk verzwakt doordat ze al meer dan 20 jaar wegzakt in de oorlogen in Irak en Afghanistan. Bovendien wordt het geconfronteerd met de opkomst van een nieuwe rivaal, China, die bezig is Zuidoost-Azië en het Verre Oosten te destabiliseren. Bijgevolg, en ondanks de intentie van de Verenigde Staten om hun militair budget te verlagen, is de VS verplicht de aandacht toe te spitsen op dit deel van de wereld. Obama zei:

“Enkele van onze grootste fouten uit het verleden vloeien niet voort uit ons terugtrekken, maar uit onze drang ons in militaire avonturen te storten, zonder rekening te houden met de gevolgen ervan.” (2)

Dat betekent niet dat de VS niet zal proberen een stuk van de taart te bemachtigen in Oekraïne, langs diplomatische weg, via propaganda en geheime operaties, maar er is geen vooruitzicht op onmiddellijke militaire interventie. Rusland staat niet oog in oog met een verenigd Westen, maar met een veelheid van landen die elk hun eigen imperialistische belangen verdedigen, ook al veroordelen ze allen in woorden de interventie van Rusland in Oekraïne. Groot-Brittannië wil niet weten van sancties die de Russische investeringen in de City (Londen) schaden. Duitsland houdt rekening met zijn afhankelijkheid van gasbevoorrading uit Rusland, ook al is het op zoek naar andere energiebronnen. De Baltische staten pleiten voor de strengste veroordeling en maatregelen, aangezien zij zich ook bedreigd voelen in de mate dat grote delen van hun bevolking ook uit Russen bestaan. Zo ontketent het Oekraïens conflict een nieuwe spiraal van militaire spanningen in het oosten van Europa, wat aantoont dat zij een ongeneeslijke kanker zijn.

Vandaag krijgt Rusland te maken met sancties die mogelijk verlammend kunnen werken, omdat ze betrekking hebben op de uitvoer van olie en gas. De recente ondertekening van een contract om gas aan China te verkopen is dan een grote hulp. China heeft de VN niet gevolgd in de veroordeling van de annexatie van de Krim door Rusland.

Op het vlak van de propaganda hanteert China inzake Taiwan dezelfde principes als Rusland inzake de Krim: de eenheid van de volkeren die Chinees spreken. Maar het principe van zelfbeschikking voor de talloze minderheden op zijn grondgebied wil het niet erkennen.

Alle fracties van de bourgeoisie, zowel die binnen Oekraïne als degene die van buitenaf manoeuvreren, hebben af te rekenen met een situatie waarin elke beweging de toestand erger maakt. Het doet denken aan de “zetdwang” bij het schaken, een spel dat geliefd is bij Russen en Oekraïners, waarbij elke zet die een speler doet zijn situatie erger maakt, wat maakt dat hij enkel kan bewegen – of opgeven.

Bijvoorbeeld: Kiev en de EU wensen toenadering, wat enkel kan leiden tot een conflict met Rusland en separatisme in het oosten. Rusland wil zijn controle over de Krim versterken, maar omdat het geen controle kan verwerven over Oekraïne of het oostelijk deel daarvan, kan het niets anders doen dan onenigheid en instabiliteit opwekken. Hoe meer de spelers hun belangen proberen te verdedigen, hoe chaotischer de situatie wordt en hoe meer het land afglijdt naar openlijke burgeroorlog – zoals Joegoslavië in de jaren 1990. Dit is een kenmerk van de ontbinding van het kapitalisme, de heersende klasse kan de maatschappij geen rationeel perspectief meer bieden en de arbeidersklasse is nog niet bij machte haar eigen perspectief voorop te stellen.

Het gevaar voor de arbeidersklasse

Het gevaar voor de arbeidersklasse in deze situatie, is dat ze zich laat mobiliseren achter één van de verschillende nationalistische fracties. Dat gevaar neemt nog toe door de historische vijandigheid die steunt op de al te reële barbarij die door elk van de fracties gedragen werd doorheen de hele 20e eeuw: de Oekraïense bourgeoisie kan de bevolking en de arbeidersklasse in het bijzonder herinneren aan de hongersnood die miljoenen mensen heeft gedood als gevolg van de verplichte collectivisering onder stalinistisch Rusland; de Russen van hun kant kunnen hun bevolking herinneren aan de steun die de Oekraïners aan Duitsland gaven tijdens de Tweede Wereldoorlog; en de Tartaren zijn niet vergeten hoe ze uit de Krim verbannen werden met de dood van ongeveer de helft van de betrokken 200.000 personen als gevolg. Er bestaat ook het gevaar voor de arbeidersklasse aan deze of gene fractie te verwijten dat ze verantwoordelijk is voor het verergeren van de ellende en zo in de val te trappen van de verdediging van het andere kamp. Geen van de kampen heeft de arbeidersklasse ook maar iets te bieden, tenzij verergering van de soberheid en een bloeddorstig conflict.

Het is haast onvermijdelijk dat een aantal arbeiders zullen worden meegesleurd in pro- of anti-Russische sentimenten (3). We hebben echter geen zicht op de huidige werkelijke situatie. Maar het feit dat de Donetsbekken een slagveld is geworden voor nationalistische krachten onderstreept de zwakheid van de arbeidersklasse in deze zone. Geconfronteerd met werkloosheid en armoede hebben de arbeiders hier niet de kracht de strijd met hun klassenbroeders in West-Oekraïne op hun eigen terrein te ontwikkelen en lopen zo het risico tegen elkaar opgezet te worden.

Er is een sprankel hoop, klein maar betekenisvol: een minderheid internationalisten in Oekraïne en in Rusland, de KRAS en anderen, verdedigt het standpunt van de arbeidersklasse met de moedige verklaring: “Oorlog aan de oorlog! Geen enkele druppel bloed voor de ‘natie’!” (4) De arbeidersklasse, ook al kan ze haar revolutionair perspectief nog niet vooropstellen, is niet verslagen op internationaal vlak. Zij is de enige hoop op een alternatief voor het kapitalisme dat halsoverkop afstormt op een muur van barbarij en zelfvernietiging n

Alex, 08.06.2014

 

Voetnoten

(1) Niemand die in 1966 in het VK leefde, kan zulke grondverschuivingen noemen zonder zich te herinneren aan de ramp van Aberfan, waarin een steenberg een basisschool bedolf en 116 kinderen en 28 volwassenen doodde.

(2) The Economist, 31.05.2014

(3) Zo verzamelden zich 300 mijnwerkers, een aanzienlijk klein aantal, ter ondersteuning van de mijnwerkers. (http://www.theguardian.com/world/2014/may/28/miners-russia-rally-donetsk)

(4) Zie onze website: “Verklaring van internationalisten over het Russich-Oekraïense conflict” http://nl.internationalism.org/node/1088